Bestrijding van dierziekten

In de Europese Unie (EU) geldt voor sommige dierziekten een bestrijdingsplicht. Daar zijn richtlijnen voor. De bestrijdingsrichtlijnen liggen vast in Europese regels en Nederland moet die richtlijnen volgen. De Nederlandse overheid is heeft ruimte om aanvullende, lokale maatregelen te nemen.

Mogelijke maatregelen overheid bij uitbraak dierziekte

De overheid kan bij een uitbraak van een bestrijdingsplichtige dierziekte, zoals vogelgriep, onder andere de volgende maatregelen nemen:

  • alle gevoelige dieren op een besmette locatie ruimen;
  • een beschermings- en toezichtsgebied instellen met een straal van 3 respectievelijk 10 kilometer rondom een besmet bedrijf. Hier gelden allerlei vervoersbeperkingen voor gevoelige dieren en producten van dieren.
  • bedrijven rondom een uitbraak preventief ruimen.
  • bij een uitbraak van mond-en-klauwzeer of klassieke varkenspest dieren op bedrijven in een straal van 2 kilometer rondom een besmette locatie vaccineren.

Draaiboeken voor bestrijding dierziekten

Lidstaten van de EU hebben voor de bestrijding van dierziekten beleidsdraaiboeken dierziekten opgesteld. Hierin staan maatregelenpakketten en beleidsoverwegingen.

Rolverdeling bij bestrijding dierzieken

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) bepaalt het beleid rondom het voorkomen en de bestrijding van besmettelijke dierziekten. De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) is verantwoordelijk voor de bestrijding van deze dierziekten. Ook andere organisaties en bedrijven spelen een rol bij de bestrijding:

Deskundigengroep dierziekten

Bij een uitbraak van een besmettelijke dierziekte roept de minister van LNV de deskundigengroep dierziekten bijeen. Deze groep adviseert de minister van LNV over bestrijding van besmettelijke dierziekten.