Toespraak van minister Kamp bij het Zomercongres Retailagenda

Toespraak van minister Kamp (EZ) bij het Zomercongres Retailagenda op 3 juli 2017 in het provinciehuis van Overijssel in Zwolle.

Dames en heren,

Het afnemen van producten en diensten van de retail is dagelijkse routine voor iedereen. Voor zover het de fysieke retail betreft, gaat dat ook gepaard met ontmoetingen, met buren en kennissen, maar ook met mensen die je nog niet kent.

Over het belang van retail voor ieder van ons en voor de samenleving als geheel bestaat geen twijfel. Het is dan ook logisch dat de overheid – die staat voor het algemeen belang – in beeld komt als er veranderingen binnen de retail plaats vinden. Dat is nu het geval.

De fysieke retail staat onder druk van de online retail. Online retail uit eigen land en uit het verre buitenland. 3 weken geleden werd me in China een cargo-vliegtuig aangewezen dat op punt van vertrekken stond, met 40.000 pakjes van Alibaba voor Nederlandse consumenten aan boord. We hebben te maken met leegstand van winkelpanden. Op 1 januari stond 7% van de winkelpanden leeg: 15.000 lege panden. 2 miljoen vierkante meter vloeroppervlak wordt niet gebruikt, meer dan 7,5% van het totaal. Daarnaast wordt een groot oppervlak niet optimaal, niet efficiënt gebruikt.

En er speelt meer. Voorheen kon een winkelformule 10, 20 jaar mee, nu moeten ondernemers hun formule in dezelfde periode meerdere malen aanpassen om aantrekkelijk te blijven voor de consument. Dat vraagt aanpassingsvermogen van iedereen. Van de winkeliers, de eigenaren van het onroerend goed en van de betrokken overheden.
 

Dames en heren,

De Retailagenda is ons gezamenlijke antwoord op die aanpassing-uitdaging. Winkeliers, verhuurders van winkelpanden en gemeenten werken samen aan de aantrekkelijkheid van winkelstraten. De winkeliers krijgen zo de kans om in te spelen op de veranderende marktomstandigheden en te profiteren van de aantrekkende economie, want die hebben we nu gelukkig mee. Die maakt het ons gemakkelijker om te doen wat nodig is.

We zijn met de Retailagenda inmiddels sinds maart 2015 bezig en kijken vandaag terug.

Er is goed nieuws te melden. Om te beginnen de RetailDeals: concrete plannen die gemeenten met de betrokken stakeholders maken om winkelgebieden en binnensteden vitaal en aantrekkelijk te houden, of aantrekkelijke en vitaler te maken. Tot nu toe zijn in totaal 84 RetailDeals gesloten, waarbij 116 gemeenten zijn betrokken, die daar op hun eigen manier invulling aan geven. De 3e tranche van de RetailDeals, die vandaag getekend worden, voegt daar nog eens 26 deals aan toe, waarmee het totaal aantal betrokken gemeenten boven de 140 gemeenten komt. In Overijssel doen alle gemeenten mee.

Daarnaast hebben alle 12 provincies een Provinciale RetailDeal gesloten. Dat is van groot belang: processen als deze – waarbij veel gemeenten betrokken zijn – lopen veel beter met provinciale regie: regionale samenwerking om vitale en toekomstbestendige winkelgebieden te realiseren en winkelleegstand tegen te gaan. Sander de Rouwe heeft daar zojuist meer over verteld: het is goed om te horen dat alle 12 provincies concrete afspraken hebben gemaakt om aandacht te geven aan de retail in alle gemeenten in iedere provincie.


Er worden in de RetailAgenda niet alleen RetailDeals gesloten. Samen met lokale stakeholders hebben we expert-bijeenkomsten georganiseerd, en instrumenten en pilots ontwikkeld die leegstand tegengaan. Daarnaast pakken we de regeldruk aan, op 2 manieren: we lossen met maatwerk door de sector aangedragen knelpunten op, en hebben met 12 gemeenten een pilot opgezet voor lichtere regelgeving in winkelgebieden. Daaruit is inmiddels al gebleken dat gemeenten en ondernemers samen veel meer problemen kunnen oplossen dan gedacht. Vaak blijkt dat niet regelgeving de sta-in-de-weg is, maar gebrek aan constructief overleg. We gaan deze pilot een vervolg geven.


Ook is er goed nieuws te melden over hoe de Retailagenda werknemers en ondernemers helpt om te gaan met de snel veranderende markt. Voor werknemers zijn mogelijkheden tot om- en bijscholing opgezet. In reactie op de faillissementen van enkele grote winkelketens hebben de sociale partners in de retail – Detailhandel Nederland, FNV en CNV Vakmensen – in 2016 het project ‘Loopbaansupport Detailhandel’ opgezet. Mensen die hun baan in de detailhandel zijn kwijtgeraakt, worden persoonlijk en professioneel ondersteund, zodat ze zo snel mogelijk een nieuwe baan kunnen vinden.

