Stabiliteits- en Groeipact
In het Stabiliteits- en Groeipact staan afspraken over de begrotingsregels voor EU-lidstaten.
Doel en afspraken Stabiliteits- en Groeipact
Als de tekorten van lidstaten oplopen, kan dat leiden tot een hoger
renteniveau en verzwakking van de euro. Om ervoor te zorgen dat lidstaten ook na
de invoering van de euro hun schuld en begroting op orde houden, zijn in het
Stabiliteits- en Groeipact
afspraken gemaakt over de begrotingsregels. Zo mogen EU-lidstaten een
begrotingstekort van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP) en een
maximale overheidsschuld van 60% van het BBP hebben.
Het Stabiliteits- en Groeipact heeft een preventieve en correctieve werking:
- Preventief
De eurolanden moeten elk jaar een stabiliteitsprogramma indienen en de overige EU-lidstaten een convergentieprogramma. Uit deze programma’s moet blijken dat de financiële situatie op de korte en middellange termijn gezond is en blijft. De Europese Commissie beoordeelt de programma’s en de
Ecofin
Raad (Raad van de Europese Unie op het gebied van economische en financiële
zaken) brengt er een advies over uit.
Als er een buitensporig tekort dreigt kan de Europese Commissie een vroegtijdig signaal geven aan de Ecofin Raad om een groot tekort in een bepaalde lidstaat te voorkomen. De Ecofin Raad kan vervolgens een lidstaat aansporen de verplichtingen uit het Stabiliteits- en Groeipact na te leven.
- Correctief
Zodra het tekort meer dan 3% van het BBP bedraagt of als lidstaten deze grens dreigen te overschrijden, start een procedure bij buitensporige tekorten.
Ontwikkeling regels Stabiliteits- en GroeiPact
De crisis heeft aangetoond dat de regels van het Stabiliteits- en Groei Pact niet altijd effectief zijn toegepast. Dit was mede aanleiding voor de oprichting van een werkgroep onder voorzitterschap van Europese Raadspresident Herman van Rompuy. Op 28 oktober 2010 presenteerde Van Rompuy het eindrapport van deze werkgroep aan de Europese Raad. Deze groep heeft gekeken naar het versterken van economische beleidscoördinatie binnen het eurogebied en de Europese Unie. Op het gebied van het Stabiliteits- en Groeipact is door de werkgroep afgesproken dat:
- sancties al in een eerder stadium moeten kunnen worden ingezet dan voorheen het geval was (al in de preventieve fase);
- sancties meer automatisch moeten worden;
- er meer aandacht moet komen voor de uitgavenontwikkeling van lidstaten;
- er binnen het Stabiliteits- en Groeipact meer aandacht moet komen voor overheidschuld.
Daarnaast is bepaald dat er een permanent crisis resolutiemechanisme zal komen. Het is, zelfs met versterkte budgettaire en economische coördinatie, nooit geheel uit te sluiten dat op enig moment nog eens een crisis zal voordoen. Een permanent crisis resolutiemechanisme moet leiden tot een fatsoenlijke oplossing voor mogelijke toekomstige crises.
Het
volledige eindrapport
van de werkgroep Van Rompuy staat op Europa.eu.