Commissie-Davids
Op 20 maart 2003 begon een coalitie van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk een militaire actie tegen het regime van Saddam Hoessein. Nederland besloot deze inval in Irak politiek te steunen. In 2009 deed de commissie-Davids een onderzoek naar de besluitvorming over deze politieke steun.
Onderzoek
De commissie betrok in het onderzoek onder meer het volkenrechtelijk mandaat, de inlichtingen- en informatievoorziening en de vermeende militaire betrokkenheid van Nederland.
Het onderzoek werd gedaan op verzoek van minister-president Balkenende en de ministers van BZ, Defensie en BZK.
Samenstelling commissie
De onafhankelijke Commissie van Onderzoek Besluitvorming Irak (commissie-Davids) begon op 3 maart 2009. De voorzitter was mr. W.J.M. Davids, oud-president van de Hoge Raad. De andere leden van de commissie waren mevrouw prof. dr. M.G.W. den Boer, prof. C. Fasseur, mr. T. Koopmans, prof. dr. N.J. Schrijver, mevrouw prof. dr. M.J. Schwegman, mr. A.P. van Walsum.
De commissie presenteerde het onderzoeksrapport op 12 januari 2010.
Kabinetsreactie
Het kabinet ging in brieven van 13 januari en 9 februari 2010 in op de onderzoeksresultaten van de commissie-Davids. Daarnaast beantwoordde het kabinet de vragen die eerder door de Eerste en de Tweede Kamer waren gesteld.
Het kabinet schrijft dat de bevindingen van de commissie leidend zijn geweest bij zijn kritische terugblik en bij het trekken van lessen voor heden en toekomst. Het kabinet formuleert acht lessen, met name met betrekking tot het volkenrechtelijk mandaat en de informatievoorziening.
Op 16 februari 2010 vond het debat met de Tweede Kamer plaats over het rapport van de commissie-Davids. Een Kamermeerderheid schaarde zich achter de kabinetslijn.
Documenten en publicaties
Kabinetsreactie rapport commissie-Davids
Het kabinet reageert in een brief aan de Tweede Kamer op het rapport van de commissie besluitvorming Irak.