Megan Hollander

Het duurde lang, heel lang, voordat Megan Hollander te horen kreeg dat ze mocht afreizen naar Japan om deel te nemen aan de Paralympics. Toeval of niet, óók in Tokio is ze een van de laatste wagons van de trein van TeamNL die voorbij dendert langs het uitgestrekte medaillelandschap. Ondanks een maximale inzet strandde ze vrijdag in de groepsfase.

Megan Hollander
©VWS

Ze is nog jong, en heeft dus een hele (badminton)toekomst voor zich. Een onbeschreven blad is de nummer zes van de wereldranking die afkomstig is uit Hoorn allerminst. Op de baan staat Hollander(23) bekend als een vechter, iemand die niet snel bij de pakken neerzit. “Ik geef pas op wanneer het allerlaatste punt is gevallen, ook al heb ik bij wijze van spreken tien matchpoints tegen”, vertelt ze met een lach. “Mijn veerkracht is een van mijn sterkste eigenschappen. Heel af en toe voel ik me een kat met negen levens; de geluksfactor speelt dan uiteraard een cruciale rol.”

“Ik geef pas op wanneer het allerlaatste punt is gevallen, ook al heb ik bij wijze van spreken tien matchpoints tegen”

Diesel

In technisch opzicht zijn haar cross (court)drops en harde smashes belangrijke wapens, zeker in de SU5-klasse van het enkelspel waarin ze opereert. De afkorting SU staat voor Standing Upper oftewel ‘staande positie’. Hollander is geboren zonder linkeronderarm, maar is helemaal mobiel. Haar goede conditie, haar beweeglijkheid en niet te vergeten haar sterke benen komen eveneens van pas bij het neerzetten van mooie en opzienbarende prestaties. “Ik val graag aan, wel altijd met beleid. Geen roekeloosheid, rare capriolen, dolle taferelen; ik ben eerder een nuchtere Hollander. Wat dat betreft heb ik mijn naam mee”, vervolgt ze. In de regel ben ik niet iemand die snel punten maakt. Méér een diesel die op gang moet komen. Eenmaal zover is er vaak geen houden meer aan, haha. Van lange rally’s ben ik niet vies. Tot op zekere hoogte, moet ik erbij zeggen.”

“Ik val graag aan, wel altijd met beleid. Geen roekeloosheid, rare capriolen, dolle taferelen; ik ben eerder een nuchtere Hollander. Wat dat betreft heb ik mijn naam mee”

Klein wonder

Het mag een klein wonder heten dat ze in Tokio present is. Hollander: “Eind mei ben ik tijdens een training op Papendal vrij ernstig geblesseerd geraakt. Een gescheurde rechterenkelband, waardoor ik weken in het gips moest. Vreselijk balen was dat. Vanzelfsprekend was ik na de gipsfase niet meteen klaar, ik moest verder herstellen. Al met al heeft dit me een flinke trainingsachterstand bezorgd”, brengt ze in herinnering. Naast het blessureleed was er buiten haar om nog een ander obstakel dat zorgen baarde. “Bij de toewijzing van de beschikbare plekken op de Paralymoics hebben aanvankelijk individuen die uitkomen in de dubbel en mix voorrang gekregen om mee te doen aan het enkelspeltoernooi. Erg vreemd, want de single is natuurlijk een totaal andere discipline. Op het laatst waren er nog vier plekken over, ééntje bleek voor mij bestemd.” Het goede nieuws van de zogeheten ‘bipartite’ toewijzing, afkomstig van de BWF –de internationale bond-, kreeg ze pas rond half juli. “Tja, het is bijna niet te geloven. Badminton maakt nu voor het eerst deel uit van het paralympische programma, dat verklaart misschien deze merkwaardige manier van handelen.”   

Zenuwen

In het Yoyogi National Stadium verliest Hollander in de eerste ronde in het bijzijn van bondscoach Ilse van de Burgwal verrassend van de Portugese outsider Beatriz Monteiro in twee games. De zenuwen spelen haar parten op baan 1, uitgerekend de ‘televisiebaan’. Een dag later in de tweede ronde maakt ze zoals verwacht gehakt van de Ugandese Ritah Assiime. Het derde duel tegen de favoriete Qiuxia Yang uit China dient gewonnen te worden, een opdracht die uiteindelijk te hoog gegrepen is. “Ik heb geprobeerd mijn huid zo duur mogelijk te verkopen. Jammer dat het niet is gelukt. De wereld is gelukkig niet vergaan. Zonder tegenbericht zie je me ‘gewoon’ op de Spelen van Parijs”, besluit Hollander.