Btw en accijns bij de invoer van goederen
Voor particulieren gelden bij de invoer van goederen andere regels dan voor bedrijven. Bedrijven verrekenen meestal geen btw aan ondernemers uit andere EU-landen. Komt het product niet uit de Europese Unie (EU), dan betaalt het bedrijf btw in het land waar het product de EU binnenkomt.
Goederen invoeren voor eigen gebruik
Als een reiziger goederen koopt in een lidstaat van de EU, betaalt hij de in dat land geldende belasting. Hij mag de goederen meenemen naar Nederland en hoeft geen extra Nederlandse belasting meer te betalen.
Voorwaarde is dat de goederen bestemd zijn voor eigen gebruik. Ook mag de reiziger niet meer goederen meenemen dan maximaal is toegestaan.
Goederen meenemen uit een niet EU-land
Als een reiziger vanuit een niet EU-land naar Nederland komt, mag hij een beperkt aantal accijnsgoederen meenemen in zijn reisbagage. Bijvoorbeeld 1 liter sterke drank en 1 slof sigaretten.
De waarde van alle goederen mag niet hoger zijn dan €430. Als de reiziger meer accijnsgoederen bij zich heeft dan is toegestaan, moet hij de Nederlandse accijns en BTW betalen. Daarnaast moet hij eventueel invoerrecht en BTW betalen.
De douane controleert aan de grens
hoeveel goederen de reiziger meeneemt
vanuit het buitenland en hoeveel die goederen waard zijn.
Goederen invoeren uit een EU land door bedrijven
Bedrijven verrekenen meestal 0% btw aan bedrijven uit andere EU-landen. De
kopende ondernemer heft in zijn eigen land btw via de normale btw-aangifte.
Vraagt de buitenlandse leverancier wel btw? Dan kunnen ondernemers deze
btw terugvragen via de
Nederlandse Belastingdienst.
Als de buitenlandse klant zelf geen aangifte kan doen, dan brengt de ondernemer btw in rekening in zijn eigen land. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij verkoop aan particulieren. Nederlandse consumenten betalen in dit geval dus de btw in het buitenland.
Goederen invoeren uit een niet-EU-land door bedrijven
Als een ondernemer goederen invoert uit een niet EU-land, wordt die invoer belast in het land waar de goederen de EU binnenkomen. Dit betekent dat de ondernemer in dat land aangifte voor de invoer moet doen en belastingen moet betalen. Denk aan rechten bij invoer, accijns en BTW.
Voor import vanuit en export naar niet EU-landen brengen ondernemers elkaar 0% BTW in rekening. Een ondernemer hoeft dus geen BTW te betalen in het land van herkomst. Brengt de leverancier in een niet EU-land wel BTW in rekening voor de goederen? Dan kan het bedrijf deze BTW soms terugvragen bij de buitenlandse belastingdienst.
Meer informatie over de invoer van goederen uit een niet-EU-land staat op de
website van de
Belastingdienst en op de
website
van de douane.
Douaneprocedure of verleggingsregeling
Als ondernemers goederen invoeren vanuit niet EU-landen, kan de BTW voor de invoer op 2 manieren worden aangegeven: via de douaneprocedure aan de grens of via de verleggingsregeling op de reguliere BTW-aangifte.
Bij de douaneprocedure moet de aangever de verschuldigde belasting betalen als hij de aangifte ten invoer indient. Hij kan ook een garantie (zekerheid) geven voor de verschuldigde belasting.
Mag de ondernemer een verleggingsregeling toepassen, dan betaalt hij de btw via zijn normale btw-aangifte. Voor bepaalde aangewezen goederen geldt de verleggingsregeling automatisch. Bijvoorbeeld bij leveringen van materialen voor hergebruik zoals glas en papier.
Voor andere goederen kan de douane-inspecteur op verzoek een vergunning verlenen. Het tijdstip van betalen is dan verlegd naar het moment waarop het ontvangende bedrijf dat over zo een vergunning beschikt een periodieke binnenlandse btw-aangifte moet doen. In dat geval valt het tijdstip van betalen samen met het eventuele recht om dezelfde belasting af te trekken.