Aanleiding deelprogramma Rivieren
Ongunstige verwachtingen over klimaatverandering maken ons land kwetsbaar. De hoeveelheid water die onze rivieren moeten afvoeren, zal in de toekomst vaker extreem veel zijn.
Meer water vergroot de kans op overstromingen; minder water leidt tot tekorten. Een duurzame bescherming vraagt om tijdige actie.
Beschrijving gebied
Het deelprogramma Rivieren richt zich op de grote rivieren in Nederland, dus op de Maas en de Rijn met al zijn vertakkingen. Binnen het deelprogramma wordt onderscheid gemaakt tussen een plangebied en een studiegebied.
Het plangebied bestaat uit de ruimte die de rivieren nu kunnen gebruiken om water af te voeren. Waar nodig zoeken we toekomstbestendige oplossingen buiten dit plangebied, in gebieden die nu door de dijken worden beschermd. Dit zijn de zogeheten studiegebieden. Door de uitgestrektheid van het rivierengebied heeft het deelprogramma Rivieren te maken met veel overheden, organisaties en belangen.
Rijn
Bij de Rijn en al haar takken gaat het om de Rijn, Bovenrijn, Waal, Nederrijn, Pannerdensch Kanaal, Lek, IJssel en het benedenrivierengebied in West-Nederland. Anders gezegd het gebied waar de Rijn ons land binnenkomt (vanaf Lobith) tot aan de plaats waar het rivierwater in de zee of het IJsselmeer stroomt (Haringvlietsluizen in Zeeland, de Maeslantkering bij Hoek van Holland en de IJsseldelta bij Kampen).
Maas
Bij de Maas gaat het zowel om het onbedijkte als het bedijkte deel van de rivier. Anders gezegd: het gebied waar de Maas ons land binnenkomt (bij Eijsden) tot waar het Maaswater uitstroomt in de Rijntakken (bij de Moerdijkbruggen).
Hieronder een kaartje van het gebied waarop het deelprogramma Rivieren zich richt.
Kaart van het werkgebied van het deelprogramma Rivieren.
Samenhang met andere deelprogramma's
Het deelprogramma Rivieren heeft een directe relatie met een aantal andere deelprogramma’s uit het Deltaprogramma:
- Rijnmond-Drechtsteden. Als gekozen wordt voor een afsluitbare Rijnmond zal dit consequenties hebben voor de afvoer van het rivierwater.
- IJsselmeergebied. De keuze voor een hoger waterpeil op het IJsselmeer heeft ook gevolgen voor waterstanden op delen van de IJssel en op afvoermogelijkheden van de IJssel.
- Veiligheid. Nieuwe, hogere veiligheidsnormen kunnen leiden tot extra aanpassingen in het rivierengebied.
- Zoet water. Het waarborgen van voldoende zoet water in de toekomst kan vragen om aanpassingen in het rivierengebied.
- Zuidwestelijke Delta. De waterafvoer uit het rivierengebied is van invloed op de hoeveelheid water in de Zuidwestelijke Delta. Zeker als wordt beslist de Rijnmond af te sluiten.
Hoe zorgen we dat ons rivierengebied ook in de toekomst veilig en aantrekkelijk blijft? Het deelprogramma werkt voor het antwoord op deze centrale vraag langs 3 hoofdsporen die tussen nu en 2015 tot een eigen product moeten leiden:
- Integrale gebiedsopgave voor de lange termijn;
- oplossingsrichtingen en voorkeurstrategie;
- verbinden korte en lange termijn.
Integrale gebiedsopgave voor de lange termijn
Het deelprogramma Rivieren bekijkt de bescherming van Nederland tegen overstromingen uit rivieren in combinatie met natuur, waterkwaliteit, scheepvaart en grondstoffenwinning. Ook de regionale gebiedsontwikkelingsprojecten krijgen een volwaardige plek. Het deelprogramma richt zich op de periode tot 2100. De ‘integrale gebiedsopgave voor de lange termijn’ brengt de knelpunten in beeld die de Rijksoverheid en andere partijen moeten lossen.
Oplossingsrichtingen en voorkeurstrategie
Met de ‘integrale gebiedsopgave voor de lange termijn’ en de knelpunten die aan het licht zijn gekomen, worden oplossingen verzameld. Die oplossingen zijn niet overal gelijk. Zo kan op de ene plaats het verhogen van dijken de oplossing zijn. Op andere plaatsen ligt het meer voor de hand te zoeken naar nieuwe ruimte voor de rivier. Het is ook mogelijk dat er nieuwe oplossingen worden bedacht.
Vervolgens bepaalt het deelprogramma Rivieren welke strategie nodig is, om te zorgen dat tussen nu en 2100 oplossingen worden omgezet in concrete maatregelen. Besluiten worden wettelijk vastgelegd, gebieden alvast gereserveerd en uitvoeringsprojecten ingepland.
Verbinden korte en lange termijn
In het rivierengebied worden voortdurend projecten voorbereid en uitgevoerd. Deels zijn dat projecten die de bescherming tegen overstromingen op orde moeten brengen, zoals verbetering van dijken en verruiming van rivierbed. Maar ook projecten op het gebied van natuurontwikkeling, woningbouw, recreatie en grondstoffenwinning. Belangrijk is dat alle toekomstige projecten passen bij de strategie die wordt gekozen om in 2100 nog steeds een veilig en aantrekkelijk rivierengebied te hebben. Het deelprogramma Rivieren zal instrumenten leveren om die projecten daarop te beoordelen.