Maatregelen tegen onveiligheid in het openbaar vervoer

Reizigers en medewerkers in het openbaar vervoer (ov) moeten veilig kunnen reizen en werken, dat is logisch. De Rijksoverheid wil dat iedereen zich veilig voelt in de bus, tram, metro en trein. Agressie in het ov verdient een stevige aanpak. Want elk geweldsincident is er 1 te veel.

Samen met alle partijen uit de ov-sector heeft het Rijk een landelijke aanpak uitgewerkt. Vervoerders, vakbonden, politie en decentrale overheden (provincies en metropoolregio’s) zijn nauw betrokken bij een integrale en landelijke aanpak om de veiligheid in het ov te vergroten. 

Maatregelen tegen agressie

In maart 2015 spraken het Rijk, NS, ProRail en de vakbonden 8 maatregelen af. Zij pakken agressie tegen personeel en reizigers aan door:

  • 2 keer zoveel treinpersoneel in te zetten op risicolijnen en op risicomomenten. Bijvoorbeeld op trajecten waar vaker dan gemiddeld agressie voorkomt en in treinen na 22.00;
  • meer cameratoezicht  op stations, waardoor opsporing en vervolging sneller gaat. Op een aantal stations zijn beeldschermen geplaatst, zodat mensen ook zien dat er camerabewaking is;
  • cameratoezicht in treinen;
  • versneld in gebruik nemen van toegangspoortjes voor de ov-chipkaart. Na het eerste kwartaal van 2017 zijn de toegangspoortjes op 70 stations gesloten. Hiermee wordt zwartrijden tegengegaan. Uiteindelijk zal minimaal 90% van de reizigers poortjes passeren bij hun heen- en/of terugreis;
  • nauwere samenwerking tussen NS en politie;
  • stationsverbod versneld invoeren. Hierdoor mogen mensen die herhaaldelijk overlast veroorzaken een bepaalde periode niet meer op het station komen;
  • lik op stuk-beleid: overtreders krijgen hun boete sneller;
  • concrete maatregelen voor hulpverlening en opvang overlastgevers. Dit gebeurt onder regie van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Veiligheid en Justitie. Samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).

Extra maatregelen

Begin 2016 maakte de Rijksoverheid eenmalig extra geld vrij. Dit geld is voor extra maatregelen om veiligheid te vergroten van medewerkers en reizigers in het ov. Het gaat om:

  • inzet van flexteams of extra conducteurs op treinen na 22.00 uur;
  • betere beveiliging van stations. Bijvoorbeeld in de periode kort na het sluiten van de toegangspoortjes voor de ov-chipkaart;
  • innovatieve maatregelen zoals een app om snel online boetes te kunnen geven. 

High Impact Crime-aanpak voor het OV

Een geweldsincident in het ov is een ‘High Impact Crime’. Dat is misdaad die veel indruk maakt op het slachtoffer. Andere voorbeelden zijn overvallen, straatroof, geweld en woninginbraak. .

Dat geweld in het ov die aanpak krijgt, is afgesproken in het Actieprogramma Sociale Veiligheid. Dit programma is in oktober 2016 gestart door het Rijk, vervoerders, vakbonden, politie en decentrale overheden. Zij werken nauw samen om het veiligheidsgevoel te vergroten en het aantal incidenten te verminderen. Voorbeelden van acties in dit programma:

  • minder contant geld in de bus (meer pinnen);
  • bodycams gebruiken;
  • toezichthouders (BOA’s) mogen bij meerdere vervoerders werken;
  • stimuleren dat personeel vaker aangifte doet van een incident.