Meer kwaliteit basisonderwijs

Je staat sterker in de maatschappij met een goede opleiding en een diploma op zak. Met name de basisvaardigheden rekenen en taal zijn noodzakelijk om goed te functioneren.

Kwaliteitsagenda

Dat is de reden waarom het kabinet extra geld steekt in het verbeteren van deze vaardigheden in het primair onderwijs (basisscholen en scholen voor speciaal onderwijs). Omdat de kwaliteit van het onderwijs staat of valt met voldoende en goed opgeleide leraren, wordt ook hierin de komende jaren veel geïnvesteerd.

In de Kwaliteitsagenda ‘Krachtig meesterschap’ en het dossier ‘Informatie voor onderwijspersoneel’ leest u meer over de overheidsinvesteringen in de kwaliteit van leraren. In de Kwaliteitsagenda voor het primair onderwijs ‘Scholen voor morgen’ staan de maatregelen die de overheid neemt voor de verbetering van het basisonderwijs.

Taal en rekenen

Het gaat niet slecht met taal en rekenen op de Nederlandse basisscholen, maar onderzoek wijst uit dat het beter kan. Er zijn nog te veel kinderen die aan het eind van de basisschool niet voldoende kunnen lezen, schrijven en rekenen. Zo heeft 15 procent van de kinderen van groep 8 moeite met technisch lezen (letters vlot kunnen koppelen aan klanken). Blijvende kwaliteitsverbetering en betere resultaten voor alle leerlingen zijn het doel van de Kwaliteitsagenda Primair Onderwijs die de overheid op dit moment samen met de onderwijssector uitvoert. De focus ligt op het verbeteren van de taal- en rekenprestaties van alle leerlingen. Niet alleen op die van zwakke leerlingen, maar ook op die van gemiddelde en talentvolle leerlingen.

Voor- en vroegschoolse educatie (vve), schakelklassen

Met het bestrijden en voorkomen van taalachterstanden kun je niet vroeg genoeg beginnen. Daarom moet er in 2011 een dekkend aanbod zijn van voor- en vroegschoolse educatie (vve) voor jonge kinderen die tot de doelgroep behoren. Ook is er geld beschikbaar voor schakelklassen of kopklassen waarin leerlingen met een achterstand extra taalonderwijs krijgen. En dat blijkt te helpen: kinderen krijgen na één jaar extra taalles maar liefst 23 keer zo vaak een havo/vwo-advies als leerlingen met een taalachterstand die niet in een schakelklas hebben gezeten.

Referentieniveaus

Scholen gaan werken met referentieniveaus voor taal en rekenen. Deze niveaus geven aan wat leerlingen aan het eind van de basisschool moeten kennen en kunnen op het gebied van taal en rekenen. Een kind moet aan het eind van de basisschool bijvoorbeeld weten wat bij rekenen de noemer en deler van een breuk is. Referentieniveaus gelden ook voor het vervolgonderwijs (voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs) en zullen naar verwachting vanaf augustus 2010 wettelijk zijn vastgelegd.

Op basis van toetsen kan een leraar zien of een leerling het gewenste niveau haalt. Zwakke leerlingen krijgen extra begeleiding. Goede leerlingen worden gestimuleerd om een hoger niveau te halen. Ook in het schooladvies spelen de richtlijnen een rol. De Citotoets die leerlingen in groep 8 op veel basisscholen afleggen, wordt aangepast aan de nieuwe eisen.

Aandacht voor talentvolle leerlingen

Scholen en leraren worstelen vaak met de vraag hoe ze (zeer) talentvolle leerlingen voldoende uitdaging kunnen bieden. De overheid investeert daarom ook in excellentieprogramma’s. Ongeveer 400 basisscholen doen mee aan 28 projecten om ervaring op te doen met speciale activiteiten en programma’s om getalenteerde leerlingen te stimuleren. Scholen die niet meedoen aan deze projecten, kunnen deelnemen aan landelijke excellentieprojecten zoals de digitale topschool en samenwerkingsverbanden met universiteiten. Bovendien worden bijeenkomsten georganiseerd om ervaringen uit te wisselen.

Actieplan Zeer Zwakke Scholen

De Inspectie van het Onderwijs stelde in 2009 vast dat van de 7500 scholen in het basisonderwijs ruim 100 scholen onvoldoende kwaliteit bieden. Met het ‘Actieplan zeer zwakke basisscholen’ pakt het kabinet dit probleem aan. Het aantal zwakke scholen moet in 2011 zijn gehalveerd. In 2010 en 2011 wordt hiervoor jaarlijks €2,4 miljoen uitgetrokken.

Onderdeel van het actieplan is dat schoolleiders die de zaken bij hun school goed op orde hebben, worden gekoppeld aan collega's van zwakke scholen (‘twinning’). Dit van elkaar leren komt de onderwijskwaliteit ten goede. De externe link: PO-Raad, de sectororganisatie voor het primair onderwijs, verzorgt op verzoek van de overheid daarnaast een aantal projecten om (zeer) zwakke scholen te helpen.

De Onderwijsinspectie biedt op haar website een externe link: overzicht van zeer zwakke scholen.

Meer en betere leraren basisonderwijs

Door de vergrijzing dreigt ook in het primair onderwijs een tekort aan leraren en schoolleiders. Als er niets gebeurt, dan is er in 2011 een lerarentekort van 2.400 banen in het primair onderwijs, 3% van het totaal. Ook de kwaliteit van de afgestudeerde docenten is in het geding; veel studenten die van mbo of havo instromen op de pabo hebben moeite met rekenen en taal. Om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren, trekt de overheid tot 2020 ruim €1 miljard extra uit. De plannen die met dit geld worden betaald staan in de zogeheten externe link: kwaliteitsagenda ‘Krachtig meesterschap’.

Meer informatie over dit onderwerp in het dossier ‘Informatie voor onderwijspersoneel’.