Mensenrechten voor iedereen
Voor je mening uitkomen, onderwijs, eten en een dak boven je hoofd. Niemand mag dat van iemand afnemen. Het zijn universele mensenrechten die voor iedereen op de wereld gelden.
Waarom mensenrechten
Mensenrechten zijn er om burgers te beschermen tegen de macht van de staat. De staat mag bijvoorbeeld niet:
- iemand zomaar gevangen zetten;
- inbreuk maken op iemands privacy;
- iemand beletten om zijn mening te geven.
Mensenrechten zijn er ook om de overheid te verplichten om minderheden en kwetsbare groepen te beschermen. De regering moet bijvoorbeeld maatregelen nemen om structureel geweld tegen vrouwen of discriminatie van homo’s tegen te gaan.
Mensenrechten zijn geregeld in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. De internationale gemeenschap treedt op tegen schendingen van mensenrechten.
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens
Mensenrechten zijn universeel en gelden dus voor iedereen, altijd en overal. In de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staan de 30 belangrijkste mensenrechten. De VN stelden de verklaring in 1948 op. Alle VN-lidstaten hebben de Universele Verklaring ondertekend. Daarmee verklaren ze de 30 universele mensenrechten te respecteren.
Voorbeelden van mensenrechten uit de
Universele
Verklaring van de Rechten van de Mens:
- het recht op leven, vrijheid en veiligheid;
- vrijwaring van slavernij, foltering, willekeurige aanhouding/detentie;
- gelijkheid voor de wet;
- vrijheid van meningsuiting, vereniging en vergadering;
- het recht op privacy en bewegingsvrijheid;
- het recht op een eerlijke rechtsgang;
- het recht deel te nemen aan het politieke proces;
- het recht op een behoorlijke levensstandaard (gezondheidszorg, voeding, kleding, huisvesting);
- het recht op eigendom;
- het recht op arbeid en gelijk loon voor gelijke arbeid.
Facultatieve mensenrechtenverdragen VN
Er zijn ook mensenrechten die niet door alle landen geaccepteerd zijn, zoals de doodstraf afschaffen. In Nederland is de doodstraf verboden. Nederland pleit voor afschaffen van de doodstraf, overal ter wereld. Maar sommige landen denken daar anders over. Zo is de doodstraf in sommige staten van de Verenigde Staten wel toegestaan. Het recht op afschaffen van de doodstraf is vastgelegd in een facultatief verdrag. Facultatief betekent dat landen er zelf voor kiezen of zij dat verdrag ondertekenen.
Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Om schendingen van de mensenrechten in Europa te voorkomen, bestaat sinds
1950 het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Het
Europees Hof voor de Rechten van de Mens ziet erop toe dat
de 47 lidstaten van de Raad van Europa zich aan het verdrag houden.
In het verdrag zijn onder andere de volgende rechten vastgelegd:
- het recht op leven;
- het verbod op foltering en onmenselijke behandeling;
- het recht op vrijheid en veiligheid;
- het recht op een eerlijk proces;
- het recht op eerbiediging van privé- en familieleven;
- vrijheid van meningsuiting;
- vrijheid van godsdienst en levensovertuiging;
- verbod op discriminatie.
Absolute en relatieve mensenrechten
Het recht op leven en het verbod op foltering zijn absolute mensenrechten. Dit betekent dat de staat nooit inbreuk mag maken op die rechten. Andere rechten zijn relatieve rechten. Deze rechten kunnen (onder strenge voorwaarden) door de staat worden beperkt, bijvoorbeeld als een ander recht belangrijker is zoals het recht op vrijheid vervalt als iemand door de rechtbank veroordeeld is tot gevangenisstraf. En het recht op vrije meningsuiting vervalt als iemand daarmee discrimineert.
Burger-, politieke, economische, sociale en culturele rechten
Er zijn 2 soorten mensenrechten. Burgerrechten en politieke rechten enerzijds (BuPo-rechten) en economische, sociale en culturele rechten anderzijds (ESC-rechten).
Burgerrechten zijn bijvoorbeeld het recht op:
- leven;
- lichamelijke en geestelijke onschendbaarheid;
- vrijheid van meningsuiting.
Politieke rechten zijn bijvoorbeeld:
- kiesrecht;
- het recht op deelname aan bestuur;
- het recht op het vormen van politieke partijen.
Economische, sociale en culturele rechten zijn bijvoorbeeld:
- het recht op arbeid;
- het recht op onderwijs;
- het recht op een minimum levensstandaard. Een minimum levensstandaard betekent: genoeg eten, kleding en huisvesting, en een zo goed mogelijke lichamelijke en geestelijke gezondheid.
Economische, sociale en culturele rechten hangen nauw samen met burgerrechten en politieke rechten. Zo heeft een sloppenwijkbewoner die uit zijn huis is gezet niets aan een nieuw onderkomen (ESC-recht) als hij geen juridische garantie heeft dat hij niet opnieuw zijn huis uit wordt gezet (burgerrecht). En voor slachtoffers van seksueel geweld is het niet alleen belangrijk dat de politie de daders arresteert, (burgerrecht) maar ook dat zij medische zorg krijgen (ESC-recht).
Schendingen van de mensenrechten
Iemand die een ander op straat in elkaar slaat, krijgt te maken met het strafrecht. Dat komt omdat in Nederland de mensenrechten verankerd zijn in het strafrecht.
Een gevangenisbewaker is in dienst van de overheid. Als hij iemand martelt, schendt hij de mensenrechten. De persoon die gemarteld is kan de staat aanklagen.
Mensenrechtenschendingen in Nederland
In Nederland en de meeste andere landen van de EU komen ernstige schendingen van de mensenrechten weinig voor. Toch zijn ook in Nederland de mensenrechten wel eens in het geding. Het gaat bijvoorbeeld om:
- geweld door de politie tijdens een demonstratie;
- discriminatie tegen homo’s;
- beperking van de persvrijheid of vrijheid van meningsuiting;
- uitzettingskwesties van asielzoekers.
Nederlanders kunnen met klachten over mensenrechtenschendingen terecht bij de rechtbank. Als ze ook in hoger beroep niet door de rechter in het gelijk worden gesteld, kunnen ze met hun klacht naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
Verder spelen het parlement en de media een belangrijke controlerende rol. Zij kunnen mensenrechtenschendingen bestrijden door ze aan de kaak te stellen.