Als ik recht heb op de Tozo, hoeveel krijg ik dan? En wanneer?

De hoogte van de uitkering Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is afhankelijk van bijvoorbeeld uw leeftijd en uw gezinssituatie. Bekijk de regels voor de hoogte van de Tozo-uitkering.

Lees meer over de Tozo 3 op de pagina Tozo 3: veranderingen per 1 oktober 2020

Welke normbedragen gelden tot en met 30 juni 2020 voor jongeren tussen 18 en 21 jaar?

Jongerennormen, zonder kinderen:

  • alleenstaande van 18, 19 of 20 jaar: € 259,78
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18 ,19 of 20 jaar zijn: € 519,56
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.011,44

Jongerennorm, met kinderen:

  • alleenstaande ouder van 18, 19 of 20 jaar: € 259,78
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar zijn: € 820,22
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan een echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.312,10 

Welke normbedragen gelden vanaf 1 juli 2020?

Tozo kent vanaf 1 juli 2020 de volgende normbedragen voor personen boven de 21 jaar:

  • alleenstaande, bij een leeftijd tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd: € 1059,03;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd zijn: € 1512,90;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot tussen de 21 jaar en AOW-leeftijd is en 1 echtgenoot ouder is dan de AOW-leeftijd: € 1.606,88

Jongerennormen, zonder kinderen (vanaf 1 juli 2020):

  • alleenstaande, bij een leeftijd van 18, 19 of 20 jaar: € 261,44;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18 ,19 of 20 jaar zijn: € 522,88;
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.017,89

Jongerennorm, met kinderen (vanaf 1 juli 2020):

  • alleenstaande ouder, indien hij 18, 19 of 20 jaar is: € 261,44
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan beide echtgenoten 18, 19 of 20 jaar zijn: € 825,46
  • gehuwden en daarmee gelijkgestelden waarvan 1 echtgenoot 18, 19 of 20 jaar is en de andere echtgenoot 21 jaar of ouder: € 1.320,47

Waarom krijgt een alleenstaande zelfstandige € 1.059 en een samenwonende € 1.512? 

De gemeente verstrekt de uitkering aan een huishouden op basis van de Participatiewet. De uitkering is een aanvulling tot het sociaal minimum oftewel bijstandsniveau. Dat betekent dat de gemeente het inkomen van een alleenstaande zelfstandige aanvult tot € 1.050. Voor gehuwden en samenwonenden (ook als beide partners zelfstandigen zijn) vult de gemeente het inkomen aan tot een bedrag van € 1.500 netto.

Waarom krijg ik als alleenstaande zelfstandige met kinderen hetzelfde bedrag als mijn vriendin zonder kinderen?

De Tozo kent de basisregels van de Participatiewet. De Participatiewet is met ingang van 1 januari 2015 de basis voor de bijstandsverlening. Nieuw in die wet is dat een alleenstaande ouder van de gemeente hetzelfde bedrag ontvangt als een alleenstaande. De alleenstaande ouder krijgt via het kindgebonden budget van de Belastingdienst een aanvulling voor de kosten van de kinderen. De gemeente betaalt dus niet langer een bijdrage uit die voor de kinderen is bestemd. Die bijdrage zit in het kindgebonden budget dat dus niet gemeente maar de Belastingdienst uitbetaalt.

Krijgt mijn partner automatisch een loonheffingskorting als ik een Tozo-uitkering ontvang?

De gemeente vraagt bij de verlenging van de Tozo ook naar het inkomen van de partner van de zelfstandige. Dit houdt in dat als het gezamenlijk inkomen op of boven het geldende sociaal minimum verkeert, er geen recht bestaat op Tozo uitkering. Als het gezamenlijk inkomen onder het sociaal minimum zich bevindt en als aan de betreffende criteria in de Tozo wordt voldaan, kunnen de zelfstandige en de partner in aanmerking komen voor aanvullende Tozo inkomensondersteuning.

Indien er sprake is van een gezinssituatie kent de gemeente de uitkering toe aan beide partners, ieder de helft. Daarbij berekent de gemeente loonheffing over de Tozo-uitkering en past ze standaard een loonheffingskorting (ongeveer € 207 per maand) toe op de berekende en te betalen loonheffing. Als de zelfstandige ook een inkomen heeft uit loondienst, dan gaat de loonheffingskorting die op dat inkomen is toegepast af van de loonheffingskorting over zijn of haar helft van de Tozo-uitkering.

