Kabinetsformatie juli 2006 (Balkenende III)
Op 1 juli 2006 begon de formatie van een nieuw kabinet, nadat drie D66-bewindslieden hun ontslag hadden aangeboden en de overige leden van kabinet-Balkenende II hun portefeuilles ter beschikking hadden gesteld.
Na acht dagen werd het kabinet-Balkenende III gepresenteerd. Alle bewindslieden die hun portefeuille ter beschikking hadden gesteld, traden toe tot dit kabinet.
Aanleiding
Het kabinet-Balkenende II debatteerde op 16 mei en op 28 en 29 juni 2006 met de Tweede Kamer over de situatie rondom de nationaliteit van Tweede Kamerlid Ayaan Hirsi Ali.
Tijdens het debat op 29 juni zegde de fractie van D66 de politieke steun op aan het kabinet. Dit was aanleiding voor de ministers en staatssecretaris van D66 om daarop hun ontslag aan te bieden. Vervolgens hebben de overige kabinetsleden besloten hun portefeuille ter beschikking te stellen.
Informatie
Op 1 juli 2006 kreeg Minister van Staat en informateur Ruud Lubbers opdracht van de Koningin te onderzoeken of een missionair kabinet van CDA en VVD mogelijk is. Op 5 juli 2006 bood Lubbers zijn eindverslag aan.
De informateur beval aan om Balkenende te benoemen tot formateur van een kabinet van CDA en VVD. Dat kabinet had ook de taak verkiezingen te bevorderen op 22 november 2006.
Balkenende heeft vervolgens het derde kabinet-Balkenende gevormd, bestaande uit alle bewindslieden die hun portefeuille ter beschikking hadden gesteld.
In dit kabinet volgde Joop Wijn D66-minister Brinkhorst op als minister van Economische Zaken. Atzo Nicolaï neemt de portefeuille over van D66-minister Pechtold en wordt minister van Bestuurlijke Vernieuwing en Koninkrijksrelaties. Bruno Bruins treedt aan als staatssecretaris van OCW.