Architectuurbeleid
Het Groninger Museum, de Erasmusbrug, de spectaculaire ontwikkeling langs de IJ-oevers in Amsterdam: wie door Nederland reist ziet indrukwekkende architectuur. Bijzondere architectuur is echter geen garantie voor een prettige omgeving.
Het kabinet presenteert in 2012 het nieuwe architectuurbeleid.
Beleid: vroegtijdig aandacht voor ontwerp bouwprojecten
Mooie nieuwbouw of monumentale gebouwen komen soms niet tot hun recht door de gebouwen die hen omringen. De samenhang tussen huizen, winkels, bedrijven, wegen en parken is minstens zo belangrijk.
Het Rijk wil de kwaliteit van onze woon- en werkomgeving verbeteren. Dat doet ze door (landschaps-) architecten en stedenbouwkundigen eerder te betrekken bij bouwplannen. Regio’s en gemeenten en andere opdrachtgevers krijgen daar steun bij via subsidies en organisaties. Daarnaast stimuleert het Rijk de herbestemming van monumenten en oude gebouwen, zodat ze kunnen worden gered van afbraak.
Het aantal inwoners van steden groeit nog steeds. Hierdoor moeten steeds meer mensen op dezelfde oppervlakte wonen. Plattelandsdorpen lopen langzaam leeg, verval dreigt. Er komen steeds meer bedrijventerreinen, die het beeld van een stad kunnen bepalen. En ook voor andere zaken is ruimte nodig: voor auto en trein, windmolens en waterberging, landbouw en natuur.
Veel burgers vinden dat het Nederlandse landschap daardoor rommelig wordt. Het kabinet wil dit tegengaan door architecten en stedenbouwkundigen eerder te betrekken bij de plannen voor bouwprojecten of ingrepen in het landschap. Zij kunnen zorgen voor meer eenheid en kwaliteit bij de bouw van wijken, infrastructuur en bedrijventerreinen. Daarnaast moeten opdrachtgevers, beleidsmakers, ontwerpers en gebruikers meer aandacht krijgen voor de kwaliteit van onze leefomgeving.
Het architectuurbeleid 2009-2012 bevat daarvoor drie speerpunten.
- Het Rijk gaat als opdrachtgever structureel en vroegtijdig aandacht besteden aan ontwerp. Landschapsarchitecten, architecten en stedenbouwkundigen worden eerder betrokken bij de planning van bouwprojecten. Zo werkt het project Randstad 2040 met ontwerpateliers, die beelden over de toekomst van de Randstad ontwikkelen. Meer informatie over dit onderwerp te vinden is te vinden onder Opdrachtgeverschap bouwprojecten.
- Het Rijk versterkt de positie van stedenbouw en regionaal ontwerp. Bebouwing en ruimten worden in samenhang bekeken, niet als losstaande projecten. Zo is er bijvoorbeeld een pilot gestart waarbij opdrachtgevers voor de bouw van industrie- en bedrijventerreinen worden ondersteund. Doel daarbij is om deze terreinen zo goed mogelijk in het stedelijke gebied te integreren. Meer informatie hierover is te vinden onder Stedenbouw.
- Waardevolle gebouwen en gebieden die hun functie verliezen krijgen een nieuwe bestemming. Oude kazernes worden bijvoorbeeld omgebouwd tot appartementen en oude kerken krijgen een bestemming als kantorenruimte of buurthuis. Meer informatie hierover staat onder het onderwerp Monumenten en archeologie.
Daarnaast wil het kabinet het architectuurklimaat in Nederland bevorderen. Ontwerp moet een belangrijkere plaats krijgen bij de planning en bouw van infrastructuur en wijken. Niet alleen het ontwerp van woningen, maar ook de samenhang met de omgeving.
Daartoe wordt meer geïnvesteerd in de ondersteuning van gemeenten, provincies, bedrijven en particuliere opdrachtgevers van bouwprojecten. Er is bijvoorbeeld al een Service Centrum Scholenbouw dat opdrachtgevers ondersteunt bij het proces van planning, ontwerp en bouw van scholen. Meer informatie hierover staat onder Opdrachtgeverschap bouwprojecten.
Verder stelt het kabinet een leerstoel ontwerp in aan de Technische Universiteit Delft. In opleidingen wordt meer aandacht besteed aan stedenbouw. Meer informatie hierover is te vinden onder Onderwijs voor architectuur en stedenbouw.
Organisatie architectuur en stedelijke ontwikkeling
Het kabinet stelt het beleid vast op het gebied van architectuur en stedelijke ontwikkeling. Vier ministeries zijn daarbij betrokken bij het beleid:
- Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
- Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Economische Zaken, Landbouw en Innovatie
- Verkeer en Waterstaat
Uitvoering
De uitvoering van dat beleid vindt namens de overheid plaats door verschillende
organisaties. Het gaat daarbij om organisaties die subsidies verstrekken, kennis
verzamelen en uitdragen en bijvoorbeeld advies geven aan lokale overheden. De
volgende organisaties spelen een rol in de uitvoering van het beleid van de
Rijksoverheid.
Rijksbouwmeester en het College van Rijksadviseurs
De Rijksbouwmeester adviseert de regering over het beleid over het
architectuurbeleid en de rijkshuisvesting. Daarbij gaat het om het vaststellen
van het beleid en bijvoorbeeld de keuze van architecten voor
rijksoverheidsgebouwen.
Een overzicht van de projecten waarbij de Rijksbouwmeester betrokken is, is
te vinden op de website van
Atelier
Rijksbouwmeester.
