Luchtruim

Het Europese luchtruim is verdeeld op basis van landsgrenzen. Vliegtuigen maken nu omwegen omdat ze de grenzen van het luchtruim moeten respecteren. Uiterlijk eind 2012 wordt het luchtruim in Europa teruggebracht tot 9 luchtruimblokken (FAB). Vliegroutes zullen kilometers korter worden en de vliegtijd en de uitstoot van CO2 zullen verminderen.

Luchtruimvisie

Het Nederlandse luchtruim hoort tot het drukste deel van Europa. Het wordt steeds lastiger om te voldoen aan de behoeften van de vele gebruikers. Dit zijn niet alleen de burgerluchtvaart en het militaire verkeer, maar ook de kleine luchtvaart zoals business jets en recreatief vliegverkeer. Om aan deze opgaven te kunnen voldoen, moet het luchtruim boven Nederland efficiënter worden ingericht.

Het kabinet stelt een Nederlandse luchtruimvisie op, waarin wordt aangegeven hoe een andere inrichting, beheer en gebruik van het luchtruim kan bijdragen aan een optimale benutting van het luchtruim. Hierbij wordt zoveel mogelijk tegemoet gekomen aan de huidige en toekomstige behoeften van gebruikers.

De startnota van de Luchtruimvisie is in 2011 naar de Tweede Kamer gestuurd. De startnota Luchtruimvisie beschrijft het doel, de aanleiding, de noodzaak en het verdere proces om samen met de belanghebbenden te komen tot een robuuste en toekomstbestendige luchtruimvisie.

U kon tot en met 11 mei 2012 reageren op de plannen voor het Nederlandse luchtruim. Op basis van de reacties wordt de definitieve Luchtruimvisie vastgesteld. Deze gaat rond de zomer 2012 naar de Tweede Kamer.

Samenwerking

Het Nederlandse luchtruim is relatief klein en druk bevlogen. Internationale samenwerking is daarom hard nodig om de Nederlandse doelstellingen te kunnen realiseren. Alleen door grensoverschrijdend te werken kunnen routes worden verkort en kosten bespaard. Efficiënter gebruik van het luchtruim levert ook brandstofbesparingen op en leidt tot minder CO2-uitstoot. Ook voor het uitvoeren van glijvluchten, wat de overlast voor omwonenden beperkt, is het nodig dat al buiten onze landsgrenzen invloed kan worden uitgeoefend op het luchtverkeer. Meedoen met FABEC (Functional Airspace Block Europe Central), een gemeenschappelijk luchtruimblok waarin België, Frankrijk, Duitsland, Luxemburg, Zwitserland en Nederland samenwerken, is daarom van groot belang.

Nieuwe technologieën

Toepassen van nieuwe technologieën op het gebied van radar-, navigatie- en communicatietechnologie, maakt efficiënter vliegen mogelijk. Door betere navigatie kunnen routes dichter bij elkaar liggen en zo wordt de capaciteit van het luchtruim vergroot. Om snel van deze nieuwe technologieën te profiteren, wordt hier zowel nationaal als Europees hard aan gewerkt.

In Europees verband gebeurt dat onder andere via het externe link: Single European Sky ATM Research and Development Programme (SESAR). In Nederland wordt dat bijvoorbeeld via de Roadmap voor de introductie van Performance Based Navigation (PBN) gedaan. De Luchtruimvisie zal de samenhang tussen de verschillende ontwikkelingen op dit terrein laten zien en de bijdrage ervan aan een efficiënter gebruik van het luchtruim.

Gezin kijkt vanaf een bankje naar taxiënd vliegtuig.

Verantwoordelijk ministerie