De RetailAgenda voorziet ook in het kennisniveau van de detailhandel als geheel. Voor een sector in transitie als de detailhandel is het van belang om relevante kennis toegankelijk en bereikbaar te hebben. INretail en Thuiswinkel.org gaan een breed kenniscentrum voor de detailhandel opzetten, met steun van de partijen achter de Retailagenda, en met een startsubsidie van Stichting Detailhandelfonds.

Afgelopen oktober hebben we een 21e afspraak aan de Retailagenda toegevoegd, die we de Retail-innovatieagenda noemen. Nieuwe tijden vragen om nieuwe vormen van retail, en nieuwe verdienmodellen. Het is belangrijk daarmee te experimenteren. Inmiddels hebben zich ruim 18 partners bij de Retail-innovatieagenda aangesloten: steden, winkelgebieden, brancheorganisaties, retailers en vastgoedeigenaren.
De daarbij betrokken binnensteden worden in zekere zin proeftuinen, om lokaal innovaties te ontwikkelen en te testen, die vervolgens landelijk opgeschaald kunnen worden. Zo is er een stad waar men bezig is met een pilot om te kijken hoe verlichting op een betaalbare manier kan bijdragen aan meer winkelplezier. U raadt al dat ik het over Eindhoven heb.

Dames en heren,

Er is dus goed nieuws te melden, maar we zijn er nog niet. De Retailagenda is geen wondermiddel, maar een uitnodiging tot hard werken, samenwerken vooral. Een belangrijke stap die nog gezet moet worden, is het verbeteren van de afspraken tussen huurders en verhuurders. Ze vinden elkaar nog niet altijd: afgelopen februari liepen de onderhandelingen over het huurmarktconvenant vast. Dat is jammer, want huurders en verhuurders hebben een duidelijk gezamenlijk doel: aantrekkelijke winkelgebieden waar bezoekers gastvrij worden ontvangen, winkeliers een goede boterham kunnen verdienen en investeerders een redelijk rendement kunnen maken. Bij een RetailDeal in Tilburg wordt duidelijk wat goed contact tussen huurder, verhuurder en gemeente kan opleveren: omdat gemeente en vastgoed bereid bleken om flink te investeren, heeft Tilburg nu een – zoals de gemeente zegt – 'compacte en complete binnenstad'. Dat ik Tilburg apart noem, betekent ook dat de meeste gemeenten nog niet zo ver zijn.

Ik zie het als mijn verantwoordelijkheid om in de huur/verhuurkwestie de regie te nemen, met het oog op het brede, maatschappelijke belang.

We gaan onderzoeken hoe de huurmarkt voor retail in de praktijk precies werkt. We starten een dialoog met huurders en verhuurders om afspraken te maken over gezamenlijke investeringen. En we gaan samen met het Kadaster na of we een database kunnen aanleggen van huurovereenkomsten, zodat we transparant en toegankelijk referentiehuren kunnen bepalen.


Dames en heren,

In Den Helder is men tevreden met hun RetailDeal. Winkelstraten worden gerenoveerd en getransformeerd, leegstaande panden krijgen een nieuwe bestemming. Zoals ze in Den Helder zeggen: 'Er wordt ruimte geboden voor ondernemerschap en innovatie.'

Zo moet het zijn. Met de 3e tranche RetailDeals van vandaag komt het doel van de Retailagenda weer dichterbij: een gezonde winkelsector in het hele land. We zijn onderweg, maar er zijn structurele veranderingen nodig en dat kost tijd. Dat wisten we van tevoren. Ik zei het al: de Retailagenda is geen wondermiddel, maar een uitnodiging tot hard werken – samenwerken vooral. We zullen ons Retailagenda-team moeten versterken, met menskracht – behalve van EZ ook van de koepels van gemeenten, de provincies en de commerciële partijen. Capabele medewerkers die fulltime beschikbaar zijn. De organisatie staat onder de uitstekende leiding van Marijke van Hees staat, en de invulling moet beter. De binnensteden, winkelcentra, winkeliers, vastgoedeigenaren en uiteindelijk de consumenten, alle inwoners van ons land dus, hebben daar recht op.

Ik zal de komende tijd in gesprek gaan met de betrokken partijen over de toekomst van de Retailagenda. Onze tijdelijke, hoogst noodzakelijke, gezamenlijke, intensieve inspanning is nodig voor het behoud van de Nederlandse winkelstructuur in steden en dorpen: gezellig drukke winkelstraten, waar klanten terecht kunnen voor hun boodschappen, om te winkelen, voor ontmoeting en ontspanning, waar winkeliers en investeerders een gezond rendement kunnen behalen.

Dank u.