Dat houdt in dat de gemeente op de helft van de Tozo-uitkering die ze toekent aan de partner de volledige loonheffingskorting toepast. Als de partner nog andere inkomsten heeft waarop ook al loonheffingskorting is toegepast, dan betekent dit dat hij of zij dus te weinig loonheffing betaalt. Volgend jaar volgt dan een aanslag van de Belastingdienst. Het is goed om hiermee rekening te houden.

Als zelfstandig ondernemer heb ik een lening van meer dan € 10.157 nodig voor bedrijfskapitaal. Kan ik dan meer dan één aanvraag Tozo indienen?

Wanneer u al eerder in de Tozo bijstand ter voorziening in de behoefte aan bedrijfskapitaal heeft aangevraagd en toegekend gekregen, maar het maximale bedrag van € 10.157 nog niet is bereikt, kunt u nog een aanvullende aanvraag doen tot het maximum van € 10.157 is bereikt. Als u meer dan € 10.157 nodig heeft, kunt u een aanvraag doen voor het reguliere Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz). Als u voldoet aan de voorwaarden voor de Tozo lening bedrijfskapitaal , kunt u ervoor kiezen om een deel van het benodigde bedrag op basis van de Tozo aan te vragen en het overige deel op basis van het Bbz. Ook kunt u bezien of u in aanmerking komt voor de regeling kleine corona kredieten van het ministerie van Economische Zaken. 

Ik heb in februari gewerkt, de factuur is in juli betaald. Heeft dat invloed op mijn Tozo-uitkering?

Bij het berekenen van de Tozo-uitkering hoeft u alleen inkomsten op te geven voor werk dat u verwacht te verrichten in de periode waarover Tozo wordt aangevraagd. Betalingen van facturen in deze periode voor eerder verricht werk kunt u buiten beschouwing laten. Een factuur die betaald wordt in juli, maar waarvan het werk is verricht in februari, wordt dus niet betrokken bij het berekenen van de Tozo-uitkering.

Moet de Tozo uitkering worden opgegeven bij de inkomstenbelasting over het jaar 2020?

Ja, de uitbetaalde Tozo uitkering is inkomen dat u moet opgeven in uw aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2020. De uitkering moet apart worden opgegeven en is dus geen onderdeel van de omzet.

In het eerste kwartaal van 2021 stuurt de gemeente u een jaaropgave. Als u samen met uw partner een Tozo uitkering heeft gekregen dan ontvangen u en uw partner beiden een jaaropgave voor de helft van de totaal verstrekte uitkering. Het vermelde bedrag is inclusief de door de gemeente afgedragen loonheffing. Het bedrag zal dus hoger zijn dan de door u ontvangen netto uitkering. Het op de jaaropgave vermelde inkomen moet u (en uw partner) opgeven bij uw aangifte inkomstenbelasting 2020. Als u via de site van de belastingdienst inlogt, vinkt u onder het kopje ‘Pensioen en andere uitkeringen’ aan: ‘uitkeringen, zoals AOW, WW, WAO, WIA en Wajong’. En vervolgens uit de lijst kiezen voor ‘Bijstandsuitkering (Participatiewet)'. Daarna kunt u de hoogte en de ingehouden loonheffing zoals vermeld op de jaaropgave invoeren.

Moet ik de steun vanuit de EZK noodloketten TOGS en Tegemoetkoming Vaste Lasten MKB (TVL MKB) opgeven aan de gemeente?

Nee, de bedragen die u vanuit TOGS en TVL MKB ontvangt hoeft u voor de Tozo inkomensondersteuning niet op te geven aan de gemeente. Wél moet u bij de aanvraag van de Tozo lening bedrijfskapitaal aangeven of u hier gebruik van maakt. En aannemelijk maken dat u desondanks nog steeds onvoldoende direct beschikbare geldelijke middelen heeft om de vaste lasten van het bedrijf mee te betalen.

Waar vind ik alle informatie over de (oude) TOZO 1 terug?

Bekijk de publicatie 'Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers TOZO 1.0'.