Tom Egberink

Een knokker van de eerste orde die in principe nooit opgeeft. Al sinds zijn geboorte, toen hij ter wereld kwam zonder rechterbovenbeen, heeft Tom Egberink leren vechten. De rolstoeltennisser uit Sneek die opgegroeid is in Dalen heeft tijdens de Spelen van Tokio al nadrukkelijk laten zien dat hij in glanzende vorm verkeert. 

Tom Egberink
©VWS

Afgelopen maandag rond het middaguur. De zon lijkt als een gouden medaille aan de hemel te zijn vastgeplakt. Het is bloedheet in de Japanse hoofdstad. De temperatuur kruipt naar een waarde van dik boven de dertig; de mussen vallen van de daken. Vóór zijn enkelspelpartij met de Zweed Stefan Olsson slaat Egberink(28) zich in op een van de buitenbanen van het immense Ariake Tennis Park. Snel blijkt dat het onverantwoord is om onder deze omstandigheden het racket ter hand te nemen. Het duel wordt in eerste instantie dan ook verplaatst naar een nog nader te bepalen tijdstip. Totdat de organisatie ineens het overdekte (en dus koelere) centre court als strijdtoneel aanwijst. Een complete verrassing, óók voor Egberink bij wie de opwinding groot is.

Kanonskogels

De eerste game loopt soepeltjes voor de Nederlander, daarna slaat de onrust toe. Zijn Zweedse opponent, de nummer tien van de wereldranglijst, krijgt de smaak te pakken en wint de set zonder al te veel moeite. De als achtste geplaatste Egberink komt er niet aan te pas. In het tweede bedrijf revancheert hij zich uitstekend. Die lijn weet hij door te trekken naar de derde set. Olsson moet capituleren, vooral omdat hij geen verweer heeft tegen de kanonskogels van circa 170 kilometer per uur die geregeld op hem af worden gevuurd. De keiharde service is een belangrijk wapen, evenals de scherpe volley en een stevige aanvalsdrift.

Tiebreak

“Het was me een potje wel, zeg. In de eerste set speelde ik slordig. Kwam zeker niet door de zenuwen. Mijn tegenstander voelde dat feilloos aan. In de tweede set heb ik de knop om kunnen zetten door flink gas te geven. Tja, er moest een tiebreak aan te pas komen om in leven te blijven. In de derde set, waarin ik opnieuw als een leeuw heb gevochten, was ik vastbesloten het stukje kaas niet meer van mijn brood te laten eten”, reageert een moegestreden Egberink vrijwel direct na afloop.
Later op de avond slaagt hij er eveneens in met zijn dubbelpartner Maikel Scheffers uit Den Bosch in een ruim twee uur durende slijtageslag het Argentijnse koppel Gustavo Fernandez-Agustin Ledesma tot overgave te dwingen. Inmiddels is het avontuur in de dubbel weer ten einde, want het als tweede geplaatste Franse duo Stephane Houdet-Nicolas Peifer bleek in twee sets te sterk.

“In de tweede set heb ik de knop om kunnen zetten door flink gas te geven. Tja, er moest een tiebreak aan te pas komen om in leven te blijven. In de derde set, waarin ik opnieuw als een leeuw heb gevochten, was ik vastbesloten het stukje kaas niet meer van mijn brood te laten eten”

Duim

Egberink treft in de kwartfinale van de singles de Spanjaard Dani Caverzaschi, die als dertiende is geplaatst. Hij deed óók in Londen en Rio mee aan de Spelen. Beide keren kwam hij niet ver. “Dat ik kort voor Rio in Canada mijn duim brak, zal ik nooit meer vergeten. Dat incident maakte me bij voorbaat kansloos om een goed resultaat neer te zetten. Nu sta ik er een heel stuk beter voor. Ik voel me sterk en fit, mede dankzij een prima voorbereiding. In plaats van vroegtijdig naar Japan af te reizen, zijn we zolang mogelijk door blijven trainen in Amersfoort waar het NTC gevestigd is. Ook hebben we te maken gehad met extreme situaties, met het oog op het voorkomen van hittestress”, licht Egberink toe. “Dat laatste heeft me tot nu toe geen windeieren gelegd.”