Noodzaak van biodiversiteit

Biodiversiteit omvat alle soorten en genen die er op aarde zijn. Er zijn bijna 2 miljoen soorten op de wereld bekend: dieren, planten, insecten en micro-organismen. De Europese Unie wil dat er in 2020 geen soorten meer verdwijnen door toedoen van de mens. 

Verlies biodiversiteit

De biodiversiteit gaat sterk achteruit. Bijna 16.000 dier- en plantensoorten worden wereldwijd met uitsterven bedreigd volgens de internationale natuurorganisatie externe link: IUCN. Als het verlies aan biodiversiteit onverminderd doorgaat, kost dat de wereldgemeenschap $50 miljard per jaar.

Oorzaken verlies biodiversiteit

Het is een natuurlijk proces dat soorten soms uitsterven. Maar sinds de industrialisatie verdwijnen dieren, planten, insecten en micro-organismen 1000 keer sneller dan 'natuurlijk' zou zijn. Dat komt door mensen. Mensen tasten leefgebieden van planten, dieren, insecten en micro-organismen aan. Bijvoorbeeld door:

  • Bossen kappen
    Bossen helpen om water, koolstof en de bodem vast te houden en zorgen zo voor bescherming tegen erosie en overstromingen.
  • Onduurzame landbouw
    Onduurzame landbouw zet kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen in om zoveel mogelijk te produceren. De bestrijdingsmiddelen verstoren het ecosysteem en leiden tot een forse afname van het aantal wilde planten- en diersoorten in akkerbouwgebieden.
  • Milieuvervuiling
    Door vervuiling van de lucht, de bodem en het water kunnen sommige soorten niet overleven.
  • Versnippering
    Steeds meer leefgebieden van planten en dieren worden opgeofferd voor woningen, kantoren en industrie. Wegen doorkruisen natuurgebieden. Daardoor kunnen diersoorten moeilijk van de ene plek naar de andere trekken, om daar bijvoorbeeld met soortgenoten paren. Hierdoor blijft de genetische variatie binnen de soort beperkt en dat verkleint de overlevingskans.
  • (Over)bevissing
    Hoe meer vis vissers vangen, hoe meer winst. Maar het tempo is zo hoog dat er soorten verdwijnen. Zo is de blauwvintonijn bijna uitgestorven, die vissoort is bij vissers zo geliefd dat hij nauwelijks de kans krijgt om te broeden.
  • Klimaatverandering
    Nederland wordt warmer. Soorten die van kou houden trekken verder naar het noorden. Er komen wel nieuwe soorten voor terug. Omdat de lente vroeger begint, verandert ook de voedselketen. Om te voorkomen dat het klimaat verder verandert, neemt de overheid maatregelen. De belangrijkste maatregel om de klimaatverandering tegen te gaan is de broeikasgassen in de lucht verminderen.
  • Globalisering
    Sommige dieren, insecten, vissen en micro-organismen reizen met mensen mee naar andere delen van de wereld. Bijvoorbeeld in vrachtschepen. In hun nieuwe omgeving hebben ze vaak geen natuurlijke vijanden. Ze kunnen zich onbeperkt voortplanten en brengen zo de plaatselijke soorten in gevaar. Zo is de Amerikaanse ribkwal via vrachtschepen in Europese wateren terecht gekomen en verstoort hier de visstand.
  • Genetisch gemodificeerde organismen
    Door genetische modificatie kunnen soorten verdwijnen doordat de nieuwe genetisch gemodificeerde soorten overheersend zijn. Dat bedreigt de diversiteit. Daarom zijn er (internationaal) strenge regels voor experimenten met genetische modificatie. Dat is geregeld in het externe link: Cartagena-protocol (Bioveiligheidsprotocol) van de Verenigde Naties. Het protocol schrijft voor dat levende genetisch gemodificeerde organismen niet zomaar de grens over mogen. De exporteur moet vooraf het land van import informeren over de komst van de genetisch gemodificeerde organismen.

Gevolgen voor ecosystemen

Soorten (bijvoorbeeld dieren en planten) leven in leefgebieden. Maar zij zijn ook met elkaar verbonden in ecosystemen, zoals bossen, savannes en zeeën. Als een leefgebied wordt aangetast, kan dit dus ook gevolgen hebben voor het hele ecosysteem.

Nut van biodiversiteit

Biodiversiteit is essentieel voor al het leven op aarde. Dankzij biodiversiteit komt de mens aan zuurstof en voedsel. Los daarvan is biodiversiteit ook nuttig voor de maatschappij. Denk aan bouwmaterialen, brandstof, kleding en medicijnen.

Gezonde bodem en gezonde gewassen
Door slim gebruik te maken van micro-organismen kunnen landbouwers bijvoorbeeld schimmels en onkruid in hun gewassen bestrijden. Een gezond bodemleven (wormen, bacteriën, schimmels) zorgt voor een natuurlijke vruchtbaarheid van de bodem. Dat scheelt kunstmest.

Biodiversiteit tegen klimaatverandering
Biodiversiteit kan ook helpen om de klimaatverandering tegen te gaan. Bossen en veengebieden houden veel koolstof (CO2) vast. Dat helpt tegen het overschot aan CO2 in de lucht. Mensen kunnen het teveel aan de CO2 in de atmosfeer ook tegengaan door minder bossen te kappen en natte veengebieden niet droog te leggen.

Vernieuwbare hulpbronnen
Natuurlijke hulpbronnen zijn alle stoffen die in de natuur aanwezig zijn en van economisch nut zijn. Sommige van die hulpbronnen kunnen, als we er voorzichtig mee omgaan, steeds weer door de natuur worden aangevuld of hersteld. Die hulpbronnen heten vernieuwbare hulpbronnen. Vernieuwbare hulpbronnen zijn bijvoorbeeld vruchtbare bodem, vis en hout. Bij te intensief gebruik vermindert of verdwijnt het vermogen van de natuur om zich te herstellen of aan te groeien.