De Rijksbouwmeester is lid van het College van Rijksadviseurs. Het college stimuleert onderzoek en verbetert de rol van de Rijksoverheid als opdrachtgever. Het college adviseert over diverse ruimtelijke inrichtingsvraagstukken, zoals het ontwerp van wegen, plaatsing van windturbines en hoogbouw in Nederland.
Nederlands Architectuurinstituut
Het Nederlands
Architectuurinstituut (NAi) in Rotterdam is een onafhankelijk instituut voor
ondersteuning van Nederlandse bouwkunst en vakdeskundigen. Het NAi heeft als
sectorinstituut een langjarig subsidieperspectief in de basisinfrastructuur.
Het NAi:
- vertegenwoordigt Nederland bij de promotie van de sector in het buitenland, bijvoorbeeld bij congressen en presentaties;
- stimuleert educatie, voorlichting en debat over architectuur en stedelijke ontwikkeling;
- inventariseert het Nederlands erfgoed, beoordeelt de waarde en stimuleert herbestemming;
- documenteert en archiveert kennis over architectuur en stedelijke ontwikkeling;
- zorgt voor afstemming van de projecten en initiatieven binnen de sector.
Het NAi beheert een collectie van tekeningen en maquettes, voor een groot deel afkomstig uit archieven van Nederlandse architecten uit het verleden. Deze zijn toegankelijk voor het publiek en worden daarnaast regelmatig tentoongesteld. De collectie wordt ook als studiemateriaal ter beschikking gesteld.
Berlage instituut
Het Berlage Instituut verzorgt een
internationale postdoctorale opleiding voor ruimtelijke planning. De opleiding
is bedoeld voor bijzonder talentvolle jonge architecten uit binnen- en
buitenland. Studenten kunnen hun kennis van architectuur verder vergroten en
verdiepen.
Het instituut werkt samen met vooraanstaande onderwijsinstellingen in binnen- en buitenland. Ook organiseert het Berlage Instituut lezingen en presentaties over architectuur.
Architectuur Lokaal
Architectuur Lokaal voorziet lokale overheden
van informatie en documentatie op het gebied van architectuur en stedelijke
ontwikkeling. Het doel is om de kwaliteit van lokaal architectuurbeleid en
gemeentelijk opdrachtgeverschap te verhogen.
Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam
De Internationale
Architectuur Biënnale Rotterdam (IABR) is een internationaal evenement met
tentoonstellingen, conferenties, lezingen en andere activiteiten. Elke editie
heeft een thema op het gebied van architectuur en stedenbouw.
De IABR bevordert de internationale uitwisseling van ideeën en het openbare debat. De organisatie richt daarbij niet alleen op ontwerpers, onderzoekers en kunstenaars. Ook politici, projectontwikkelaars, maatschappelijke organisaties en burgers worden bij de discussie betrokken. Daarbij staan urgente maatschappelijke problemen centraal. Het thema van de laatste editie (2009) was: Open cities; designing coexistence’.
Dutch Design Fashion and Architecture (DutchDFA)
Dutch Design Fashion and Architecture (DutchDFA) is een tijdelijk, vierjarig
programma (2009-2012). Het Rijk, de brancheorganisaties én de sectorinstituten
voor architectuur en vormgeving leveren een financiële bijdrage aan het
programma.
Doel van DutchDFA is om de positie van design, mode en architectuur van Nederlandse bodem, duurzaam te versterken in het buitenland. Hiervoor worden meerjarige programma’s opgesteld, die zijn gericht op China, India en Duitsland.
Het groeiend internationale succes van Nederlands design, mode en architectuur vormde de directe aanleiding voor het programma. Door de creatieve en innovatie kracht van deze sectoren wordt de economische concurrentiepositie en het imago van Nederland in het buitenland immers versterkt. Programma’s kunnen bestaan uit kennisontwikkeling, debatten, exposities, presentaties op beurzen, matchmaking en uitwisselingen tussen kennisinstellingen.
Subsidies voor architectuur en stedenbouw
Het Stimuleringsfonds voor Architectuur (SfA) verstrekt namens de rijksoverheid subsidies op het gebied van architectuur en stedenbouw.. De subsidies hebben als doel een betere kennisuitwisseling tussen ontwerpers, opdrachtgevers en bestuurders. Er worden geen concrete bouwprojecten gesubsidieerd.
De subsidies worden toegekend aan plannen op de volgende deelterreinen:
- Architectuur. Deze subsidie is bedoeld voor kennisuitwisseling tussen mensen die vakmatig met architectuur en stedenbouw bezig zijn. Maar ook voorlichting en educatie van het publiek vallen hieronder.
- Internationale projecten. Deze subsidies zijn bedoeld voor projecten waarbij Nederland zich internationaal kan profileren op het gebied van architectuur en stedenbouw. Ook internationale kennisuitwisseling valt hier onder.
- Jaarprogramma. Het SfA ondersteunt de jaarprogramma’s van architectuurcentra
in Nederland. Dit zijn centra die lokale en regionale activiteiten organiseren
waarbij architectuur centraal staat. Meer informatie hierover staat op de
website van
Architectuur
Lokaal - Onderzoek en ontwerp. De SfA geeft binnen dit programma subsidie aan onderzoek dat betrekking heeft op ruimtelijke vraagstukken.
Uitgebreide informatie over deze programma’s is te vinden op de website van
het
Stimuleringsfonds voor
Architectuur. Op deze website wordt ook een overzicht gegeven van de
projecten die
subsidie hebben gekregen.
Documenten en publicaties
Kamerbrief 'Meer dan kwaliteit: een nieuwe visie op cultuurbeleid'
De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap biedt zijn nieuwe visie op het cultuurbeleid aan.