Antidumping

Dumping is de verkoop van goederen op een buitenlandse markt tegen een lagere prijs dan op de thuismarkt. Met dumping wil een exporteur een nieuw afzetgebied veroveren of overtollige voorraden kwijtraken.

Dumping door buitenlandse bedrijven op de Europese markt is op zich niet verboden. Maar als die leidt tot schade bij de industrie van de Europese Unie (EU) kan de Europese Raad antidumpingmaatregelen nemen. De maatregel kan een extra heffing zijn, of een minimumprijs voor de in te voeren goederen. 

Voorbeeld: schoenen uit China en Vietnam

Er is een groot aanbod van goedkope schoenen uit China en Vietnam. Volgens de Europese Commissie moet de Europese schoenenindustrie beschermd worden tegen de aangetoonde oneerlijke concurrentie, en stelt dat voorlopige maatregelen nodig zijn.

Nederland heeft zich binnen het Antidumping Comité uitgesproken tegen voorlopige heffingen. In deze zaak heeft ook de Commissie het consumentenbelang voor laten gaan: er komt voorlopig geen heffing op de schoenen. Zie ook het nieuwsbericht Nederland voor goedkopere schoenen uit Vietnam en China.

Klachten

Meestal worden klachten over dumping ingediend door een Europese bedrijfstak of belangengroep bij de Europese Commissie. De Commissie gaat na of de klachten terecht zijn. Als dat zo is, doet zij een voorstel voor een onderzoek waarin 4 criteria worden getoetst:

  • het bestaan van dumping;
  • het bestaan van schade;
  • of er sprake is van een oorzakelijk verband tussen de schade en de dumping;
  • of antidumpingmaatregelen in het belang zijn van de Europese Gemeenschap.

Bij het laatste criterium beoordeelt de Commissie de gevolgen die een antidumpingmaatregel voor producenten, importeurs en gebruikers. Het is een afweging van belangen: van consumenten, importeurs en retailers tegenover die van producenten.

Advies en beslissing

Elke EU-lidstaat is vertegenwoordigd in het comité dat adviseert bij antidumpingzaken. Het is de Europese Commissie die beslist of voorlopige antidumpingheffingen worden opgelegd. De Raad van Europese ministers beslist uiteindelijk over definitieve antidumpingheffingen. Een voorstel van de Commissie tot instelling van definitieve heffingen kan dus (alleen) door de Raad worden tegengehouden. 

Doorlooptijd

De hele procedure mag niet langer dan 15 maanden duren. Tussentijds kan de Commissie voorlopige antidumpingmaatregelen instellen. Deze duren gewoonlijk 6 maanden. Daarna neemt de Raad van Ministers van de Europese Unie een definitief besluit. Definitieve antidumpingmaatregelen hebben een looptijd van 5 jaar.

Maatregelen

De maatregel bestaat uit een heffing, of bepaalt een minimumprijs waartegen in de Europese Gemeenschap kan worden ingevoerd. Deze prijsverhoging heft het verschil tussen de dump- en marktprijs op, of compenseert de schade voor de bedrijfstak.

Publicatie

De externe link: Europese Commissie (directoraat-generaal Handel) geeft op haar website de volgende informatie:

  • onderzoeken die de Commissie instelt;
  • voorlopige maatregelen;
  • verordeningen over definitieve antidumpingmaatregelen door de Raad van Ministers;
  • wijzigingen of het vervallen van bestaande antidumpingmaatregelen.

Meer informatie over het openen van een onderzoek en nieuwe verordeningen worden gepubliceerd in het externe link: publicatieblad van de EU.

WTO en Europese Commissie

De lidstaten van de Wereld Handelsorganisatie (WTO) hebben gezamenlijk afspraken gemaakt over de toepassing van maatregelen tegen dumping. Deze afspraken zijn vastgelegd in het GATT-verdrag uit 1994. Dit verdrag is ook de basis van de Europese regelgeving. De Europese basisverordening is externe link: Vo(EEG)1225/2009.

Documenten en publicaties

Gids voor het opstellen van een klacht over dumping

Gids voor het opstellen van een klacht inzake dumping van de Europese Commissie.

Brochure | 31-03-2010 | EL&I

Anti-dumpingprocedure van de EU

Beleidsnota | 21-11-2006