Investeren in topsectoren

Het kabinet wil topsectoren waarin Nederland wereldwijd uitblinkt, nog sterker maken. Om dat te bereiken, gaan overheid, bedrijfsleven, universiteiten en onderzoekscentra samen werken aan kennis en innovatie. De afspraken hierover zijn vastgelegd in zogeheten innovatiecontracten.

Voortzetten topsectorenbeleid

De samenwerking tussen het bedrijfsleven, wetenschappelijke instellingen, regio's en overheid is belangrijk. Het kabinet wil daarom doorgaan met het topsectorenbeleid.

  • Zo blijft er via de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) € 275 miljoen beschikbaar voor programmatisch onderzoek. Hierbij verrichten verschillende onderzoekers gezamenlijk onderzoek.
  • Er komt € 150 miljoen extra om fundamenteel onderzoek (kennisontwikkeling) te versterken, waarvan € 50 miljoen door herprofilering.
  • Er komt € 110 miljoen voor samenwerking tussen bedrijven en kennisinstellingen. Hier staat tegenover dat de generieke subsidies omlaag gaan. Dit bedrag wordt vrijgemaakt door subsidies via belastingen te verlagen.
  • In 2015 wordt een winstbox ingevoerd. Zo komt er een gelijkmatige belastingheffing bij ondernemers en werknemers.

Innovatie in 9 topsectoren

Voor elk van de 9 topsectoren is een innovatiecontract gemaakt. In deze innovatiecontracten staan maatregelen, plannen en afspraken om de topsectoren de komende jaren te versterken.

Daarnaast zijn ICT, nanotechnologie en biobased economy onderwerpen die meerdere topsectoren aangaan; daarvoor zijn actieagenda's opgesteld.

Samenwerking in topteams

Aan het roer van de innovatiecontracten staan de zogeheten topteams. Hierin werken onderzoekers, ondernemers en de overheid (de ‘gouden driehoek’) samen. Elke sector heeft zijn eigen topteam. Elk topteam bestaat uit:

  • een innovatieve ondernemer uit het midden- en kleinbedrijf (MKB);
  • een wetenschapper;
  • een vertegenwoordiger van de overheid;
  • een boegbeeld uit de sector.

Uitvoering van de innovatiecontracten

Elk innovatiecontract bevat een mix van maatregelen op de volgende gebieden:

  • fundamenteel onderzoek (kennis, zoals vergistingstechnologie);
  • toegepast onderzoek (kunde, zoals onderzoek naar het terugwinnen van warmte uit afvalwater);
  • valorisatie (kassa, de beschikbare kennis verzilveren zoals het verwarmen van een woonwijk in Sneek door de energie uit toiletwater).

Behalve innovatiecontracten hebben de topteams ook human capital agenda’s opgesteld. Deze agenda’s dienen het onderwijs beter te laten aansluiten op de arbeidsmarkt.

Oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen

Veel innovatiecontracten zijn gericht op oplossingen voor ‘maatschappelijke uitdagingen’. Om de toenemende vraag naar voedsel op te vangen, wil de sector AgriFood bijvoorbeeld een duurzame voedselproductie ontwikkelen (dat wil zeggen: productie die energiezuinig is, milieuvriendelijk, en die niet ten koste gaat van mens en dier). De sector high tech kijkt onder meer naar nieuwe systemen voor gezondheidszorg.

Daarnaast is een aantal innovatiecontracten voor een deel gericht op ontwikkelingssamenwerking. De topsector Life Sciences & Health heeft bijvoorbeeld voorstellen gedaan om armoedegerelateerde ziekten tijdig op te sporen en te bestrijden.

Praktijkvoorbeeld: innovatie in de glastuinbouw

In de tuinbouwsector is het Improvement Centre in Bleiswijk een goed voorbeeld dat de meerwaarde van samenwerking laat zien. In dit centrum ontwikkelen wetenschappers van de Wageningen Universiteit & Research Centre nieuwe producten en technologieën voor teeltprocessen in de glastuinbouw. Ook testen zij of de innovaties in de praktijk rendabel zijn. Ondernemers lopen zo minder risico op schade. Het onderzoek wordt gedeeltelijk betaald door het bedrijfsleven.

Van actieagenda naar innovatiecontract

De topteams hebben in 2011 de kansen en knelpunten van hun sector verwerkt in een zogeheten actieagenda. Het kabinet heeft hierop gereageerd met de brief 'Naar de top: het bedrijvenbeleid in actie(s)'. Vervolgens hebben de topteams voor elke topsector een innovatiecontract en een human capital agenda opgesteld.

Op 2 april 2012 is het Nederlands kennis en innovatiecontract getekend en hebben bedrijven, kennisinstellingen en de overheid aangegeven wat hun bijdrage is.

Onderzoekagenda's TO2-instituten 2014

Op verzoek van minister Kamp hebben de TO2-instituten (TNO, DLO, Deltares, NLR, Marin en ECN) hun onderzoeksagenda's voor 2014 op hun websites gezet:

ICT-team voor topsectoren

Op ICT-gebied behoort Nederland internationaal gezien bij de koplopers. Een nieuw team zorgt ervoor dat Nederland deze toppositie behoudt. Hiervoor werkt het team nauw samen met spelers van de topsectoren. Het ministerie van Economische Zaken (EZ) coördineert de werkzaamheden van het team.

Documenten en publicaties

De Rijksoverheid. Voor Nederland.