Hoe werkt DBFM(O)?

Bij DBFM(O) worden de verschillende fases in een project integraal in één contract aanbesteed. Met integratie van verschillende projectfasen ontstaan voordelen, zowel financieel als op kwaliteit. Naast overheidsorganisaties kunnen ook private partijen een DBFM(O) contract gebruiken bij het organiseren van bijvoorbeeld de eigen huisvesting.

Infographic DBFM(O)

Infographic DBFM(O) Initiatie-fase Voorbereidings-fase Aanbestedings-fase Realisatie-fase Exploitatie-fase Afrondings-fase

Initiatiefase DBFMO projecten

X
Initiatiefase

Tijdens de initiatiefase bepaalt het Rijk wat er bij het project komt kijken. Wat is er precies nodig, wat willen we hiermee bereiken, wat zijn de kosten en wat zijn de maatschappelijke effecten? Deze vragen staan centraal tijdens de initiatiefase van elk groot DBFMO-project van de overheid.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg.

Voorbereidingsfase DBFMO projecten

X
Voorbereidingsfase

Als het besluit is genomen om een project op te zetten, start de voorbereidingsfase. Tijdens deze fase stelt de opdrachtgever de ambities, het doel en de kritische succesfactoren van het DBFMO-project vast. Maar ook wat de verwachte kosten en risico’s, de contractvorm en de aanbestedingsstrategie zijn. Er wordt een conceptcontract opgesteld en de outputspecificaties worden vastgesteld.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg

Aanbestedingsfase DBFMO projecten

X
Aanbestedingsfase

In de aanbestedingsfase van een DBFMO-project vindt de selectie van het consortium plaats. De aanbesteding wordt aangekondigd en gegadigden kunnen zich melden. De opdrachtgever kiest uit alle gegadigden een aantal consortia die verder gaan met de concurrentiegerichte dialoog. Hierna kan het definitieve contract worden opgesteld. De gekozen contractpartner kan nu de afspraken met de banken definitief maken.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg

Realisatiefase DBFMO project

X
Realisatiefase

In de realisatiefase gaat de bouw van het DBFMO-project van start. Als de bouw is afgerond, ontvangt het consortium de mijlpaalbetaling.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg

Exploitatiefase DBFMO project

X
Exploitatiefase

In de exploitatiefase wordt het DBFMO-project voor een afgesproken periode geëxploiteerd door de opdrachtnemer. Doorgaans is dit 20 tot 30 jaar. Dat is de periode waarin het voor de opdrachtnemer economisch interessant is het contract aan te gaan. Onder exploitatie valt het beheer en onderhoud, de monitoring en de facilitaire dienstverlening van het object. In deze periode moet het contract gemanaged worden. Dit is contractmanagement.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg

Afrondingsfase DBFMO project

X
Afrondingsfase

Het DBFMO-project eindigt met deze laatste stap: de afrondingsfase. Na de beëindiging van het project en levering van de afgesproken diensten, draagt de opdrachtnemer het object weer over aan de opdrachtgever. In het contract staat aan welke opleveringseisen het project moet voldoen.

Met deze DBFMO-fase aan de slag? De achterliggende pagina’s helpen u op weg

Projectvennootschap van verschillende partijen

De verschillende aspecten van een project worden bij DBFM(O) integraal voor langere tijd (20 tot 25 jaar) uitbesteed aan verschillende partijen. Deze partijen verenigen zich in een projectvennootschap, dat speciaal voor de duur van het project is opgericht. Deze projectvennootschap treedt op als opdrachtnemer en is het primaire aanspreekpunt voor de opdrachtgever.

DBFM bij infrastructuurprojecten

Bij grote infrastructuurprojecten, zoals snelwegen en sluizen, wordt in Nederland in principe DBFM toegepast. De O van Operate van dergelijke infrastructurele werken wordt in Nederland zelden uitbesteed aan de markt, en blijft bij de overheid liggen. In het geval van de Rijksoverheid blijft Rijkswaterstaat beheerder van de infrastructuur.

DBFMO bij huisvestingsprojecten

Bij huisvestingsprojecten van de Rijksoverheid is er meestal sprake van DBFMO, waarbij het per project verschilt hoe groot het onderdeel Operate is. Bij dergelijke projecten kiest de Rijksoverheid er vaak wel voor om de exploitatie, zoals een facilitaire dienst, onderdeel uit te laten maken van de opdracht. 

Kenmerken van DBFM(O)-contracten

De belangrijkste kenmerken van DBFM(O)-contracten zijn:

  • De opdrachtgever betaalt (met een beschikbaarheidsvergoeding) de opdrachtnemer tijdens de looptijd van het project op basis van de beschikbaarheid van het product. Dus niet op basis van het opgeleverde product zelf. Hiermee neemt de opdrachtgever voor langere tijd een dienst af bij de opdrachtnemer en niet een product.
  • De opdrachtnemer richt een projectvennootschap op die de verplichtingen onder het DBFM(O)-contract aangaat en de verantwoordelijkheid draagt voor het project.
  • De projecten hebben een lange looptijd; de contracten kunnen wel 20 tot 30 jaar geldig zijn.
  • De reikwijdte (scope) van de projecten is vooraf goed te bepalen.
  • De projectrisico’s zijn doorgaans goed in te schatten en te beheersen door de opdrachtnemer.
  • De opdrachtnemer regelt de voorfinanciering van het project.

De Rijksoverheid werkt voor infrastructuurprojecten en huisvestingsprojecten met een standaard Modelovereenkomst DBFM(O).

Financiering en de waakhondfunctie

Kenmerkend voor een DBFM(O)-contract is de F van financiering. De overheid betaalt alleen op basis van beschikbaarheid, pas nadat het projectobject klaar is voor gebruik. Dit betekent dat de projectvennootschap zelf verantwoordelijk is voor de (voor)financiering voor het project. Er is dus geen voorfinanciering vanuit de overheid. 

De financieringsvorm bij een DBFM(O)-contract bestaat meestal uit een relatief klein percentage eigen vermogen en een relatief groot percentage vreemd vermogen. Financiers zoals banken of institutionele beleggers verstrekken veelal het vreemd vermogen. In ruil hiervoor willen deze financiers bepaalde zekerheden hebben. Zij zien daarom strikt toe op naleving van de voorwaarden en terugbetaling van de lening. Daarnaast bedingen leningverstrekkers bepaalde ‘step-in rights’, waarmee zij het project (deels) over kunnen nemen als het misgaat.

Deze waakzaamheid is voor de overheid een extra zekerheid dat de markt het project realiseert en exploiteert zoals in het contract is afgesproken. Daarom heet deze rol van de financiers bij een DBFM(O)-contract ook wel de ‘waakhondfunctie van de financiers’.