Strategische diensten
Het exportcontrolebeleid is niet alleen gericht op tastbare goederen. Ook voor diensten die te maken hebben met strategische goederen gelden regels, zowel internationaal als nationaal. De bepalingen voor strategische diensten zijn gebundeld in de Wet strategische diensten.
3 soorten strategische diensten
De
Wet strategische
diensten geldt sinds 1 januari 2012 en bevat al langer bestaande regels voor
strategische diensten maar ook aanvullingen daarop. De bepalingen gaan over 3
vormen van dienstverlening:
- niet-fysieke overdracht van programmatuur en technologie;
- leveren van technische bijstand;
- verlenen van tussenhandeldiensten.
De wet gaat over diensten bij zowel militaire als dual-use goederen.
Ter verduidelijking van de wettekst heeft het ministerie van Economische
Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) een
leeswijzer gemaakt. In de
leeswijzer staat in begrijpelijke taal welke verplichtingen uit de wet
voortvloeien. Uitleg over de achtergronden bij de wet vindt u in de
Memorie van
Toelichting.
Niet-fysieke overdracht van programmatuur en technologie
Bij niet-fysieke overdracht van programmatuur en technologie gaat het om e-mail, uploaden op intranet of internet, per fax, per telefoon. Deze vormen van overdracht worden in de praktijk net zo behandeld als de fysieke overdracht van diezelfde programmatuur en technologie. Zou voor de uitvoer van de goederen een vergunning vereist zijn, dan geldt dat ook voor de niet-fysieke overdracht. De regels voor de niet-fysieke overdracht van programmatuur en technologie (voor zowel militaire goederen als dual-use goederen) vallen nu onder de Wet strategische diensten, maar zijn ongewijzigd.
Technische bijstand
De wet verbiedt technische bijstand aan de ontwikkeling van een programma voor massavernietigingswapens. Dit is een nieuwe bepaling. Ook is het verboden dat soort reparaties, onderhoud en instructies te verlenen in een land waarop een wapenembargo rust, of als de ondersteuning is bedoeld voor militaire goederen. Dit verbod geldt zowel voor bijstand bij militaire goederen als bij dual-use goederen. In bijzondere situaties is een ontheffing mogelijk.
Tussenhandeldiensten
Tussenhandeldiensten (ook wel brokering) zijn activiteiten die erop zijn gericht om een transactie in strategische goederen mogelijk te maken. Denk aan onderhandelen, regelen, bemiddelen, verkopen en aankopen. Uitgezonderd zijn vervoer, financiële diensten, (her)verzekering, algemene reclame of promotie.
Vergunningplicht bij militaire goederen
Het verlenen van tussenhandeldiensten bij militaire goederen is alleen toegestaan als de tussenhandelaar voorafgaand aan de dienstverlening een vergunning heeft aangevraagd.
Meldplicht bij dual-use goederen
Tussenhandeldiensten zijn in principe toegestaan bij dual-use goederen. De minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie kan echter een vergunningplicht opleggen aan een individuele tussenhandelaar. Dit kan hij doen als hij aanwijzingen heeft dat de tussenhandeldiensten geheel of gedeeltelijk ten goede zullen komen aan de ontwikkeling van massavernietigingswapens of voor militair eindgebruik in een land waarop een wapenembargo rust.
Om te zorgen dat de overheid over voldoende informatie beschikt om een vergunningplicht op te kunnen leggen, bestaat voor tussenhandelaars voortaan een meldplicht. Daarvan zijn 2 varianten:
- Eenmalige meldplicht. De meeste tussenhandelaars zullen te maken krijgen met de eenmalige meldplicht. Zij zijn verplicht hun mededeling uiterlijk 30 juni 2012 in te dienen bij de Centrale Dienst voor In- en uitvoer (CDIU). Hierin staat voor welke dual-use goederen zij doorgaans tussenhandeldiensten verlenen, en voor welke landen hun diensten meestal zijn bedoeld.
- Meldplicht per transactie. Soms moet de tussenhandelaar per transactie een melding doen. Deze plicht geldt als de tussenhandel ten goede komt aan een gevoelig bestemmingsland (bijvoorbeeld Egypte, India, Iran, Libië, Pakistan, Syrië) of als het gaat om een gevoelig goed (goederen uit deel 2 van bijlage II van de dual-use verordening). De tussenhandelaar moet zijn melding minimaal 2 weken voorafgaand aan het verlenen van de tussenhandeldiensten doen bij de CDIU.
BES-eilanden en extraterritoriale werking
Voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba (BES-eilanden) gelden feitelijk dezelfde bepalingen als voor het Europese deel van Nederland. Ze worden hier niet nader uitgewerkt, maar hiervoor is een apart hoofdstuk opgenomen in de Wet strategische diensten.
De wet heeft op sommige punten extraterritoriale werking. Dat wil zeggen dat de wet ook geldt voor Nederlanders die permanent in het buitenland verblijven. Dat is bijvoorbeeld het geval voor een tussenhandelaar in militaire goederen die buiten de Europese Unie woont; ook hij moet voor zijn tussenhandel een vergunning aanvragen bij de CDIU.
Melding doen of vergunning aanvragen
Via de site van de CDIU kunt u een
melding
tussenhandel doen of een vergunningen aanvragen. Daar vindt u ook de
aanvraagformulieren die verband houden met uitvoer van strategische goederen.