Groene groei
Het kabinet kiest voor duurzame ('groene') economische groei. Groene groei betekent dat de economie in omvang toeneemt zonder dat dit nadelig is voor klimaat, water, bodem, grondstoffen en biodiversiteit. Omdat duurzame innovaties geld en banen opleveren, kunnen economie en milieu in de ogen van het kabinet goed samengaan.
Duurzaamheidsagenda: groene groei biedt kansen
In een duurzame economie gaat groei niet ten koste van het milieu, maar wordt rekening gehouden met de behoeften van volgende generaties. Het kabinet wil de samenleving verduurzamen en tegelijkertijd de economie versterken. Groene groei is in de ogen van het kabinet geen bedreiging, maar biedt ondernemers juist kansen. Door duurzame oplossingen te bedenken, vergroten bedrijven de Nederlandse welvaart en versterken ze hun concurrentiepositie.
Samenleving ontwikkelt zelf duurzame plannen
Voorheen was het vooral de overheid die zich inspande om duurzame plannen van de grond te tillen. Tegenwoordig zijn bedrijven steeds vaker zelf bereid om werk te maken van duurzaamheid. Dat maakt de Nederlandse economie sterker. Innovaties op het gebied van duurzaamheid zorgen voor nieuwe bedrijvigheid. Ook burgers, maatschappelijke organisaties en mede-overheden onderkennen het belang van duurzaamheid en komen met plannen om zelf energie te besparen of meer duurzame elektriciteit op te wekken. Het kabinet wil steun geven aan dergelijke initiatieven om groene groei te realiseren.
In de in oktober 2011 verschenen
Duurzaamheidsagenda beschrijft het kabinet wat
het gaat doen om de samenleving te verduurzamen. De agenda bevat een overzicht
van acties die het kabinet hiervoor wil doorvoeren. De agenda sluit aan bij de
Groene
groeistrategie van de OESO en het
VN-milieurapport
'Towards a green economy'.
Vijf kansrijke sectoren voor groene groei
Met het oog op de ontwikkeling van een groene economie heeft het kabinet 5 kansrijke economische sectoren aangewezen. Deze sectoren hebben de beste mogelijkheden om zowel groene groei als het Nederlands bedrijfsleven een impuls te geven. In de Duurzaamheidsagenda staan voor elke sector de initiatieven van het kabinet opgesomd. Een greep uit de plannen:
- Grondstoffen en productieketens. Om uitputting van grondstoffen te voorkomen, moeten we zuiniger omspringen met bestaande grondstoffen en ze meer hergebruiken. Soms is het nodig alternatieve grondstoffen te vinden. Dat is de kern van de Grondstoffennotitie die het kabinet in 2011 aan de Kamer heeft gestuurd. Zo wil het kabinet bijvoorbeeld dat Nederland dé toegangspoort van Europa wordt voor biologische grondstoffen (biomassa) voor de productie van brandstof, energie en chemicaliën. In de Afvalbrief beschrijft het kabinet hoe de recycling kan groeien van 80% nu naar 83% in 2015.
- Water- en landgebruik. De wereld, en dus ook Nederland, krijgt te maken met steeds schaarser wordende hoeveelheid zoet water en een stijgende zeespiegel. Dreigende waterproblemen bieden echter ook kansen voor bedrijven. Zo zal in 2012 de topsector Water met tenminste 10 business cases starten. Een voorbeeld is het thema 'More crop per drop', dat zich richt op een hoogwaardige zoetwatervoorziening voor de productie van voedsel en biomassa. Waterzekerheid en waterveiligheid is ook een van de speerpunten van het beleid voor ontwikkelingssamenwerking.
- Voedsel. De wereldvoedselproductie moet fors groeien om in 2050 de 9 miljard monden, die er dan naar verwachting zijn, te kunnen voeden. Dit is mogelijk als landbouw en veeteelt verder verduurzamen. Dat houdt onder meer in: minder overlast voor de omgeving en minder uitstoot van schadelijke stoffen. Om in de toekomst meer voedsel te kunnen produceren werkt het bedrijfsleven in de topsector Agrofood aan de ontwikkeling van innovatieve eiwitten. Ook bij ontwikkelingssamenwerking speelt voedselzekerheid een belangrijke rol. Nederland speelt hierop in door ontwikkelingslanden te helpen zelfredzamer te worden en hun economische groei te vergroten.
