Tijdens de gevangenisstraf

Ex-gevangenen gaan om verschillende redenen opnieuw de fout in. Bijvoorbeeld door een verslaving of psychische problemen. Gedetineerden krijgen daarom tijdens hun gevangenisstraf een programma dat speciaal voor hen is samengesteld. Deze persoonlijke aanpak moet voorkomen dat ex-gedetineerden na hun straf opnieuw de fout in gaan.

Persoonlijk detentieplan

In een persoonlijk detentieplan staat beschreven wat de gedetineerde doet tijdens zijn gevangenisstraf. Zo zijn er standaardactiviteiten als werken en sporten. Maar naast deze activiteiten krijgt de gevangene ook een persoonlijk dagprogramma. Soms hebben gedetineerden extra zorg nodig. Bijvoorbeeld psychiatrische zorg of verslavingszorg.

Voorbereiding op een baan

Tijdens de gevangenisstraf kunnen gedetineerden scholing krijgen. Hierdoor zijn zij beter voorbereid op een baan als zij de gevangenis weer verlaten. Ook dit voorkomt recidive. Om gevangenen klaar te stomen voor een baan wordt er intensief samengewerkt met maatschappelijke organisaties zoals het externe link: Centrum voor Werk en Inkomen (CWI).

Verlof

Een gedetineerde mag 6 keer per jaar met verlof. Dit verlof bereidt de gevangene voor op de terugkeer in de samenleving. 

Gevangenis in de buurt

Gedetineerden zitten hun straf zoveel mogelijk in hun eigen regio uit. Zo kunnen zij na afloop van de straf terugkeren in hun woongemeente. Als een gevangene een korte straf moet uitzitten, wordt hij zoveel mogelijk geplaatst in een gevangenis in zijn eigen regio. Gedetineerden met een lange straf gaan 4 maanden voor hun vrijlating naar een gevangenis in de eigen regio als ze daar nog niet geplaatst zijn. Tijdens en na de gevangenisstraf krijgen (ex)-gedetineerden zorg om hen te begeleiden bij hun terugkeer in de maatschappij. De maatschappelijk medewerkers houden de gemeente op de hoogte van de situatie van de gevangene. Hierdoor krijgt een gevangene continue zorg die niet stopt als hij uit de gevangenis is.

De Wet voorwaardelijke invrijheidstelling

Door de Wet voorwaardelijke invrijheidsstelling komen veroordeelden met een tijdelijke gevangenisstraf van minimaal 1 jaar alleen nog onder voorwaarden in aanmerking voor vervroegde vrijlating. Ook krijgen zij een proeftijd. Als de gevangene tijdens de proeftijd de fout ingaat, moet hij alsnog de rest van zijn straf uitzitten. De kans op recidive is hierdoor kleiner.