Vraag en antwoord
Wat is de taak van de vergunninghouder tijdens de buitenlandse adoptieprocedure?
De vergunninghouder bemiddelt tijdens de buitenlandse adoptieprocedure (interlandelijke adoptie). Alleen organisaties met een vergunning van het ministerie van Veiligheid en Justitie mogen bemiddelen.
Bemiddeling tijdens adoptieprocedure
In de bemiddelingsfase komt het contact tot stand met de bevoegde instanties in het buitenland. De vergunninghouder kent de regels, de procedure, hij weet de weg in het buitenland en beschikt daar over de juiste contactpersoon.
Een aspirant-adoptieouder kan ook kiezen voor
deelbemiddeling. Hij legt dan zelf via
een eigen contact in het buitenland de basis voor een adoptie. Bij
deelbemiddeling is de taak van de vergunninghouders beperkt.
Klachtenregeling vergunninghouders
Bent u niet tevreden over het gedrag van een vergunninghouder, dan kunt u
schriftelijk een
klacht indienen bij het
secretariaat van de Klachtencommissie vergunninghouders interlandelijke adoptie
(KVIA). U kunt een klacht indienen over bijvoorbeeld het niet nakomen van
afspraken of onvoldoende hulp in het buitenland. Een onafhankelijke
klachtencommissie beoordeelt de klacht.