De klant centraal, ook in de financiële sector

Het belang van de klant moet overal in de financiële dienstverlening centraal staan. Om te beginnen moeten producten helder en begrijpelijk zijn voor de consument. Zo weet men wat men koopt en wat de risico’s zijn. Producten, advies, service en de klachtenafhandeling moeten het belang van de klant centraal stellen.

Standaardproducten

Consumenten moeten een goede, objectieve afweging kunnen maken als zij een financieel product kopen. Het kabinet gaat onderzoeken of de introductie van standaardproducten kan bijdragen aan een sterkere positie voor de klant. Standaardproducten zijn beter vergelijkbaar. Als dienstverleners hetzelfde standaardproduct moeten aanbieden, is er er voor de consumente meer keuze. Hierdoor onstaat ook meer concurrentie.

Toezicht op klantbelang bij ontwikkeling nieuwe financiële producten

Financiële ondernemingen zijn verantwoordelijk voor het ontwikkelen van (nieuwe) financiële producten. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) krijgt de bevoegdheid om hierop toezicht te houden. Zo bewaakt de AFM dat aanbieders duidelijk zijn over nieuwe producten en eventuele risico’s. De AFM kan, zodra ze daar aanleiding toe ziet, het proces onder de loep nemen en zal partijen die producten ontwikkelen zonder oog voor het belang van de klant hierop aanspreken.

Wettelijke verankering zorgplicht banken

Sinds 2014 hebben banken een wettelijke zorgplicht. Een bank moet bijvoorbeeld nagaan of een klant aan zijn verplichtingen kan voldoen voor een lening verstrekt wordt. De zorgplicht stelt de klant meer centraal bij banken en verzekeraars. Daarnaast kan de AFM door de zorgplicht eerder ingrijpen bij misstanden. Dit beschermt de klant beter tegen slechte financiële producten.

Bescherming consument tegen te hoge hypotheeklasten

Het kabinet wil dat in 2018 een lening voor een huis niet meer dan 100% van de waarde van de woning is. Hiermee gaat het kabinet te hoge hypotheken ten opzichte van de waarde van een huis tegen. Zo hebben huizenkopers minder snel te maken met onderwaarde. Bij onderwaarde is de woning bij verkoop minder waard dan het geleende hypothecaire bedrag.

De loan-to-value ratio (LTV) is de afgelopen jaren stapsgewijs verlaagd naar 100%. De LTV is de  verhouding tussen de lening en de waarde van het huis. De maximale lening ten opzichte van de waarde van de woning zal niet verder worden verlaagd. Dit om de toegankelijkheid van bepaalde groepen tot de woningmarkt niet onnodig te belemmeren.

Invoering provisieverbod en kosten adviseurs aan banden

Provisies zijn verboden sinds 1 januari 2013. De enige uitzondering zijn provisies voor schadeverzekeringen en consumptief krediet. Het verbod zorgt ervoor dat financieel adviseurs volledig en zuiver handelen in het belang van de klant. Ze worden dan niet meer beïnvloed door de provisies die zij krijgen. Het consumententarief voor een product of de werkzaamheden van de adviseur moet duidelijk en controleerbaar zijn. De adviseur moet zijn tarieven vooraf melden. Bovendien moet dit tarief in verhouding staan tot de werkzaamheden.

Consument weerbaarder door Wijzer in geldzaken

Meer financiële kennis en vaardigheden versterken de positie van de consument. Via het platform Wijzer in geldzaken werken overheid, financiële sector en maatschappelijke organisaties samen om dit voor elkaar te krijgen. Het platform heeft bijvoorbeeld projecten als de Week van het geld, de Pensioen3daagse en de website wijzeringeldzaken.nl.

Klachtenloket financiële producten

Het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid) behandelt klachten van consumenten over financiële dienstverlening. Een wetswijziging en een wijziging van de statuten waarborgt de onafhankelijke geschillenbeslechting van Kifid. Dit versterkt de positie van de consument.