Vraag en antwoord

Wat is het Rijksvaccinatieprogramma (RVP)?

Met het Rijksvaccinatieprogramma beschermt de overheid alle kinderen in Nederland tegen ernstige infectieziekten. Kinderen krijgen hiervoor een aantal vaccinaties, ook wel inentingen genoemd. Het programma biedt kinderen vaccinaties tegen 12 gevaarlijke en soms dodelijke ziekten. U bent niet verplicht uw kind(eren) in te laten enten, de meeste ouders doen dat wel. De inentingen zijn gratis.

Vaccinaties tegen 12 infectieziekten uit het Rijksvaccinatieprogramma

In het RVP zijn inentingen opgenomen tegen 12 ernstige infectieziekten:

  • difterie;
  • kinkhoest;
  • tetanus;
  • polio (kinderverlamming);
  • Hib-ziekten;
  • hepatitis B:
  • pneumokokken;
  • bof;
  • mazelen;
  • rodehond;
  • meningokokken C;
  • baarmoederhalskanker (HPV - alleen voor meisjes).

Zuigelingen en hepatitis B inenting

Alle baby’s krijgen een inenting tegen hepatitis B. Alle kinderen die geboren worden op of na 1 augustus krijgen het combinatievaccin DKTP-Hib-HepB aangeboden. Ze krijgen met het combinatievaccin (DKTP-Hib-HepB) ook de bescherming tegen hepatitis B.

Kinderen van wie de moeder besmet is met het hepatitis B-virus (draagster) krijgen binnen 48 uur na de geboorte een hepatitis B-vaccinatie. Ook krijgen zij vlak na de geboorte immunoglobulinen (kant-en-klare antistoffen).

Soorten vaccinaties RVP

De volgende vaccinaties zijn opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma:

  • DKTP-Hib: combinatievaccin tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio en Hib-ziekten (voor kinderen geboren voor 1 augustus 2011). 
  • DKTP-Hib-HepB: combinatievaccin tegen difterie, kinkhoest, tetanus, polio, Hib-ziekten en hepatitis B (voor alle kinderen geboren op of na 1 augustus 2011).
  • Pneu: vaccin tegen pneumokokken.
  • BMR: combinatievaccin tegen bof, mazelen en rodehond.
  • DKTP: combinatievaccin tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio.
  • DTP: combinatievaccin tegen difterie, tetanus en polio.
  • MenC: vaccin tegen meningokokken C.
  • HepB: vaccin tegen hepatitis B.
  • HPV: vaccin tegen baarmoederhalskanker (humaan papillomavirus).

Vaccinatieschema RVP

Binnen het RVP worden kinderen ingeënt volgens een externe link: vaccinatieschema. Rijksvaccinatieprogramma. Om volledige bescherming te bereiken is het belangrijk dat alle inentingen worden gegeven. Kinderen krijgen de inentingen in 4 fasen:

  • fase 1: vanaf de geboorte tot het kind 14 maanden is;
  • fase 2: als het kind 4 jaar wordt;
  • fase 3: rond het negende jaar van het kind;
  • fase 4: voor meisjes als ze 12 jaar zijn.

Kinderen van 0-4 jaar worden ingeënt op het consultatiebureau voor zuigelingen en peuters. Kinderen die naar school gaan krijgen de inentingen ergens anders. De GGD of een Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) zorgt dat dit gebeurt.

Oproep voor RVP-vaccinaties

U krijgt 4-6 weken na de geboorte van uw kind een uitnodiging voor deelname aan het Rijksvaccinatieprogramma thuisgestuurd. U ontvangt daarbij 10 oproepkaarten voor de eerste fase van het programma. U ontvangt daarbij ook het vaccinatiebewijs voor uw kind. In totaal krijgt u 4 keer een oproep voor vaccinatie:

  • als uw kind 4-6 weken oud is; 
  • in het jaar dat uw kind 4 wordt; 
  • in het jaar dat uw kind 9 wordt; 
  • rond het twaalfde jaar van uw dochter.

Toch oproep voor vaccinatie bij bezwaar

Heeft u aangegeven geen gebruik te willen maken van de vaccinaties, dan ontvangt u bij elke nieuwe fase weer een oproep. Dit gebeurt omdat u mogelijk van gedachten veranderd kunt zijn of omdat bepaalde medische redenen die vaccinatie in de weg stonden, zijn veranderd.

Kosten vaccinaties uit het RVP

Deelname aan het Rijksvaccinatieprogramma is gratis. U hoeft niet te betalen voor de inentingen. U krijgt ze van de overheid. De kosten worden betaald uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Voorwaarden zijn wel dat de vaccinaties op het consultatiebureau, de GGD of het CJG worden uitgevoerd met de vaccins die de overheid beschikbaar stelt.

RIVM verantwoordelijk voor uitvoering RVP

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) is verantwoordelijk voor de uitvoering en de veiligheid van het RVP. De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) bepaalt welke vaccins worden opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma. De minister van VWS past het programma aan na adviezen van de Gezondheidsraad. Lareb is het Nederlandse centrum voor bijwerkingen. Zij verzorgen de registratie van bijwerkingen.