Vraag en antwoord
Wat houdt het Grotestedenbeleid (GSB) in?
Het Grotestedenbeleid (GSB) van de overheid is bedoeld om problemen in de steden aan te pakken. Het beleid bestaat sinds 1994 en richt zich op 31 grote en middelgrote steden, de G31 gemeenten. Dit zijn de 4 grote steden (G4) en de 27 middelgrote steden (G27).
G4 gemeenten
De G4 gemeenten zijn: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht.
G27 gemeenten
De G27 gemeenten zijn: Alkmaar, Almelo, Amersfoort, Arnhem, Breda, Deventer, Dordrecht, Eindhoven, Emmen, Enschede, Groningen, Haarlem, Heerlen, Helmond, Hengelo, ’s-Hertogenbosch, Leeuwarden, Leiden, Lelystad, Maastricht, Nijmegen, Schiedam, Sittard-Geleen, Tilburg, Venlo, Zaanstad en Zwolle.
Wijkverbetering
De Rijksoverheid wil samen met de bewoners en maatschappelijke organisaties de leefomgeving in de wijken verbeteren. Daarom is gekozen voor een sterke wijkenaanpak om wijken met problemen weer aantrekkelijk te maken. Gemeenten, woningcorporaties, bedrijfsleven, politie, welzijnswerkers en scholen werken hiervoor samen met de inwoners van de wijken. Het gaat hier om aandachtswijken. Aandachtswijken zijn wijken met problemen rond wonen, werken, leren, integreren en veiligheid.
Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek
De Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek geeft steden de ruimte om zelf maatregelen te treffen voor specifieke problemen. Ze krijgen meer mogelijkheden om het economische klimaat te versterken, de huisvesting van bepaalde inkomensgroepen op orde te brengen en panden die overlast geven te sluiten.
Europees grotestedenbeleid
De Europese Unie (EU) ondersteunt het Nederlandse GSB met inhoudelijke en financiële bijdragen.
Meer informatie GSB
Meer informatie over het GSB vindt u op www.grotestedenbeleid.nl.