Misbruik van 112

Het alarmnummer 1-1-2 is uitsluitend voor spoedeisende hulp. Bel dit nummer dus alleen voor noodsituaties. Wanneer iemand dit nummer om een andere reden belt, is dit misbruik (opzet) of onjuist gebruik (per ongeluk). Misbruik is strafbaar.

Misbruik of onjuist gebruik

Van alle telefoontjes naar het alarmnummer 1-1-2 is bij een groot deel sprake van misbruik of onjuist gebruik. Dit is levensgevaarlijk, want daardoor krijgt iemand anders in nood geen verbinding met de alarmcentrale. Ook loopt een misbruiker het risico dat wanneer hij later daadwerkelijk in nood is, de meldkamer hem niet serieus neemt. De meldkamer heeft zijn telefoonnummer namelijk geregistreerd als ‘misbruik 1-1-2’.

Plaagbellers

Vooral jongeren tussen de 10 tot 18 jaar vinden het leuk om de centralisten van 1-1-2 te plagen. Hierdoor stijgt het aantal misbruiktelefoontjes op woensdagmiddag, zaterdagavond, zondagmorgen en in schoolvakanties. Hierdoor kunnen hulpdiensten mensen in nood mogelijk niet op tijd helpen. Dit is levensgevaarlijk.

Plaagbellers zijn voor de politie eenvoudig op te sporen. De alarmcentrale registreert namelijk zijn of haar telefoonnummer, waardoor politie ziet wie er heeft gebeld. Ook als diegene een geheim telefoonnummer heeft of zonder SIM-kaart belt. Misbruik maken van 1-1-2 is dus niet anoniem. Voor deze groep jonge bellers is een filmpje gemaakt over wat de politie doet bij misbruik.

Broekzakgesprekken

Per jaar bellen zo’n 1.000.000 mensen per ongeluk met hun mobiele telefoon naar 1-1-2 doordat in hun broekzak, koffer of een tas de beltoets wordt ingedrukt. Mensen weten vaak niet dat als de toetsen geblokkeerd zijn, ze toch 1-1-2 kunnen bellen. Bijvoorbeeld als hun beltegoed op is en in het scherm ‘noodoproep’ verschijnt. Na alleen het indrukken van de beltoets maakt de telefoon direct contact met de alarmcentrale.

Spelende kinderen

Kinderen die met een oud mobieltje van hun ouders spelen, kunnen ook 1-1-2 bellen. Ook als als er geen beltegoed meer op zit. Het enige nummer wat dan nog gebeld kan worden, is het alarmnummer 1-1-2. In het scherm verschijnt ‘noodoproep’. Als het kind dan de beltoets indrukt, belt hij of zij automatisch naar de alarmcentrale. Let er daarom op dat de batterij leeg is en dat er niet echt meer met het mobieltje gebeld kan worden.

Tip

Programmeer het nummer niet onder de naam 1-1-2 of ALARM in het telefoongeheugen. Het nummer staat dan bovenaan in het geheugen. Mensen kunnen zich dan snel vergissen bellen per ongeluk 1-1-2 door de beltoets in te drukken. Het is daarom beter om dit nummer te onthouden of dit nummer op een sticker te schrijven en op de mobiele telefoon te plakken.

SOS-noodoproep

Als een mobiele telefoon buiten het bereik van zijn eigen netwerk komt, geblokkeerd is, of de SIM-kaart niet goed geplaatst is, kan er op het scherm de tekst ‘Noodoproep’ of ‘SOS’ verschijnen. Dit betekent dat met het toestel op dat moment alleen nog 1-1-2 gebeld kan worden. Veel bezitters weten dit niet, en drukken op de beltoets zodra ze deze oproep lezen.

Bericht van de politie over onjuist gebruik 1-1-2

Als u een sms of voicemail van 1-1-2 ontvangt, kan dat zijn omdat u per ongeluk een noodoproep heeft gedaan. Bijvoorbeeld omdat u uw telefoon heeft gebruikt terwijl die in uw tas zat. Heeft u hier een vraag over, stuur dan een e-mail met uw vraag, naam en telefoonnummer naar: teleservice@klpd.politie.nl.

Traumahelicopter boven een stad.

Verantwoordelijk ministerie