Handel en ontwikkelingssamenwerking

Steeds meer lage-inkomenslanden en middeninkomenslanden zijn naast ontvangers van hulp ook handelspartners. De Rijksoverheid stimuleert daarom investeringen en handel in deze landen.

Relatie handel en ontwikkelingssamenwerking

Handel en ontwikkelingssamenwerking zijn met elkaar verbonden en kunnen elkaar versterken. Het is niet de bedoeling om hulp door handel te vervangen of andersom. De toepassing van dit beleid hangt af van de aard van de relatie. Meer informatie over de verschillende ontwikkelingsrelaties vindt u op de pagina Partnerlanden en focuslanden.

Voorbeelden van combinatie handel en ontwikkelingssamenwerking

  • Transitiefaciliteit

De Transitiefaciliteit is opgericht voor de landen Colombia, Zuid-Afrika en Vietnam. Doel is de overgang van een hulprelatie naar een handelsrelatie bevorderen in deze landen.

  • Dutch Good Growth Fund (DGGF)

Het DGGF ondersteunt sinds 1 juli 2014 Nederlandse mkb-ers en ondernemers in de opkomende markten en ontwikkelingslanden.

  • Centrum tot Bevordering van Import uit ontwikkelingslanden (CBI)

Het CBI helpt het midden- en kleinbedrijf in lage- en middeninkomenslanden om toegang te krijgen tot de Europese markt en de opkomende markten in het Zuiden.

Handel als Internationaal Publiek Goed (IPG)

Nederland wil dat ontwikkelingslanden meer kunnen profiteren van de groei van de wereldhandel. Handel is daarom een van de IPG's waar Nederland resultaten op wil bereiken in het ontwikkelingssamenwerkingsbeleid. Nederland zet zich bijvoorbeeld in voor eenvoudigere handelsprocedures, zoals bij de douane.

Nederland ondersteunt ontwikkelingslanden ook in de opbouw van kennis over handel. Een voorbeeld hiervan is de oprichting van de WTO-rechtswinkel (Advisory Centre on WTO law). Deze rechtswinkel geeft juridisch advies aan ontwikkelingslanden bij handelsconflicten.

Meer informatie vindt u in de nota ‘Wat de wereld verdient: een nieuwe agenda voor hulp, handel en investeringen’.

Zie ook