Neurowetenschappelijke toepassingen in de jeugdstrafrechtketen

Neurowetenschappelijke kennis leidt tot concrete toepassingsmogelijkheden die ingezet kunnen worden in de jeugdstrafrechtketen. Dit staat in het rapport 'Neurowetenschappelijke toepassingen in de jeugdstrafrechtketen: inventarisatie instrumenten, preventie en interventie'. Het onderzoek is in de periode mei 2015 tot december 2016 uitgevoerd door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) op verzoek van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Op 2 februari 2017 heeft staatssecretaris Dijkhoff van Veiligheid en Justitie dit rapport naar de Tweede Kamer gestuurd. De staatssecretaris wil een aantal van de veelbelovende neurowetenschappelijke toepassingen uittesten in de praktijk. Inmiddels zijn daarom enkele pilotprojecten gestart. Het is de verwachting dat  in 2018 de 1e resultaten beschikbaar zullen zijn.

Het onderzoek laat zien dat neurowetenschappelijke kennis een kans biedt om jeugdige delinquenten beter te begrijpen en effectiever bij te sturen. Op dit moment speelt deze kennis geen grote rol in de jeugdstrafrechtketen. Zo zijn interventies en meetinstrumenten voor jeugdige delinquenten vooral gebaseerd op sociale en psychologische inzichten. Neurowetenschappelijke informatie, waaronder kennis over de werking van het brein en de hormoonhuishouding, is net als psychologische en sociale informatie nodig om menselijk gedrag te begrijpen.

Hoe kan neurowetenschappelijke kennis nu benut worden in de aanpak van jeugdcriminaliteit? Neuropsychologische testen en fysiologische metingen kunnen naast bestaande instrumenten, zoals vragenlijsten, meer inzicht geven in het gedrag van een jongere en daarmee bijdragen aan een beter afgestemde risicotaxatie en begeleiding. Neurowetenschap kan ook helpen om innovatieve preventie- en interventie methoden te ontwikkelen. Zoals neuropsychologische trainingen om bepaalde hersenfuncties te versterken, mindfulness training en biofeedback om stress en agressie te verminderen. In het rapport worden verschillende aanbevelingen gedaan over hoe neurowetenschappelijke kennis geïmplementeerd kan worden in de praktijk. Maar hiervoor geldt wel dat de juiste expertise betrokken moet worden.  

Beleidsreactie

1 van de pilots richt zich bijvoorbeeld op het signaleren van problemen met stress en oplopende agressie door het meten van hartslag. Het doel van de pilot is om na te gaan welke mogelijkheden en beperkingen de nieuwe aanpak  met zich meebrengt. De pilots worden uitgevoerd onder wetenschappelijke begeleiding. De staatssecretaris is in gesprek met organisaties in de strafrechtketen en wetenschappelijke experts om na te gaan of ook andere toepassingen een meerwaarde kunnen opleveren ten opzichte van de huidige aanpak.