Dwangsom bij te laat beslissen

Burgers hebben in bepaalde gevallen recht op een vergoeding (dwangsom) als de overheid te laat een besluit neemt op hun aanvraag of bezwaarschrift. Bovendien kunnen zij dan via de rechter een besluit afdwingen. Hierdoor kunnen burgers trage besluitvorming van bestuursorganen tegengaan.

Overheid moet op tijd beslissen

Voor aanvragen en bezwaarschriften geldt een termijn waarbinnen de overheid een besluit moet nemen. Dit heet de beslistermijn.

Beslistermijn voor aanvragen

Een voorbeeld van een aanvraag, is een aanvraag van kinderbijslag of een horecavergunning.

Voor aanvragen geldt een ‘wettelijke’ of ‘redelijke’ termijn. Staat de beslistermijn niet in de wet? Dan geldt een redelijke termijn. Wat redelijk is, hangt af van de soort beslissing. Hierbij speelt onder meer de complexiteit van de zaak een rol. Een redelijke termijn kan variëren van enkele weken tot enkele maanden. De overheid moet in ieder geval binnen 8 weken een besluit nemen of een nieuwe beslistermijn bekendmaken.

In sommige gevallen wordt de beslistermijn uitgesteld. Dit kan als het bestuursorgaan meer informatie nodig heeft, bijvoorbeeld van een buitenlandse instantie. Het bestuursorgaan moet de indiener van de aanvraag hierover informeren.

Beslistermijn voor bezwaarschriften

Een voorbeeld van een bezwaarschrift, is een bezwaar tegen gemeentelijke belastingen.

Voor bezwaarschriften geldt een wettelijke termijn. In de meeste gevallen is deze termijn 6 weken en bij inschakeling van een bezwaarschriftenadviescommissie 12 weken. Let op: op grond van bijzondere wetgeving kunnen andere termijnen gelden.

De beslistermijn kan in de meeste gevallen (tenzij de wet dit uitsluit) voor maximaal 6 weken worden verlengd. In sommige gevallen kan de beslistermijn verder worden uitgesteld. Dit kan als het bestuursorgaan meer informatie nodig heeft, bijvoorbeeld van een buitenlandse instantie. Het bestuursorgaan moet de indiener van de aanvraag hierover informeren.

Voorlopige voorziening

Tijdens de bezwaarschriftprocedure blijft de beslissing waartegen u bezwaar maakt geldig. Het kan zijn dat deze beslissing intussen onherstelbare gevolgen voor u heeft. U kunt de voorzieningenrechter dan vragen tijdens de bezwaarschriftprocedure een voorlopige voorziening (maatregel) te treffen. Deze voorziening geldt in beginsel tot het moment dat er op het bezwaar wordt beslist. U kunt bijvoorbeeld de voorzieningenrechter vragen om de werking van het beslissing te schorsen. Dit betekent dat het bestuursorgaan de beslissing niet mag uitvoeren zolang het bezwaarschrift nog in behandeling is. U kunt de rechter echter ook vragen om voorlopig te krijgen wat het bestuursorgaan u tot dusver niet heeft willen verlenen. Aan deze procedure zijn kosten verbonden.

In gebreke stellen

Is de termijn verstreken en heeft de overheid geen besluit genomen op de aanvraag of het bezwaarschrift? Dan kan de indiener ervan de overheid in gebreke stellen. Daarmee laat hij de overheid weten dat zij niet voldoet aan haar verplichtingen. Dit kan op de volgende manier:

  • Download het formulier ingebrekestelling.
  • Print de brief uit en vul de gegevens in.
  • Stuur de brief naar de overheidsinstantie waar de aanvraag of het bezwaarschrift in behandeling is.
  • De overheid heeft vervolgens 2 weken de tijd om alsnog een beslissing te nemen.

Recht op dwangsom

De indiener van de aanvraag of het bezwaarschrift heeft de overheid in gebreke gesteld en de 2 weken zijn voorbij. Als de overheid dan nog geen besluit heeft genomen, dan heeft hij automatisch recht op een dwangsom (bestuurlijke dwangsom):

  • voor elke dag dat de beslistermijn wordt overschreden;
  • voor maximaal 42 dagen.

De dwangsom bedraagt maximaal € 1260,-. Bovendien kan de indiener een besluit afdwingen via de rechter. Het is niet nodig om eerst bezwaar te maken bij het bestuursorgaan zelf tegen het uitblijven van de beslissing. Als de rechtbank het beroep gegrond verklaart, moet het bestuursorgaan alsnog binnen 2 weken beslissen.

Tijdelijke uitzonderingen

Bij enkele aanvragen hebben heeft de indiener tijdelijk géén recht op een bestuurlijke dwangsom na overschrijding van de beslistermijn. Dit geldt ook voor eventueel daaropvolgende bezwaarprocedures. Het betreft aanvragen en/of bezwaarschriften die voor 1 oktober 2012 zijn ingediend: 

  • op grond van de Vreemdelingenwet 2000;
  • voor een visum op grond van het Soeverein Besluit van 12 december 1813;
  • voor een verklaring omtrent het gedrag op grond van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens;             
  • op grond van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie. 

Is de beslistermijn in de bovenstaande gevallen overschreden en heeft het bestuursorgaan binnen 2 weken, nadat het in gebreke is gesteld, nog geen beslissing op de aanvraag of het bezwaarschrift genomen, dan kan de indiener wél een besluit afdwingen via de rechter.

Belastingdienst/Toeslagen

Als het gaat om toeslagen (voor bijvoorbeeld huur, zorg of kinderopvang) heeft u sinds 2013 alleen recht op een dwangsom bij de definitieve toekenning van de toeslag. Dit geldt ook voor bezwaarschriften daarop. Bij de voorlopige toekenning van een toeslag of een wijziging daarvan geldt de dwangsomregeling niet. Ook niet voor bezwaarschriften daarop.

Hoe u aanspraak maakt op een dwangsom bij de Belastingdienst leest u op de website van de dienst.    

Wet dwangsom voor professionals

De regelgeving staat in de Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen. Professionals die met deze wet te maken krijgen, kunnen hier de juridische versie van de circulaire over de Wet dwangsom downloaden. Bij deze circulaire hoort nog een Aanvulling en verduidelijking bij de circulaire.

Ook zijn er 2 handleidingen beschikbaar. Een handleiding voor behandelaars van aanvragen en een handleiding voor behandelaars van bezwaarschriften. Deze handleidingen zijn bedoeld om professionals te ondersteunen wanneer zij te maken krijgen met de Wet dwangsom. Ook kunnen professionals gebruik maken van modelbrieven bij de behandeling van bezwaarschriften.

De Rijksoverheid. Voor Nederland.