Wanneer moet ik als ondernemer vennootschapsbelasting betalen?

Een naamloze vennootschap (nv) of een besloten vennootschap (bv) betaalt vennootschapsbelasting over haar winst. 

Wie betaalt vennootschapsbelasting?

Heeft u een nv of bv? Dan moet u in de meeste gevallen vennootschapsbelasting betalen over uw winst. Ook bijvoorbeeld een stichting of vereniging moet soms aangifte vennootschapsbelasting doen.

Natuurlijke personen, zoals ondernemers met een eenmanszaak, betalen belasting over hun winst via de inkomstenbelasting.

Ook sommige rechtsvormen hoeven geen vennootschapsbelasting te betalen. Bijvoorbeeld een fiscale beleggingsinstelling. Bij enkele rechtsvormen die zich richten op collectief beleggen kan de Belastingdienst vrijstelling van vennootschapsbelasting geven.

Tarieven vennootschapsbelasting

Er zijn 2 tarieven voor de vennootschapsbelasting:

  • 19% voor winsten tot € 200.000;
  • 25% voor winsten boven € 200.000.

Het tarief van de vennootschapsbelasting gaat stapsgewijs omlaag. Dit is op Prinsjesdag aangekondigd en staat in het Belastingplan 2020. In 2020 daalt het lage tarief naar 16,5%. Vanaf 1 januari 2021 is het tarief 15%. Het hoge tarief blijft in 2020 gelijk en is vanaf 1 januari 2021 21,7%. 
Er is een bijzonder, verlaagd ‘tarief’ voor vernieuwend onderzoek door ondernemers. Dat valt binnen de innovatiebox. Het effectieve tarief van de innovatiebox is nu 7% en wordt vanaf 1 januari 2021 9%. Ook dit staat in het Belastingplan 2020.

Aftrek belasting voor verliezen, afschrijvingen en investeringen

U kunt onder voorwaarden bepaalde bedragen aftrekken van of verrekenen met uw winst. U hoeft dan minder vennootschapsbelasting te betalen. Voorbeelden zijn:

Ook zijn er 3 investeringsregelingen met voordelen voor ondernemers:

Vennootschapsbelasting bij fiscale eenheid

Vormt uw moedermaatschappij een fiscale eenheid met 1 of meer dochtermaatschappijen? Dan kunt u aan de Belastingdienst vragen deze dochtermaatschappijen aan te merken als 1 belastingplichtige. Dit heeft een belangrijk voordeel. De verliezen van de ene maatschappij kunt u dan verrekenen met de winsten van een andere maatschappij uit dezelfde fiscale eenheid. Bij de Belastingdienst vindt u meer informatie over de gevolgen van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting.

Deelnemingsvrijstelling vennootschapsbelasting

Keert een dochtervennootschap winst uit als dividend aan de moedervennootschap? Dan wordt de winst van de dochter niet opnieuw belast bij de moeder. Binnen een concern hoeft u dus maar 1 keer vennootschapsbelasting te betalen over de winst. Dit heet de deelnemingsvrijstelling

Afschrijving gebouwen in eigen gebruik in de vennootschapsbelasting

Sinds 2019 is afschrijving op gebouwen in eigen gebruik alleen mogelijk als de boekwaarde van het gebouw hoger is dan 100% van de WOZ-waarde van dat gebouw. Voor bedrijven die gebouwen ter belegging hebben gold deze beperkte afschrijving al. Is een gebouw voor 1 januari 2019 in gebruik genomen en is op dat gebouw nog geen 3 jaar afgeschreven? Dan mag alsnog deze 3 jaar volgens de oude regels worden afgeschreven.

De beperking van de afschrijving op gebouwen in eigen gebruik geldt niet voor belastingplichtigen in de inkomstenbelasting.

Verrekenen van verliezen in de vennootschapsbelasting

Verliezen in de vennootschapsbelasting kunt u onder voorwaarden verrekenen met de winsten van het voorafgaande jaar of de toekomstige jaren. Verliezen geleden in 2018 of daarvoor kunt u verrekenen met de winsten van het vorige jaar of de 9 daaropvolgende jaren. Verliezen geleden vanaf 2019 kunt u verrekenen met de winsten van het vorige jaar, maar nog hooguit met de 6 daaropvolgende jaren.