- Mobiliteit. Transport (en logistiek) is een pijler van de Nederlandse economie. Individueel verrijden Nederlanders jaarlijks honderden miljarden kilometers, zowel zakelijk als privé. De verwachting is dat de mobiliteit de komende jaren nog fors toeneemt. Het kabinet wil dat Nederland in 2020 een van de meest efficiënte vervoersystemen in Europa heeft. Zo moet het energieverbruik van de transportsector in Europa in 2020 voor minimaal 10% uit hernieuwbare bronnen komen (bijvoorbeeld door meer biobrandstoffen bij te mengen aan de pomp, en door elektrisch rijden te bevorderen). De NS wil het personenvervoer per trein in dat jaar CO2-neutraal laten plaatsvinden. De luchtvaart wordt met ingang van 2013 opgenomen in het bestaande Europese systeem van emissiehandel. Het kabinet steunt de plannen van Schiphol om zich te ontwikkelen tot een groene mainport.
- Klimaat en energie. Door de uitstoot van CO2 verandert het
klimaat: de aarde warmt op, met alle gevolgen van dien (zeespiegelstijging).
Daarom wil Nederland in 2050 zijn overgestapt naar een klimaatneutrale
(CO2-arme) economie. Hoe dat doel bereikt kan worden, staat in de
Nationale Routekaart Klimaat 2050. Het Rijk gaat
gemeenten, provincies en waterschappen helpen bij het behalen van lokale
klimaatdoelstellingen. Samen stellen ze hiervoor Lokale
Klimaat Agenda op.
Voor de energievoorziening is Nederland op dit moment erg afhankelijk van fossiele energiebronnen uit het buitenland, zoals olie, gas en kolen. Om die afhankelijkheid (en kwetsbaarheid) te verminderen, wil Nederland het aandeel hernieuwbare energie vergroten van 4% nu naar 14 % in 2020. Verder wil het kabinet het voor Verenigingen van Eigenaren (VvE's) die zonnepanelen op het gezamenlijke dak installeren, mogelijk maken de opgewekte stroom af te trekken van het eigen elektriciteitsverbruik (salderen). Eigenaren van een eengezinswoning mogen dit al.
Duurzaamheid in de praktijk: Green Deal
Verduurzaming van de economie is niet alleen een verantwoordelijkheid van de overheid. Het kabinet wil burgers, bedrijven en organisaties in staat stellen zelf duurzame oplossingen te bedenken en te ontwikkelen. Dat doet het door knelpunten weg te nemen, bijvoorbeeld in wet- en regelgeving. Of door partijen met elkaar in contact te brengen. Door op die manier burgers en bedrijven de ruimte te geven om zelf met initiatieven te komen, verwacht het kabinet een stevige bijdrage te leveren aan de verduurzaming van de economie. Deze samenwerking tussen overheid en samenleving wordt vastgelegd in een 'groen' contract: een Green Deal.
Groei, inkomsten en banen
Green Deals zorgen voor een duurzamere economie. Bovendien zorgen ze voor groei, inkomsten en banen. Inmiddels zijn al tientallen van deze Green Deals tot stand gekomen. De komende jaren wil het kabinet nog veel meer Geen Deals afsluiten.
Monitor Duurzaam Nederland
De periodiek verschijnende
Monitor
Duurzaam Nederland geeft een beeld van de duurzaamheid van de Nederlandse
samenleving. De meeste recente versie van de monitor (2011) toont aan dat de
Nederlandse bodem, lucht en water schoner zijn dan 20 jaar geleden.
Desalniettemin teren we nog steeds in op het natuurlijk kapitaal voor
toekomstige generaties. De monitor is een product van 3 planbureau's -
Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en
Centraal Planbureau (CPB) - en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Documenten en publicaties
Agenda duurzaamheid: een groene groei-strategie voor Nederland
Het kabinet geeft in deze Duurzaamheidsagenda zijn visie op duurzame ontwikkeling. Onderdeel van de Duurzaamheidsagenda zijn de ...
Kamerbrief Duurzaamheidsagenda
Aanbieding aan de Tweede Kamer van de 'Duurzaamheidsagenda: een groene groei-strategie voor Nederland'. Het kabinet geeft in deze ...