Aanleiding Deltaprogramma

Veilig zijn én blijven

Dat we in onze delta kunnen wonen, is nooit vanzelfsprekend. Het vergt voortdurende inspanning om te zorgen dat we veilig zijn én blijven. Het werk daaraan is nooit af. Gemeten is dat de zeespiegel stijgt en de bodem daalt. We verwachten extremer weer met meer natte perioden. Het regenwater moet door de rivieren worden afgevoerd. De bestaande veiligheidsnormen dateren uit de jaren zestig en zijn vastgesteld na de watersnoodramp in Zuidwest-Nederland in 1953.

We hebben nu meer te beschermen dan 50 jaar geleden. Achter onze kust en rivierdijken ligt een dichtbevolkt gebied met mensen, dieren en goed dat kwetsbaar is voor overstromingen. Bijna 60% van ons land is overstroombaar, waaronder ons economische centrum. Bij een overstroming is het leed en de schade niet te overzien. Bescherming tegen overstromingen, niet alleen vanuit zee maar ook vanuit de grote rivieren, is dus van levensbelang.

Voldoende zoet water

Daarnaast meten we dat de temperatuur stijgt. We verwachten dat onze zomers steeds warmer en droger worden, waardoor de zoetwatervoorziening in gevaar kan komen. Niet zozeer ons drinkwater, maar wel het water waar landbouw, industrie en natuur van afhankelijk zijn.

Anticiperen

De gemeten stijging van de zeespiegel, de daling van de bodem en de stijging van de temperatuur dwingen ons ver vooruit te kijken en te anticiperen op ontwikkelingen in de verdere toekomst. Daarnaast is onze huidige veiligheid nog niet helemaal op orde. We willen een ramp vóór zijn,  zorgen dat we goed zijn voorbereid nu en op de toekomst. Dat gebeurt met het Deltaprogramma.