Water verdelen
Bij een watertekort moet het beschikbare water worden verdeeld over de partijen die het nodig hebben. Omdat niet iedereen tegelijk kan worden voorzien, zijn er afspraken gemaakt over de volgorde waarin 'watervragers' in aanmerking komen.
Deze afspraken staan ook wel bekend als de verdringingsreeks. Rijkswaterstaat – uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu - gebruikt de verdringingsreeks om het beschikbare water goed over Nederland te verdelen. Zij leunt daarbij op informatie van onder meer de waterschappen. Deze geven bij Rijkswaterstaat aan wat hun precieze waterbehoefte is. In totaal bestaat de verdringingsreeks uit 4 categorieën (categorie 1 = hoogste prioriteit).
Categorie 1: veiligheid en voorkomen van blijvende schade
Het allerbelangrijkst is:
- Ervoor te zorgen dat we droge voeten houden.
- Te voorkomen dat er schade ontstaat die niet meer te herstellen is.
Met name veengebieden zijn kwetsbaar voor dit soort schade. Watertekorten kunnen leiden tot bodemdalingen en problemen met dijken. Ook delen van de natuur kunnen blijvende schade oplopen, bijvoorbeeld door het droogvallen van beken of sloten.
Categorie 2: nutsvoorzieningen
In deze categorie vallen:
- Een ongestoorde energievoorziening: elektriciteitscentrales zijn afhankelijk van voldoende koelwater.
- Voldoende drinkwater. Dit valt niet onder categorie 1 omdat er grote voorraden zijn. Bovendien wordt het overgrote deel van het drinkwater niet gebruikt voor (menselijke) consumptie, maar om bijvoorbeeld te douchen, het toilet door te spoelen of de auto te wassen.
Categorie 3: kleinschalig hoogwaardig gebruik
In deze categorie valt het gebruik van weinig water waarmee veel schade kan worden voorkomen. Voorbeelden zijn de tijdelijke besproeiing van dure gewassen en het gebruik van water dat nodig is voor de productie door de industrie. Het gaat hierbij overigens niet zozeer om de materiële schade, maar om de sociale gevolgen. Bijvoorbeeld wanneer een bedrijf zijn deuren zou moeten sluiten wanneer de schade te hoog oploopt. Denk hierbij aan faillissementen in bijvoorbeeld de kassenteelt wanneer daar de oogst volledig is mislukt.
Categorie 4: overige belangen
Hierin vallen scheepvaart, landbouw, natuur (zolang er geen onomkeerbare schade optreedt), industrie, waterrecreatie, binnenvisserij en overige functies. Afhankelijk van de situatie worden hierbij economische afwegingen tussen sectoren gemaakt en wordt rekening gehouden met de natuur. Het beschikbare water gaat naar de regio of sector waar de meeste (maatschappelijke) schade kan worden voorkomen.