Vaccinatie kinderen
Het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) schrijft voor dat alle Nederlandse kinderen ingeënt worden tegen een aantal ziekten. Deze inentingen zijn niet verplicht.
Toch laat meer dan 95 % van de ouders hun kinderen vaccineren. Kinderen krijgen de prikken tussen hun 0e en 4e jaar; als ze 9 zijn, wordt één prik herhaald. Het gaat om inentingen tegen de volgende ziekten:
- difterie;
- kinkhoest;
- tetanus;
- polio (kinderverlamming);
- Hib-ziekten;
- hepatitis B:
- pneumokokken;
- bof;
- mazelen;
- rodehond;
- meningokokken C;
- baarmoederhalskanker (HPV - alleen voor meisjes).
Alle baby's die geboren zijn op of na 1 augustus 2011 worden ook ingeënt tegen hepatitis B.
De vaccinatie tegen baarmoederhalskanker is alleen voor meisjes van 12 jaar.
Het precieze
vaccinatieschema
staat op de website van het Rijksvaccinatieprogramma.
Waarom kinderen inenten
Sommige kinderziektes lijken onschuldig. Toch kunnen ze ernstige
verschijnselen veroorzaken. Ook zijn sommige kinderziektes vooral gevaarlijk
voor volwassenen die op jonge leeftijd deze ziekte niet doorgemaakt hebben. Zij
kunnen ernstig ziek worden als ze op latere leeftijd in contact komen met een
ziek kind.
Van alle vaccinaties in het Rijksvaccinatieprogramma is aangetoond dat ze de
kans op de ziekte waartegen ze bedoeld zijn sterk verkleinen. Of ze maken het
beloop veel milder. Ook is aangetoond dat de risico's van de inenting kleiner
zijn dan de risico's van de ziekte. Iemand die zich laat vaccineren loopt dus
minder risico's dan een ongevaccineerd persoon.
Meer informatie over de
vaccinaties van
kinderen staat op de site van het Rijksvaccinatieprogramma.
Oproep vaccinaties thuisgestuurd
Ouders of verzorgers krijgen de oproepen voor de vaccinaties uit het RVP thuisgestuurd. De entadministraties (onderdeel van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)) versturen de oproepen.