Coronavirus en de sluiting en opening van bedrijven

Veel locaties zijn tot ten minste 9 februari gesloten: Winkels die niet essentieel zijn voor de eerste levensbehoeften. En publiek toegankelijke locaties, als musea, bioscopen, theaters, dierenparken, bibliotheken en zwembaden. Eet- en drinkgelegenheden zijn dicht. Niet-medische contactberoepen, zoals de kapper, rijscholen en tatoeëerders, kunnen hun werk niet uitvoeren. Sportscholen en andere binnensportlocaties zijn gesloten. Kinderen kunnen niet naar school of de kinderopvang

Locaties kunnen wel opengesteld worden voor belangrijke publieke taken zoals verkiezingen of voor het testen en vaccineren van mensen. Voor andere doelen blijft de locatie gesloten.

Waarom mogen winkeliers niet, net zoals horeca en bouwmarkten een afhaalloket openen?

De boodschap is om zoveel mogelijk thuis te blijven. We willen de contactmomenten beperken en de mobiliteit zo beperkt mogelijk houden. Afhalen is daarom uitsluitend toegestaan voor horeca en bouwmarkten.

Winkeliers zitten met enorme voorraden en moeten in februari hiervoor de rekeningen betalen. Hoe kunnen ze dit aanpakken?

Het kabinet heeft aangegeven de economische steunmaatregen opnieuw te bezien. De signalen van de detailhandel worden hierin meegenomen.

Kan ik nog aanspraak maken op financiële regelingen als mijn onderneming (gedeeltelijk) weer van start gaat?

Het open of dicht zijn speelt geen rol bij het aanspraak maken op een financiële regeling. Als voldaan wordt aan de voorwaarden van de specifieke regeling, dan kan er gebruik van gemaakt worden.

Bekijk hier meer veelgestelde vragen over financiële regelingen in het noodpakket banen en economie.