Consumentenbescherming en klant centraal
Het belang van de klant moet in alle facetten van financiële dienstverlening terugkomen. Om te beginnen moeten producten helder en begrijpelijk zijn voor de consument, zodat men weet wat men koopt en wat de risico’s zijn. Producten, advies, de service en de klachtenafhandeling moeten het belang van de klant centraal stellen.
Op 7 oktober 2008 is in Nederland de garantie op deposito’s verhoogd van € 40.000 naar € 100.000. Dat betekent dat (spaar)geld van mensen en bedrijven tot dat bedrag is veilig gesteld, wanneer een bank failliet gaat. In eerste instantie ging het om een tijdelijke maatregel. De Europese ministers van Financiën hebben besloten de verhoging definitief te maken.
Vanaf 31 december 2010 zijn alle Europese landen verplicht een dekking te bieden van € 100.000. Onder de depositogarantie vallen lopende rekeningen, spaarrekeningen en bijzondere spaarrekeningen, zoals termijndeposito's.
Verplichte duidelijk informatie over financiële producten
Om te voorkomen dat onduidelijke producten worden ontwikkeld, waarbij het belang van de klant te weinig wordt gediend, krijgt de Autoriteit Financiële Markten (AFM) de bevoegdheid om toezicht te houden op de ontwikkeling van de producten. Wanneer die het belang van de klant niet voldoende dienen, kan de AFM al in een vroeg stadium ingrijpen.
Consument weerbaarder door Wijzer in geldzaken
Het vergroten van financiële vaardigheden versterkt de positie van de
consument. In het platform Wijzer in geldzaken werken overheid, financiële
sector en maatschappelijke organisaties samen aan projecten als de Week van het
geld, het geldloket, de Pensioen3daagse en de website
wijzeringeldzaken.nl.
Maximum gesteld aan rente bij flitsleningen en rood staan
Flitsleningen ofwel kredieten worden vaak via internet afgesloten, hebben een korte looptijd en de consument betaalde er meestal hoge rente kosten op. Met ingang van 1 juni 2011 geldt er voor rood staan en flitskredieten een maximum aan rente. Er mag niet meer dan 12% plus wettelijke rente worden gerekend. Ook is transparante informatie vooraf over onder meer de jaarlijkse kosten een eis.
Verplichte toets kredietwaardigheid ter bescherming van de consument
Er bestond al een kredietwaardigheidtoets voor gewone kredieten, maar sinds 1 juni 2011 is een kredietwaardigheid toets ook verplicht voor flitskredieten: de aanbieder moet toetsen of het krediet wel past bij de financiële positie van de consument.
Bescherming consument tegen te hoge hypotheeklasten
Vanaf 1 augustus 2011 gelden er nieuwe regels voor de financiering van een huis: een lening voor de aankoop van een huis mag niet meer dan 104% van de aankoopwaarde bedragen. Het is daarmee nog steeds mogelijk om aanschafkosten van een huis plus kosten koper te financieren. Bij de aankoop van een bestaande woning mag de overdrachtsbelasting hier nog bij worden opgeteld.
Hiermee gaat het kabinet te hoge hypotheken ten opzichte van de waarde van een huis tegen. Huizenkopers worden zo bij verkoop minder snel met onderwaarde (= de woning is bij verkoop minder waard dan het geleende hypothecaire bedrag) geconfronteerd.
Meer invloed van klanten op hun hypotheekrentetarief
Voor de consument moet de opbouw van het rentetarief bij het afsluiten van een hypotheek transparant zijn. Dat geldt ook voor het wijzigen van het variabele rentetarief. Daarnaast moet tijdig (3 maanden van tevoren) door de hypotheekverstrekker een nieuw aanbod worden gedaan als de rentevaste periode afloopt.
Door dit inzichtelijk te maken is de consument beter in staat om een bewuste keuze te maken. Ook mogen niet langer additionele kosten in rekening worden gebracht naast de advies- en distributiekosten. In feite mag geen losse afsluitprovisie meer in rekening worden gebracht.
