Restitutiecommissie

In 2001 stelde de rijksoverheid de Adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog, kortweg Restitutiecommissie in.

De externe link: Restitutiecommissie brengt onafhankelijk advies uit aan de overheid over individuele verzoeken tot teruggave van cultuurgoederen die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn verdwenen. De oorspronkelijke eigenaar of diens erfgenamen kunnen aanspraak maken op kunstwerken door een verzoek tot teruggave (restitutieverzoek) in te dienen. Het gaat daarbij om claims op kunstwerken waarvan de eigenaar onvrijwillig het bezit is verloren door omstandigheden die direct verband hielden met het naziregime.

Indienen restitutieverzoek

De Restitutiecommissie adviseert uitsluitend op schriftelijk verzoek van de minister voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Dit betekent dat verzoeken om teruggave bij de minister moeten worden ingediend. Die legt het verzoek voor aan de Restitutiecommissie. De verzoeker ontvangt daarna een brief van de commissie waarin de verdere procedure wordt toegelicht.

Ook worden hem of haar in een vragenformulier meer gegevens over het geclaimde object gevraagd, bijvoorbeeld om welk concreet kunstwerk het gaat, wat de relatie van de verzoeker met de oorspronkelijke eigenaar is en onder welke omstandigheden het kunstwerk verloren is geraakt.

Het postadres voor het indienen van restitutieverzoeken is:

Ministerie van OCW
T.a.v. de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Postbus 16375
2500 BJ Den Haag

Onderzoek en rapportage

Na ontvangst van het verzoek via de minister stelt de Restitutiecommissie een onderzoek in. Ze bekijkt onder meer hoe en onder welke omstandigheden de eigenaar het bezit over het kunstvoorwerp is kwijtgeraakt. De commissieleden en het secretariaat beschikken hiervoor over de vereiste expertise, maar roepen indien nodig de hulp van externe specialisten in.

Hoe lang het onderzoek duurt, is vooral afhankelijk van de informatie waarover de commissie kan beschikken. Is het onderzoek voltooid dan krijgt de verzoeker daarvan een rapport waarop hij kan reageren.

Advies

Is het onderzoek afgerond dan stelt de Restitutiecommissie haar advies vast dat naar de minister gaat. De verzoeker ontvangt daarvan bericht. De inhoud van het advies wordt bekendgemaakt nadat de minister een beslissing heeft genomen over het verzoek tot teruggave.

Duur van procedure

De duur van de procedure kan per zaak sterk variëren. Voor het verzamelen van informatie is de commissie namelijk afhankelijk van verzoekers zelf en derden, zoals archieven in of buiten Nederland.

Openbaarmaking en vertrouwelijkheid

De verantwoordelijkheid voor het openbaar maken van het advies laat de commissie in eerste instantie aan de minister. Deze stuurt de verzoeker de beslissing op zijn claim toe, waarbij het advies van de commissie wordt meegezonden. De Restitutiecommissie treedt pas met haar advies naar buiten nadat verzoeker is geïnformeerd over het advies. Daarbij maakt zij de identiteit van de verzoeker uit eigen beweging niet bekend.

Voor het onderzoek naar persoonlijke gegevens en vermelding daarvan in rapporten en het advies vraagt de commissie de verzoeker om instemming.