Box 3 sparen en beleggen

De inkomsten uit sparen en beleggen zijn belast. 

Vermogen

Het vermogen is de waarde van alle externe link: bezittingen (zoals spaargeld en aandelen) min de externe link: schulden. Bij de vaststelling van het vermogen gaat de Belastingdienst uit van het gemiddelde saldo in een kalenderjaar. Hiervoor kijkt de Belastingdienst naar het vermogen op 1 januari en 31 december. Vanaf 1 januari 2011 is er nog maar 1 peildatum, namelijk 1 januari.

Heffingvrij vermogen
Een vast bedrag van het vermogen is vrijgesteld van belasting: het heffingvrije vermogen. Dit heffingvrije vermogen bedraagt:

  • € 20.661 voor alleenstaanden
  • € 41.332 voor fiscale partners

Dit bedrag mag per minderjarig kind met € 2.762 verhoogd worden.

Belastingheffing op inkomen uit sparen en beleggen

Bij de berekening van de belastingheffing op inkomen uit sparen en beleggen rekent de Belastingdienst met een vast rendement van 4% op het vermogen (forfaitair rendement). Het werkelijke rendement (zoals rente, dividend, koerswinsten en -verliezen) doet er niet toe.

Over de 4% forfaitair rendement op het vermogen heft de Belastingdienst 30% belasting. Dit komt neer op een heffing van 1,2% over het gemiddelde vermogen.

Verantwoordelijk ministerie