Sparen via levensloopregeling

Via de levensloopregeling kunnen werknemers fiscaal aantrekkelijk sparen voor een periode van onbetaald verlof.

De levensloopregeling en het spaarloon worden in 2013 geïntegreerd tot een vitaliteitsregeling. Dit is een regeling die ondersteunt in zorgtaken, het volgen van scholing, opzetten van een eigen bedrijf, demotie of deeltijdpensioen.

Maximaal sparen via levensloopregeling

Bij sparen via de levensloopregeling wordt van het brutoloon een bedrag ingehouden en op een aparte rekening gezet. Per jaar kan maximaal 12% van het brutoloon worden gespaard. In totaal mag maximaal 210% van het bruto jaarloon worden gespaard.

Levensloopverlofkorting

Wie spaart via de levensloopregeling heeft per jaar recht op een korting op de inkomstenbelasting (IB), de zogenoemde levensloopverlofkorting. In 2011 bedraagt de levensloopverlofkorting maximaal € 201.

Werkloos en levensloopregeling

Bij werkloosheid blijft het levenslooptegoed op de levenslooprekening staan. Vindt iemand nieuw (of gedeeltelijk) werk, dan kan hij of zij verder sparen en het tegoed opnemen.

Sociale uitkeringen en levensloopregeling

Deelname aan de levensloopregeling heeft geen gevolgen voor sociale uitkeringen. Het spaartegoed heeft ook geen invloed op uw AOW-uitkering. 

Ouderdomspensioen (AOW) en levensloopregeling

Iemand die een pensioengat heeft, kan zijn ouderdomspensioen, binnen de geldende fiscale begrenzingen en met instemming van het pensioenfonds, aanvullen met zijn gespaarde levenslooptegoed.

Overlijden en levensloopregeling

Wat er met het tegoed op de levenslooprekening gebeurt als de spaarder komt te overlijden is afhankelijk van de manier waarop hij of zij gespaard heeft. Als het tegoed op een spaarrekening staat, dan ontvangen de erfgenamen dit tegoed. Bij een verzekering of belegging is dit vaak niet het geval. 

Levensloopregeling of spaarloonregeling

Bij de spaarloonregeling wordt niet gespaard voor een bepaald doel. Bij de levensloopregeling is dat wel het geval. Het gespaarde geld moet gebruikt worden om een periode van onbetaald verlof te financieren. Men kan niet tegelijkertijd deelnemen aan de levensloopregeling en de spaarloonregeling.