Modernisering monumentenzorg
De Rijksoverheid wil de monumentenzorg op 3 hoofdpunten moderniseren. Onder meer door gemeenten en provincies in hun ruimtelijke ordening rekening te laten houden met cultureel erfgoed.
1. Nieuwe bestemmingen voor oude gebouwen
De Rijksoverheid wil dat leegstaande monumenten worden hergebruikt. Dit voorkomt leegstand en verval en behoudt monumenten voor de toekomst.
De Rijksoverheid stimuleert herbestemming met
- een subsidieregeling. Vanaf najaar 2011 kunnen eigenaren subsidie aanvragen voor het wind- en waterdicht houden van hun monumenten en voor een haalbaarheidsstudie naar herbestemming;
- het
Nationaal
Programma Herbestemming. Het programma stimuleert herbestemming door kennis
over herbestemming te delen.
2. Eenvoudige regelgeving voor eigenaren monumenten
De Rijksoverheid wil het voor eigenaren gemakkelijker maken om een monument te onderhouden. Om dit te bereiken heeft zij het volgende besloten:
- Subsidie aanvragen wordt eenvoudiger en minder tijdrovend.
- Vergunningen worden sneller verleend. Voor gemeentelijke en provinciale monumenten geldt niet meer de uitgebreide procedure van 26 weken, maar de reguliere van 8 weken.
- Sinds 1 januari 2012 is voor een aantal kleine ingrepen in rijksmonumenten
helemaal geen vergunning meer nodig. Op de website van de Rijksdienst voor het
Cultureel Erfgoed (RCE) staat een
uitleg
over de kleine ingrepen die vergunningvrij worden.
3. Cultuurhistorie onderdeel van ruimtelijke plannen
De Rijksoverheid wil dat er in de monumentenzorg niet alleen oog is voor het monument zelf, maar ook voor de omgeving ervan en het gebied op zichzelf: het zogenaamde gebiedsgerichte erfgoedbeleid. Dit betekent dat een gemeente kan bepalen dat een torenflat niet zomaar naast een monument mag worden gebouwd.
De regering heeft in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) vastgelegd dat gemeenten vanaf 1 januari 2012 in hun bestemmingsplannen rekening moeten houden met aanwezige cultuurhistorische waarden. Burgers krijgen hiermee het recht om bij de planning van bouwwerkzaamheden aan te geven of er cultureel erfgoed wordt geraakt.
Plannen kabinet voor gebiedsgericht erfgoedbeleid
Het kabinet heeft in de Visie erfgoed en ruimte 5 prioriteiten in het gebiedsgerichte erfgoedbeleid aangewezen die aangeven hoe het Rijk er in de komende jaren voor wil zorgen dat monumentenzorg een rol speelt in de ruimtelijke ordening.
Het kabinet richt zich in het gebiedsgerichte erfgoedbeleid op erfgoed dat
- bepalend is voor het karakter van Nederland;
- verbonden kan worden met andere ruimtelijke ontwikkelingsopgaven op het gebied van economie, veiligheid en duurzaamheid.
Het kabinet wil partijen als gemeenten en ontwikkelaars ertoe bewegen dat zij monumenten gebruiken voor economische en maatschappelijke doeleinden.
5 prioriteiten gebiedsgericht erfgoedbeleid
Het kabinet heeft 5 prioriteiten in het gebiedsgerichte erfgoedbeleid:
1. Werelderfgoed: samenhang borgen, uitstraling vergroten
De economische betekenis van het Nederlandse Werelderfgoed wordt vergroot door
het toerisme te bevorderen.
2. Veiligheid en eigenheid zee, kust en rivieren
Het Rijk start onder meer samen met de provincies een pilotproject Kust &
Erfgoed.
3. Herbestemming als (stedelijke) gebiedsopgave: focus op groei en krimp
Er komt een pilotprogramma Gebiedsgerichte Erfgoedzorg & Krimp. Het behoud
van historische gebouwen is belangrijk om krimpgebieden aantrekkelijk te houden.
4. Levend landschap: erfgoed, economie en ecologie brengen elkaar vooruit
Het kabinet wil de ontwikkeling van cultureel erfgoed verbinden met opgaven als
biodiversiteit en energietransitie.
5. Wederopbouw: tonen van een tijdperk
De periode 1940-1965 moet herkenbaar aanwezig blijven in Nederland. Er zijn in
deze periode veel innovaties ontwikkeld - massawoningbouw, standaardisering van
het bouwproces, functiescheiding - die aandacht en bescherming verdienen.
Samenwerkingsprogramma Erfgoed en Ruimte
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap start een samenwerkingsprogramma Erfgoed en Ruimte op dat zich richt op de 5 speerpunten voor gebiedsgericht erfgoedbeleid. In 2011-2012 beginnen de pilotprojecten, in 2013 start het programma.
30 Wederopbouwgebieden
Het kabinet heeft 30
Wederopbouwgebieden van
nationale betekenis geselecteerd. Deze gebieden zullen in samenwerking met
gemeenten worden beschermd en ontwikkeld. Bij de 30 Wederopbouwgebieden horen:
- wederopgebouwde kernen als de oostelijke binnenstad van Rotterdam;
- naoorlogse woonwijken zoals Pottenberg in Maastricht;
- landelijke gebieden, bijvoorbeeld de Noordoostpolder.