Vergunning voor trustkantoren

Trustkantoren worden ingehuurd als bestuurder van vennootschappen en rechtspersonen. Een trustkantoor kan zonder dit te weten een vennootschapsstructuur helpen, die witwassen mogelijk maakt of zelfs voor dat doeleinde is opgericht.

Integriteit van de trustsector

Door regels op te stellen voor de trustsector, wil de overheid de integriteit van de trustsector op hoog niveau houden en misbruik van Nederlandse trustkantoren voorkomen.

De externe link: Wet toezicht trustkantoren (Wtt) bestaat uit 2 pijlers:

  • eisen stellen aan de bedrijfsuitvoering en organisatie van trustkantoren;
  • de betrouwbaarheid en deskundigheid van de beleidsbepalers bij trustkantoren toetsen.

De Nederlandsche Bank (DNB) controleert of trustkantoren zich aan de eisen van de Wtt houden.

Vergunning trustkantoren

Alle trustkantoren die vanuit Nederland willen werken, moeten een externe link: 'vergunningaanvraag trustkantoor' indienen bij De Nederlandsche Bank (DNB). Kantoren met een vergunning zijn opgenomen in het externe link: openbare register Wet toezicht trustkantoren.

Controle deskundigheid bestuurders en beleidsbepalers trustkantoren

DNB controleert of de bestuurders en beleidsbepalers van het trustkantoor deskundig zijn. Ook als het kantoor al een vergunning heeft, moeten nieuwe bestuurders altijd eerst een betrouwbaarheidsonderzoek laten doen. Daarvoor kunnen zij het externe link: formulier betrouwbaarheidsonderzoek opsturen naar DNB.

Aanleggen cliëntacceptatiedossier door trustkantoor

Voor elke cliënt moet het trustkantoor een dossier aanleggen, het zogenaamde cliëntacceptatiedossier. Uit het dossier moet onder andere blijken dat het trustkantoor kennis heeft van:

  • de herkomst en de bestemming van de gelden van het bedrijf;
  • relevante delen van de bedrijfsstructuur;
  • het doel waarvoor de structuur is opgezet.

Ook moet uit het dossier blijken dat de dienstverlening niet vatbaar is voor misbruik of geen malafide doel dient.

Gedragsregels voor trustkantoren

De belangenorganisaties van trustkantoren werken met gedragsregels voor de kantoren. Bekend voorbeeld is dat het trustkantoor moet weten wie de uiteindelijke belanghebbende is (‘ultimate beneficial owner’ of UBO). Deze identificatieplicht geldt ook voor andere instellingen die financiële diensten leveren, zoals banken, notarissen en geldtransactiekantoren.

Verantwoordelijk ministerie