Vraag en antwoord
Wat kan ik doen als de andere ouder het niet eens is met de naamswijziging van mijn kind?
U mag alleen een verzoek tot naamswijziging indienen voor een kind als u het ouderlijk gezag heeft (u bent de wettelijke vertegenwoordiger). Als beide ouders ouderlijk gezag hebben moeten zij allebei het verzoek ondertekenen. Wil één van de ouders niet dat de achternaam gewijzigd wordt? Dan kan de rechter vervangende toestemming verlenen voor het indienen van het verzoek.
Vervangende toestemming
Als u vervangende toestemming krijgt, kunt u alsnog een verzoek indienen zonder medewerking van de andere ouder. Er wordt wel altijd naar de mening van de andere ouder gevraagd. Vervangende toestemming betekent niet dat er al daadwerkelijk akkoord wordt gegeven op het verzoek tot naamswijziging. Het betreft puur het indienen van het verzoek.
Beoordeling naamswijziging
Nadat vervangende toestemming is gegeven, wordt het verzoek tot naamswijziging inhoudelijk beoordeeld. Daarbij geldt dat ook een ouder die geen gezag heeft moet instemmen met het verzoek. Een uitzondering hierop is als het verzoek tot naamswijziging een kind van 12 jaar of ouder betreft. Dan is de wil van het kind doorslaggevend.
Uitzonderingssituaties
Is één van de ouders het niet met de naamswijziging eens, dan is toewijzing van het verzoek in sommige situaties toch mogelijk. Dit is het geval wanneer deze ouder, van wie het kind de naam draagt:
- strafrechtelijk is veroordeeld voor het plegen van een misdrijf tegen het kind;
- door de rechter is ontzet uit het ouderlijk gezag;
- niet of nauwelijks met het kind in gezinsverband heeft samengeleefd.
Meer informatie
Meer informatie over het wijzigen van uw achternaam of dat van uw kind vindt u in de brochure Naamswijziging. Met vragen kunt u terecht bij de Dienst Justis van het ministerie van Veiligheid en Justitie, Team Koninklijke Besluiten.