Boekenaanbod waarborgen en lezen bevorderen
De Rijksoverheid wil zo veel mogelijk Nederlanders ertoe te bewegen literatuur te lezen. Het boekenaanbod moet divers, van hoge kwaliteit en voor iedereen bereikbaar zijn.
Het letterenbeleid van de Rijksoverheid bestaat uit 3 onderdelen:
- algemeen boekbeleid;
- leesbevordering;
- specifiek letterenbeleid dat is gericht op Nederlandse en Friese literatuur.
Algemeen boekbeleid
De Rijksoverheid streeft naar een veelzijdig boekenaanbod dat ruim beschikbaar is in boekhandels verspreid over Nederland. De belangrijkste overheidsmaatregelen om de boekenmarkt beter te laten functioneren zijn:
- Een laag btw-tarief van 6% voor boeken.
- De
Wet op de
vaste boekenprijs. Deze wet regelt dat er een vaste prijs is voor
Nederlandstalige en Friestalige boeken en voor muziekuitgaven. - Auteursrechtelijk geregeld leenrecht (interne link naar ‘Vernieuwing bibliotheken’). Leenrecht is de vergoeding die bibliotheken moeten betalen aan auteurs voor het uitlenen van boeken, films of cd’s
Leesbevordering
Lezen en schrijven zijn basisvaardigheden om goed te kunnen functioneren in de samenleving. Lezen en literatuur dragen ook bij aan de persoonlijke ontwikkeling van mensen. Daarom wil de Rijksoverheid dat zo veel mogelijk Nederlanders literatuur lezen.
Om kinderen en jongeren aan te moedigen literatuur te lezen, heeft de
overheid in 2008 het programma
Kunst van Lezen in
het leven geroepen. Kunst van Lezen bestaat uit 4 programmaonderdelen:
- BoekStart. Dit programma bevordert het voorlezen aan baby’s.
- Bibliotheek op de Basisschool. Dit programma stimuleert dat bibliotheken, basisscholen en gemeenten op het gebied van leesbevordering gaan samenwerken.
- Kennismaking Cultuurhistorische Canon. Aan de hand van Nederlandstalige (jeugd)literatuur en klassieke literaire werken worden de 50 canonvensters vanuit een literair perspectief toegankelijk gemaakt voor het onderwijs.
- Netwerken voor leesbevordering. Via deze netwerken worden relevante partijen op het terrein van leesbevordering en taalonderwijs bij elkaar gebracht. De deelnemers aan het netwerk wisselen onderling kennis en ervaringen uit en ontwikkelen een gezamenlijke visie op hoe leesbevordering in het onderwijs moet worden aangepakt.
De
Stichting Lezen en het
Sectorinstituut Openbare
Bibliotheken (SIOB) coördineren het programma Kunst van Lezen. Tot 2016
stelt de Rijksoverheid voor het programma jaarlijks bijna € 3 miljoen
beschikbaar.
Projecten voor literatuureducatie
Naast het programma Kunst van Lezen geeft de Rijksoverheid ook subsidie aan een
beperkt aantal landelijke partijen voor literatuureducatie. Zij houden zich
onder meer bezig met (de organisatie van):
- voorleesactiviteiten;
- dichtwedstrijden;
- poëzielessen;
- poetry slams (wedstrijden op verschillende plaatsen waar dichters hun werk voordragen);
- auteursbezoeken op school;
- activiteiten in samenwerking met bibliotheken;
- studiedagen voor literatuurdocenten en hun leerlingen;
- informatievoorziening en voorlichting aan scholen, overheden, culturele instellingen en andere betrokken partijen.
Stichting Lezen geeft geld en advies aan vernieuwende initiatieven, onderzoek, methodieken en instrumenten op het gebied van leesbevordering en literatuureducatie.
De
Stichting Schrijvers School en Samenleving
organiseert bezoeken van (kinder)boekenschrijvers aan scholen.
Het SIOB verzorgt de centrale informatievoorziening. De brancheorganisatie,
waar de meeste bibliotheken lid van zijn, promoot onder meer landelijke
activiteiten in bibliotheken. Voorbeelden zijn de
Nationale Voorleeswedstrijd en de
Kinderboekenweek.
Specifiek letterenbeleid
Door auteurs van literaire werken, uitgevers van bijzondere boeken en
literaire tijdschriften en projecten financieel te steunen, wil de Rijksoverheid
de Nederlandse en Friese literatuur stimuleren. Daarnaast stelt de overheid geld
beschikbaar aan instellingen die het literair erfgoed beschermen, zoals het
Letterkundig
Museum en het
Persmuseum. Het
Letterkundig Museum heeft de grootste en belangrijkste collectie
schrijversdocumenten van Nederland. Het Persmuseum is de nationale bewaarplaats
voor het journalistieke erfgoed.
Nederlands Letterenfonds voert specifiek letterenbeleid uit
Het
Nederlands
Letterenfonds voert een groot deel van het specifieke letterenbeleid uit.
Het fonds is ingesteld door de Rijksoverheid en is op 1 januari 2010 ontstaan
uit een fusie van het
Fonds voor de Letteren
en het
Nederlands
Literair Productie- en Vertalingenfonds. Het Nederlands Letterenfonds heeft
de volgende taken:
- financiële ondersteuning van literaire auteurs en vertalers via werkbeurzen;
- financiële ondersteuning van uitgevers van bijzondere boekuitgaven en literaire tijdschriften via productiesubsidies;
- subsidiëren van literaire manifestaties en projecten;
- promotie van Nederlandse literatuur in het buitenland.
Andere instellingen en evenementen die subsidie ontvangen
Het (kleinere)
Fonds voor
Bijzondere Journalistieke Projecten geeft financiële steun aan journalisten
en auteurs die bijzondere non-fictie schrijven. Het gaat daarbij om biografieën,
recente geschiedschrijving, essays of achtergrondartikelen in kranten. Het fonds
ontvangt subsidie van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW).
Op de website van het fonds staat
informatie
over subsidies voor journalisten en auteurs.
Andere belangrijke literaire instellingen en evenementen die subsidie krijgen van het ministerie van OCW zijn:
-
Het
Letterkundig Museum (literair erfgoed);
Poetry International
(internationaal literair festival);
Crossing Border (internationaal literair
festival);
Passionate (festival, schrijfwedstrijden,
tijdschrift);
De Stichting Schrijvers School en Samenleving
(instelling die bemiddelt voor lezingen van auteurs op bijvoorbeeld scholen).