Hoe betaalt de Rijksoverheid het onderwijs?

De Rijksoverheid betaalt het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs en het hoger onderwijs. Dit gaat via een systeem van lumpsumfinanciering. Dat wil zeggen dat scholen 1 bedrag krijgen voor personeelskosten en materiële kosten. Bij materiële kosten gaat het bijvoorbeeld om kosten voor boeken, meubilair en onderhoud. Onderwijsinstellingen mogen zelf bepalen hoeveel geld zij waaraan besteden.

Hoogte van het budget voor onderwijsinstellingen

De hoogte van het budget hangt onder andere af van:

  • het aantal leerlingen;
  • hun leeftijd;
  • het onderwijstype;
  • het aantal scholen dat onder het schoolbestuur of instellingsbestuur valt.

In het beroepsonderwijs telt ook het aantal behaalde diploma's mee. In het hoger onderwijs tellen het aantal inschrijvingen binnen de nominale studieduur mee. De nominale studieduur is de tijd die studenten over hun studie doen als zij geen studievertraging oplopen. Ook telt het aantal behaalde diploma’s mee.

Controle op besteding budget onderwijsinstellingen

Onderwijsinstellingen mogen zelf beslissen waar ze het overheidsgeld aan besteden. Daarvoor is het belangrijk dat instellingen en schoolbesturen een goed financieel beleid voeren.

Financiering per schooltype

Voor elk schooltype gelden aparte regels of regelingen voor lumpsumfinanciering:

Zie ook