Vraag en antwoord

Krijg ik een lagere bijstandsuitkering als ik andere inkomsten heb?

Uw bijstandsuitkering wordt verlaagd als u eigen inkomsten heeft. De bijstandsuitkering vult uw eigen inkomsten aan tot het bedrag dat voor u geldt (het normbedrag).

Inkomsten

Uw inkomsten kunnen bestaan uit:

  • geld dat u verdient met werken;
  • inkomsten in verband met werk zoals een Werkloosheidswetuitkering (WW-uitkering);
  • heffingskortingen van de Belastingdienst. De kinderkorting en de jonggehandicaptenkorting worden niet meegeteld. Voor alleenstaande ouders van wie het jongste kind jonger dan 5 jaar is, tellen de aanvullende alleenstaande ouderkorting en de combinatiekorting ook niet mee bij de inkomsten;
  • studiefinanciering, zowel voor u als uw partner en in sommige gevallen ook voor thuiswonende kinderen. Bent u alleenstaand en ontvangt u studiefinanciering, dan heeft u geen recht op bijstand;
  • inkomsten van andere personen in uw gezin. Het loon dat kinderen jonger dan 18 jaar verdienen telt niet mee;
  • alimentatie.

Deze opsomming is niet uitputtend. Voor meer informatie kunt u terecht bij uw gemeente.

Werken en bijstand

Soms wordt een deel van uw loon niet meegeteld als inkomsten. U kunt voor 6 maanden een kwart van uw salaris behouden. Er is een maximum van € 186,- per maand. Dit kan als de gemeente vindt dat deze baan u helpt om uit de bijstand te komen.

Vrijwilligerswerk

Als u vrijwilligerswerk doet, kunt u hiervoor een onkostenvergoeding krijgen. U mag per maand maximaal € 150,- houden zonder dat het gevolgen heeft voor uw bijstandsuitkering. Per jaar is het maximum dat u mag behouden € 1500,-. Voorwaarde is dat de gemeente het vrijwilligerswerk nodig vindt voor uw re-integratie. Voor het overige vrijwilligerswerk geldt dat u van uw onkostenvergoeding maximaal € 95,- per maand of maximaal € 764,- per jaar mag houden.