Maatregelen voor toegankelijker openbaar vervoer

Er zijn veel verschillende maatregelen nodig om het openbaar vervoer toegankelijker te maken. Zo worden bijvoorbeeld de perrons op veel stations aangepast, zodat reizigers gelijkvloers kunnen instappen. Alle bussen krijgen een lage vloer.

Toegankelijke bussen, trams, metro’s en haltes

Het stads- en streekvervoer moet vanaf  1 januari 2016 optimaal toegankelijk zijn voor mindervalide mensen. Dit betekent dat ongeveer 70% van alle busreizen toegankelijk wordt gemaakt. Het kabinet heeft dit met de provincies en stadsregio’s afgesproken.

De Wet gelijke behandeling chronisch zieken en gehandicapten geldt vanaf het voorjaar van 2012 ook voor het OV. Vanaf dat moment gaan de volgende voorwaarden gelden voor bussen, trams en metro’s:

Bussen

  • Vrijwel alle bussen in het stads- en streekvervoer hebben een lage vloer.
  • Vanaf 1 januari 2016 zijn de meest drukbezochte bushaltes toegankelijk voor mensen met een functiebeperking. Het gaat dan om gemiddeld 46% (21.000) van de bushaltes. Ze hebben dezelfde hoogte als de vloer van de bussen, zodat reizigers gemakkelijk in- en uit de bus kunnen stappen.
  • Vanaf 1 januari 2016 worden de overige bushaltes aangepast als dit financieel, technisch en logistiek redelijkerwijs kan.

Trams

  • Alle trams van Randstadrail en de sneltram Utrecht-Nieuwegein zijn toegankelijk voor mensen met een functiebeperking. Dat geldt ook voor een deel van de stadstrams in de binnensteden van Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Welk percentage van de trams en tramhaltes toegankelijk moet zijn op 1 januari 2020, moet nog worden bepaald.

Metro’s

  • Alle metro’s zijn toegankelijk voor mensen met een functiebeperking. Vanaf 1 januari 2015, moeten ook alle metrostations en -haltes geschikt zijn voor mensen met een functiebeperking.

Treinen en stations

In juni 2006 hebben ProRail en de NS een externe link: implementatieplan opgesteld voor de verbetering van het openbaar vervoer. Dit plan is in 2010 geactualiseerd en op 28 juni 2011 naar de Tweede Kamer gestuurd.

Bij gesprekken over de nieuwe concessie met NS zijn de volgende afspraken gemaakt over toegankelijkheid:

  • Als NS nieuwe treinen bestelt, moeten deze zelfstandig toegankelijk zijn.
  • Sprintertreinen moeten vanaf 1 januari 2025 zelfstandig toegankelijk zijn.
  • Om de toegankelijkheid van de sprintertreinen in de komende periode al te verbeteren, zal de NS naar een betere oplossing zoeken om de kloof tussen de trein en het perron in ieder geval bij één deur per treinstel te verkleinen.
  • Op trajecten waar geen sprintertreinen rijden, streeft de NS er naar om zoveel mogelijk toegankelijke intercitytreinen in te zetten.
  • Mensen met een functiebeperking kunnen binnen één uur voor aanvang van hun reis hulp aanvragen bij de NS. Op de 7 stations met de meeste aanvragen, wordt dit nog verder bekort tot 15 minuten.
  • De NS gaat zo snel als mogelijk zorgen voor goede en actuele informatie over welke reizen en welke treinen toegankelijk zijn.
  • Deze informatie moet toegankelijk zijn voor mensen die blind, slechtziend, doof of slechthorend zijn.
  • NS zal samen met de Chronisch Zieken en Gehandicaptenraad (CG-Raad) een prijsvraag uitzetten voor mogelijkheden om de toegankelijkheid verder te verbeteren.

De minister van Infrastructuur en Milieu heeft daarnaast onderzocht of het mogelijk is om treinen die na 2030 nog zullen rijden, versneld toegankelijk te maken. Het blijkt dat dit erg duur en risicovol is. Daarom is besloten dat deze treinen blijven rijden en pas bij afschrijving worden vervangen. Dit betekent dat in 2030 72% van de treinen zelfstandig toegankelijk zal zijn. In 2034 zal dit 85% zijn. In 2045 worden vermoedelijk de laatste treinen vervangen en is naar verwachting 100% van de treinen toegankelijk.

