Veelgestelde vragen subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma’s voorschoolse educatie

Op deze pagina vindt u veelgestelde vragen over de subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma’s voorschoolse educatie.

Subsidie voor extra ondersteuning aan peuters met een risico op een onderwijsachterstand vanwege de coronacrisis

Op 15 maart 2020 is vanwege de bestrijding van het coronavirus het aanbod van voorschoolse educatie (ve) aan peuters met een risico op een onderwijsachterstand stilgelegd. Door de tijdelijke sluiting hebben deze peuters extra risico gelopen op een verdere vergroting van hun achterstand. Veel van deze peuters krijgen in de vakantieperiodes normaliter geen voorschoolse educatie omdat de aanbieder de voorschoolse educatie alleen in de schoolweken aanbiedt. Hierdoor kan de achterstand verder oplopen.

Om het oplopen van achterstand te voorkomen en om de opgelopen achterstand in te halen, heeft het kabinet €7 miljoen beschikbaar gesteld binnen het brede onderwijssteunpakket vanwege de coronamaatregelen. Kindercentra kunnen subsidie aanvragen voor het organiseren van inhaal- en ondersteuningsprogramma’s. Deze programma’s moeten aanvullend zijn aan het bestaande reguliere aanbod voor voorschoolse educatie. Dit is uitgewerkt in de Subsidieregeling inhaal- en ondersteuningsprogramma’s ve.

Voor de programma’s komen alleen peuters met een indicatie voor voorschoolse educatie in aanmerking. Het aanbod kan alleen worden georganiseerd op kindercentra die ook reguliere ve aanbieden. De programma’s kunnen worden aangeboden in de zomer- herfst- of kerstvakantie van 2020.

De aanvragers komen in aanmerking voor een bedrag van €12 per ve-peuter per uur en een vast bedrag van €500 voor coördinatie. Op het moment dat het subsidieplafond van €7 miljoen wordt uitgeput, wordt de subsidie verdeeld naar rato (niet minder dan 90% van het aanvraagbedrag per aanbieder). Als dat niet voldoet wordt er geloot.

Waarvoor kunnen ve-aanbieders subsidie aanvragen?

De minister verstrekt subsidie met als doel dat peuters met een indicatie voor voorschoolse educatie (ve-peuters) die het inhaal-en ondersteuningsprogramma volgen, een reëel perspectief hebben op het wegwerken dan wel inhalen van de opgelopen achterstanden. Het inhaal- en ondersteuningsprogramma ve is geen voorschoolse educatie, maar een aanvulling hierop, voor de tijd die gemist is door de sluiting van de kindercentra vanwege COVID-19. Met de subsidie kunnen aanvragers een inhaal- en ondersteuningsprogramma ve organiseren waaraan ve-peuters voor een periode van ten minste twee en ten hoogste vijf weken voor minimaal 10 en maximaal 16 uur per week deelnemen.

Wie kunnen de subsidie aanvragen?

Van 15 t/m 28 juni kunnen houders van kindercentra een subsidieaanvraag indienen om deze inhaal- en ondersteuningsprogramma’s voorschoolse educatie te organiseren. Houders van kindercentra kunnen de aanvraag alleen indienen voor kindercentra die met een ve-aanbod staan geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en die voorschoolse educatie verzorgen aan peuters met een indicatie voor ve. Kindercentra die niet met een ve-aanbod staan geregistreerd in het LRK komen dus niet in aanmerking. Het is niet toegestaan om meerdere kindercentra in één aanvraag op te nemen. Voor ieder kindercentrum moet dus een aparte aanvraag worden ingediend. De subsidie kan worden aangevraagd met het aanvraagformulier op de website van DUS-I.  

Op uiterlijk 3 juli 2020 wordt door DUS-I aan de aanvragers bekend  gemaakt welke subsidies voor welk bedrag worden verleend. De formele beschikking ontvangen subsidieaanvragers uiterlijk acht weken na 28 juni. De betaling van de verleende subsidies geschiedt in één keer, uiterlijk in september 2020.

Zijn kindercentra verplicht om een aanbod te organiseren?

Nee. Het besluit om een subsidieaanvraag in te dienen ligt bij de ve-aanbieders. Kindercentra zijn dus niet verplicht om dit programma te organiseren. Peuters en hun ouders zijn ook niet verplicht om van het aanbod gebruik te maken.

Wanneer moeten kindercentra het inhaal- en ondersteuningsprogramma aanbieden?

Er is één tijdvak waarbinnen het inhaal-en ondersteuningsprogramma voorschoolse educatie moet worden aangeboden: 4 juli 2020 tot en met 3 januari 2021. 

Het programma moet plaatsvinden in weken waarin de deelnemende ve-peuters geen reguliere voorschoolse educatie ontvangen, bijvoorbeeld in de zomer-, herfst- of kerstvakantie wanneer de instelling normaal gesproken gesloten is voor voorschoolse educatie. Als een ve-aanbieder normaliter in de vakanties voorschoolse educatie aanbiedt kan er dus geen subsidie aangevraagd worden voor het inhaal- en ondersteuningsprogramma voorschoolse educatie.

Meer informatie

Bekijk de veelgestelde vragen voor meer informatie over de regeling, de voorwaarden en het indienen van de subsidieaanvraag. We verwijzen u ook naar de toelichting bij de regeling en de tekst van de regeling zelf.

Mocht de informatie op deze pagina of in de veelgestelde vragen afwijken van de tekst en intentie van de regeling en de toelichting daarop, dan geldt de in de regeling en toelichting vastgestelde tekst.