Ondernemen: belangrijkste plannen voor 2021

Steun en herstel voor economie en arbeidsmarkt

Het kabinet verwacht € 12 miljard uit te geven aan herstel van de economie en arbeidsmarkt. Dat is nodig om bedrijven, werknemers en werkzoekenden te ondersteunen die problemen hebben door de coronacrisis. Het geld is onderdeel van het derde steun- en herstelpakket na de maatregelen tegen het coronavirus. Onderdeel van het pakket zijn:

Deze regelingen gaan in op 1 oktober 2020. De meeste regelingen gelden tot 1 juli 2021.

Investeringen voor economisch herstel en groei

In het Nationaal Groeifonds komt de komende 5 jaar € 20 miljard beschikbaar voor investeringen in welvaart op de lange termijn. Het Nationaal Groeifonds is een nieuw fonds. Het geld gaat naar kennisontwikkeling, infrastructuur en onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Een onafhankelijke commissie van experts beoordeelt de projectvoorstellen en adviseert het kabinet welke projecten geschikt zijn. Het kabinet wil daarmee zorgen dat ook volgende generaties kunnen wonen in een Nederland met goede zorg, goed onderwijs, een leefbare omgeving en genoeg geld om zelf te kunnen besteden.

Het kabinet wil dat ook bedrijven blijven investeren. Zodat het weer beter gaat met de economie. En Nederland weer uit de crisis komt. Het kabinet investeert daarom in 2021 vervroegd € 2 miljard. Dat geld gaat naar infrastructuur en verduurzaming. En maakt het met belastingmaatregelen aantrekkelijk voor bedrijven om te investeren.

Nieuwe manieren voor productie plantaardig eiwit (Nationale Eiwitstrategie)

Nederland wil meer plantaardig eiwit zelf produceren. Bijvoorbeeld voor veevoer. Daar is dan minder geïmporteerde soja uit Noord- en Zuid-Amerika voor nodig. Tijdens de coronacrisis bleek dat het Nederlandse voedselsysteem kwetsbaar is. Omdat Nederland afhankelijk is van import van buiten de Europese Unie. Daarnaast eten steeds meer mensen plantaardig. Bijvoorbeeld vleesvervangers. Voor de productie daarvan zijn ook steeds meer plantaardige eiwitten nodig.

In de Nationale Eiwitstrategie van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit staan daarom nieuwe manieren voor de productie van plantaardige eiwitten:

  • manieren om eiwitrijke gewassen, zoals veldbonen en andere vlinderbloemigen, dichterbij huis te laten groeien. In Nederland of andere Europese landen;
  • nieuwe manieren om aan eiwit te komen. Bijvoorbeeld uit algen of insecten; en
  • manieren om eiwitten uit reststromen te halen. Zoals de bladeren van bieten en keukenafval.

De Nationale Eiwitstrategie is eind 2020 klaar. En zal dan naar de Tweede Kamer gaan.

In de toekomst eten mensen steeds meer plantaardig. En voedsel en veevoer worden dicht bij huis gemaakt.

Sterkere marktpositie voor boeren

Het kabinet wil dat de onderhandelingspositie van boeren en tuinders sterker wordt in vergelijking tot hun afnemers. Dat is nodig om de omslag naar kringlooplandbouw mogelijk te maken. Bij kringlooplandbouw komt zo min mogelijk afval vrij en is de uitstoot van schadelijke stoffen zo klein mogelijk. Ook is er zo min mogelijk verlies van grondstoffen.

De overheid wil dat mensen bewuster gaan nadenken over de prijs van voedsel. Eind 2020 komt er daarvoor een eerste verslag met de prijsopbouw van 6 belangrijke landbouwproducten: uien, witte kool/zuurkool, tomaten, peren, melk en varkensvlees. Dit verslag laat zien hoeveel geld de andere bedrijven in de keten verdienen aan landbouwproducten. De Autoriteit Consument en Markt maakt deze AgroNutri-monitor.

In 2021 komt er een wet die oneerlijke handelspraktijken moet tegengaan. Voorbeelden van praktijken die het kabinet wil verbieden, zijn:

  • een verbod op niet-tijdige betalingen van leveringen;
  • een verbod op verplichte meebetaling door boeren aan de marketing van producten als daarover van tevoren geen duidelijke afspraken zijn gemaakt; en
  • een verbod op het op het laatste moment afzeggen van een bestelling voor bederfelijke producten.

Ook komt er een commissie waar boeren heen kunnen. Bijvoorbeeld als zij een meningsverschil hebben met een zakenpartner over een oneerlijke handelspraktijk.