Strengere provisieregels voor financieel adviseurs en tussenpersonen
Sinds 1 januari 2010 moeten financieel adviseurs en tussenpersonen melden hoeveel provisie zij krijgen voor het afsluiten of (door)verkopen van bijvoorbeeld een levensverzekering of hypotheek. Dit geldt onder andere voor de verzekeringen die zij bij een hypotheek verkopen (zoals uitvaart-, arbeidsongeschiktheid- en overlijdensrisicoverzekering). Deze provisie ontvangen tussenpersonen van de verzekeringsmaatschappij of bank die het financiële product verkoopt.
De regels zijn bedoeld om het advies klantgericht te maken en niet langer productgericht. De consument krijgt zo meer duidelijkheid over de prijs en kwaliteit van de dienstverlening. Uit de evaluatie van de provisieregelgeving blijkt dat de gewenste cultuuromslag uitblijft. Daarom komt er met ingang van 1 januari 2013 een algeheel provisieverbod.
Invoering provisieverbod en kosten adviseurs aan banden
Provisies worden met ingang van 1 januari 2013 helemaal verboden. Om er zeker van te zijn dat adviseurs en tussenpersonen volledig en zuiver in het belang van de klant handelen (en niet worden beïnvloed door de provisie die zij krijgen). Het tarief dat wordt betaald voor een product of de werkzaamheden van de adviseur moet transparant en duidelijk zijn. De adviseur moet zijn tarieven vooraf melden. Bovendien moet dit tarief in verhouding staan tot de werkzaamheden.
Klachtenloket financiële producten
Het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid) behandelt klachten van consumenten over financiële dienstverlening. Door een wetswijziging en een wijziging van de statuten, wordt de onafhankelijkheid van Kifid beter gewaarborgd, waardoor de positie van de consument wordt versterkt.
Verplicht diploma voor elke financiële adviseur
Iedere financiële adviseur moet een diploma hebben/halen, dat zijn vakbekwaamheid aantoont. Ongeacht bij welke onderneming hij werkt. Zo is een consument er zeker van dat hij altijd door een vakbekwame persoon wordt geadviseerd. Verder worden de vakbekwaamheidseisen voor alle personen met inhoudelijk klantcontact aangescherpt.
Informatieplicht voor aanbieders van effecten/aandelen
Om consumenten te beschermen zijn er regels voor ondernemingen als zij effecten willen aanbieden. Zo moeten zij een prospectus schrijven. Tot nu toe was men verplicht een prospectus te schrijven voor aanbiedingen lager dan €50.000. Om een grotere groep consumenten te beschermen is deze grens per januari 2012 verhoogd van €50.000 naar €100.000. De prospectus moet worden goedgekeurd door de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Pas als dat is gebeurd, mag een onderneming effecten, zoals aandelen en obligaties op de markt brengen en aanbieden.
Een prospectus helpt beleggers om een goede keuze te maken. Van consumenten die voor grote bedragen effecten aankopen mag je verwachten dat zij deskundig en professioneel genoeg zijn om een goede beoordeling van de risico’s te maken. Maar voor degenen die dit voor kleinere bedragen doen is dat wellicht niet zo voor de hand liggend. Met deze nieuwe regel wordt een grotere groep consumenten verzekerd van goede voorlichting.
Vergunningplicht voor het aanbieders van beleggingen
Consumenten die kiezen voor beleggingen met een minimale investering van €50.000 zouden voldoende deskundig en professioneel moeten zijn om een goede beoordeling te maken. Onder meer over de aard van aangeboden producten en de aanbieder van het product. Voor investeringen onder €50.000 geldt een vergunningsplicht voor het aanbieden van beleggingsobjecten en bij het aanbieden van deelnemingsrechten in beleggingsinstellingen. Om een grotere groep mensen te beschermen is deze vergunningsplicht per januari 2012 verhoogd naar €100.000.