Stations

  • Vanaf 1 januari 2016 zijn alle stations toegankelijk voor mensen die blind, slechtziend, doof of slechthorend zijn.
  • Vanaf 1 januari 2020 is 70% van de treinstations ook toegankelijk voor mensen met een motorische functiebeperking. Hierbij gaat het om 263 van de in totaal 386 treinstations.
  • In de periode 2020-2030 worden ook de perronhoogtes op de overige stations aangepast en worden als het nodig is liften en/of hellingbanen aangebracht.

Reisinformatie

Reizigers die blind, slechtziend, doof of slechthorend zijn moeten toegang hebben tot actuele reisinformatie. Niet alleen voorafgaand aan hun reis, maar ook tijdens hun reis.

Vanaf 1 januari 2015:

  • kunnen reizigers voorafgaand aan hun reis informatie in beeld en geluid opvragen via internet. Deze informatie is ook beschikbaar per telefoon en op schrift;
  • krijgen reizigers op haltes en stations tijdig informatie in beeld en geluid als de vertrektijd, de opstapplaats en/of de eindbestemming afwijken van de dienstregeling;
  • wordt tijdens de reis in de voertuigen tijdig informatie in beeld en geluid gegeven over de aankomst op tussengelegen stations.

Persoonlijke hulp

Het personeel van vervoerders moet klantvriendelijk zijn tegenover mensen met een handicap. Daarom wordt het recht op persoonlijke hulp voor deze reizigers vergroot. Vanaf  het moment dat de Wet gelijke behandeling chronisch zieken en gehandicapten ook voor het OV van kracht is, zijn de  chauffeur of de wagenassistent in bussen en trams verplicht om hulp te bieden aan mensen met een handicap als deze daarom vragen en als de werkzaamheden het toestaan.

Rechtsbescherming

Met de wet gelijke behandeling chronisch zieken en gehandicapten krijgen mensen met een functiebeperking rechtsbescherming tegen ongelijke behandeling in het OV. Als ze denken dat er geen of onvoldoende uitvoering wordt gegeven aan de gestelde normen voor toegankelijkheid, kunnen ze daarover een klacht indienen bij de vervoerder of beheerder. De reizigers kunnen ook juridische actie ondernemen, bijvoorbeeld als de klacht door de vervoerder of beheerder niet naar tevredenheid wordt afgehandeld. Daartoe kunnen zij bijvoorbeeld de Commissie Gelijke Behandeling of de rechter om een oordeel vragen. Dit recht is niet onbeperkt, doordat voor verschillende maatregelen om de toegankelijkheid te verbeteren verschillende deadlines gelden.

Vervoervoorwaarden

Vanaf het moment waarop de Wet gelijke behandeling chronisch zieken en gehandicapten ook voor het OV van kracht is (naar verwachting voorjaar 2012) moeten vervoerders in hun vervoervoorwaarden aangeven hoe zij de toegankelijkheid tot hun voorzieningen hebben geregeld.

Documenten en publicaties

Heeft u een klacht over de toegankelijkheid van het openbaar vervoer?

Als het openbaar vervoer niet voldoet aan de verplichtingen voor toegankelijkheid, kunt u diverse stappen ondernemen.

Rapport | 08-05-2012 | IenM

Wanneer worden de maatregelen genomen die het openbaar vervoer toegankelijk maken?

Termijnen waarop OV-voorzieningen toegankelijk moeten zijn voor mensen met een functiebeperking die zelfstandig kunnen reizen.

Rapport | 08-05-2012 | IenM

Vragen over aanpassingen om openbaar vervoer toegankelijker te maken?

Als u nadere informatie wilt over de toegankelijkheid van openbaar vervoervoorzieningen, kunt u bij diverse partijen terecht.

Rapport | 08-05-2012 | IenM

FAQ - Toegankelijk Openbaar Vervoer

Rapport | 08-05-2012 | IenM

Verantwoordelijk ministerie

Zie ook