Vraag en antwoord

Welke regels gelden er bij begraven en cremeren?

Na het overlijden van een persoon moet u contact opnemen met de huisarts van de overledenene. Deze stelt de oorzaak van overlijden vast en geeft bij een natuurlijke doodsoorzaak een ‘verklaring van overlijden’ af. Is er twijfel over de doodsoorzaak of stelt de behandelend arts een niet-natuurlijke dood vast, dan waarschuwt hij de gemeentelijke lijkschouwer. De behandelend arts kan de huisarts zijn, maar ook een arts in het ziekenhuis van overlijden. Als de gemeentelijk lijkschouwer ook niet overtuigd is van een natuurlijke doodsoorzaak, schakelt hij de officier van justitie in.

Verklaring van overlijden

Deze verklaring heeft u nodig om aangifte van overlijden te doen bij de gemeente en toestemming te krijgen voor het begraven of cremeren van de overledene. De regels die gelden bij begraven of cremeren staan beschreven in de externe link: Wet op de lijkbezorging (Wlb).

Aangifte van overlijden

Aangifte van overlijden moet gebeuren bij de Burgerlijke Stand in de externe link: gemeente waar de persoon is overleden. Meestal zorgt de begrafenisondernemer hiervoor. Hierbij moet u de verklaring van overlijden tonen. De ambtenaar van de Burgelijke Stand maakt na het tonen van de verklaring van overlijden een akte van overlijden op. De gemeente geeft ook een uittreksel uit het overlijdensregister af. Deze documenten heeft u soms nodig om bij instanties aan te tonen dat iemand is overleden.

Wanneer en waar begraven of cremeren

Een overledene mag:

  • Niet eerder dan 36 uur na het overlijden begraven of gecremeerd worden. Dit in verband met een eventueel strafrechtelijk onderzoek. Daarnaast geeft de termijn nabestaanden de tijd te kiezen tussen crematie en begraven. Binnen 36 uur na overlijden is begraven of cremeren alleen mogelijk met toestemming van de officier van justitie en de burgemeester.
  • Niet later begraven of gecremeerd worden dan 6 werkdagen na diens overlijden, tenzij de burgemeester daarvoor toestemming heeft gegeven. Deze maximumtermijn is opgenomen in de Wlb omdat een overledene uiteindelijk een bestemming moet krijgen.
  • Alleen begraven worden op een begraafplaats of gecremeerd worden in een crematorium, tenzij de gemeente toestemt met begraven op eigen grond. Dan is er sprake van een bijzondere begraafplaats.

As na crematie begraven of verstrooien

Na de crematie moet de eigenaar van het crematorium de as van de overledene 1 maand bewaren. Dit in verband met een eventueel strafrechtelijk onderzoek op de asresten. De termijn is ook bedoeld om nabestaanden de tijd te geven na te denken over de plaats van bijzetting van de asbus en/of het verstrooien van de as. Wel kan de officier van justitie om ontheffing van de bewaartermijn worden verzocht, zodat men de asbus eerder mee kan krijgen. Bijvoorbeeld als deze naar het buitenland moet worden gebracht.

De as wordt bewaard in een speciale asbus. Daarop staan de persoonlijke gegevens van de overledene en het crematienummer. Als u de asbus krijgt, kunt u deze:

  • thuis bewaren;
  • meenemen naar het buitenland (uitvoeren);
  • bijzetten in een daarvoor bestemd gedeelte van een crematorium of begraafplaats;
  • begraven in een graf;
  • de as verstrooien.

Het verstrooien van as mag op open zee of op een daartoe bestemd strooiveld. De gemeente kan regels stellen aan het verstrooien van as op een bijzondere plek. Het is dus niet toegestaan om op een willekeurige plek as te verstrooien.

As van overledene invoeren

Aan het invoeren van as van een overledene in Nederland zijn geen beperkingen of voorschriften verbonden. De asbus kan door een speciaal vervoerbedrijf (repatriëringsbedrijf) naar Nederland worden vervoerd. Het is ook mogelijk om de asbus als bagage in een vliegtuig mee te nemen. Het hangt van de regels van de luchtvaartmaatschappij af of u de asbus in de handbagage of ruimbagage mag meenemen. U kunt hierover contact opnemen met de luchtvaartmaatschappij.

Er zijn wettelijk geen invoerdocumenten vereist, maar het kan verstandig zijn om een verklaring van overlijden en een verklaring van de crematie bij de asbus te voegen.

De nabestaande die de zorg over de asbus heeft, moet de asbus ten minste 1 maand bewaren. Als u de asbus meteen na de crematie wilt invoeren uit het buitenland, moet u de officier van justitie om ontheffing van die bewaartermijn vragen. Voert u de asbus meteen na de crematie in en heeft u geen ontheffing? Dan moet u 1 maand wachten met verstrooien of bijzetten van de as in Nederland.

As van overledene uitvoeren

Voor het uitvoeren van as zijn wettelijk geen documenten vereist. Toch kan het verstandig zijn om een (Engelse) verklaring van overlijden en een verklaring van de crematie bij de asbus te voegen. Voor meer informatie over de uitvoer via Schiphol kunt u contact opnemen met de externe link: Douane van Schiphol. Voor de lokale regels kunt u contact opnemen met de betreffende externe link: buitenlandse ambassade in Nederland.

De eigenaar van het crematorium moet de asbus ten minste 1 maand bewaren. Als u meteen na de crematie de asbus wilt meenemen naar het buitenland, moet u de officier van justitie om ontheffing van de bewaartermijn vragen. Zonder die ontheffing moet u 1 maand wachten voordat u de asbus mag uitvoeren.