GLB-subsidies voor landbouw van de toekomst

Op 1 januari 2023 gaat naar verwachting het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) in. Dat zijn Europese landbouwsubsidies. Daarmee wil het kabinet boeren helpen hun bedrijf duurzamer te maken. Boeren krijgen dan subsidies als zij werken aan toekomstbestendige landbouw. Toekomstbestendige landbouw houdt rekening met het milieu, klimaat en biodiversiteit. En waarbij een boer een goed inkomen heeft. Boeren worden bijvoorbeeld beloond als zij in hun bedrijf ruimte maken voor:

  • Houtopstanden of andere toevoegingen aan het landschap. Bijvoorbeeld een rij bomen of struiken.
  • Kruiden, bloemen of andere planten langs de rand van akkers.
  • Beheer van de slootkant. Zodat dieren en planten zich kunnen verspreiden en voor schoon water.

In 2021 werken de provincies en de Rijksoverheid het GLB plan verder uit, samen met boeren- en natuurorganisaties en andere belanghebbenden. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland gaat zich voorbereiden op de uitvoering. Ze zoeken naar manieren om boeren te helpen de doelen te halen. Ook zijn er op dit moment 7 GLB-pilots. Daarin testen boeren mogelijke maatregelen van tevoren. Uiteindelijk komen die plannen in het GLB-Nationaal Strategisch Plan.

Akkerbouwer Jan Wolthuis werkt mee aan de noordelijke GLB-pilot ‘Hoe? Zo’: “Fietsers vragen mij wel eens wat dat hoge, gele gewas is. Dat is een kruidenmengsel dat ik heb gezaaid op grond die 1 jaar niet gebruikt wordt voor de aardappelteelt. Zo herstelt de bodem zichzelf. Ik hoef geen chemische gewasbescherming te gebruiken. En er komen veel hazen, reeën en insecten op af.”

Circulaire economie

Het kabinet maakt in 2021 eenmalig € 40 miljoen vrij voor nieuwe technieken of uitvindingen voor de circulaire economie. Bijvoorbeeld producten die ontworpen worden op een manier dat de onderdelen makkelijk uit elkaar gaan. Zodat de losse onderdelen of grondstoffen hergebruikt kunnen worden. Het kabinet wil graag dat Nederland in 2030 50% van de gebruikte materialen zoveel mogelijk hergebruikt. En afval zoveel mogelijk tot bruikbare grondstof verwerkt. Uiteindelijk is het doel dat Nederland in 2050 volledig circulair is. Dat is nodig omdat mensen meer grondstoffen gebruiken dan de aarde kan aanmaken.

Het geld gaat bijvoorbeeld naar mkb-ondernemers die een circulair product maken. Bijvoorbeeld bestrating die gemaakt is van oude bestrating. Er komt een fonds voor kennisontwikkeling en innovatie. Ook krijgen ondernemers hulp om hun bedrijf (meer) circulair te maken.

De oude bestrating van het station van Anna Paulowna (Noord-Holland) is verwerkt in het perron van Bunde (Limburg).

Ondernemerschap en innovatie

Het kabinet wil dat beginnende, vernieuwende bedrijven (start-ups) in Nederland zich goed kunnen ontwikkelen. En dat ze toegang hebben tot investeringen, geschikt personeel, kennis over onderzoeken, internationale markten en klanten. Daarom is er tussen 2019 en 2023 € 65 miljoen beschikbaar.

Het kabinet investeert jaarlijks € 10 miljoen in belangrijke technologie voor de toekomst. Voorbeelden van deze ‘sleuteltechnologieën’ zijn kunstmatige intelligentie, quantumtechnologie en biotechnologie. De komende jaren is er € 23,5 miljoen extra beschikbaar voor onderzoek naar kunstmatige intelligentie. Sleuteltechnologieën helpen om technieken te verbeteren of efficiënter te maken. Bijvoorbeeld duurzamere productie, meer digitale veiligheid of betere medicijnen. Het is goed voor de Nederlandse economie als zulke ontdekkingen in Nederland gedaan worden. Nederlandse bedrijven kunnen er dan ook weer geld aan verdienen.

Vanaf 2021 is er structureel € 2,5 miljoen beschikbaar voor het Digital Trust Center. Via dat centrum wil de Rijksoverheid midden- en kleinbedrijven (mkb) helpen om veilig digitaal te ondernemen. En om weerbaar te zijn tegen hackers, datalekken of online oplichters.