Minder uitval bij overgang naar mbo

Tijdens de overstap van vmbo, havo en vwo naar het mbo is de schooluitval hoog. Ook vallen veel jongeren uit in eerste leerjaar op het mbo. De uitval wordt wel minder, maar verdient nog extra aandacht.

Oorzaken hoge uitval mbo

De hoge uitval van jongeren die naar het mbo gaan heeft verschillende oorzaken:

  • jongeren melden zich helemaal niet aan voor een vervolg-opleiding;
  • jongeren zijn te laat met hun aanmelding, waardoor de opleiding al vol zit;
  • de opleiding is anders dan verwacht, waardoor jongeren snel afhaken.

Aanpak hoge uitval overgang naar het mbo

De overheid neemt verschillende maatregelen tegen de hoge uitval. Zo lopen er experimenten met een doorlopende route van vmbo naar het mbo. Denk hierbij aan de vakmanschaproute en de technologieroute. Deze leerroutes starten al in het derde jaar van het vmbo. Ze zorgen ervoor dat jongeren makkelijk doorstromen naar het mbo. Binnenkort worden deze doorlopende routes ook voor andere opleidingen mogelijk. Een ander voorbeeld van hulp die scholen en gemeenten kunnen bieden is begeleiding bij schoolkeuze. 

Landelijke aanmelddatum: 1 april

Het is goed als jongeren op tijd na gaan denken over schoolkeuze en aanmelding. Daarom is er een landelijke aanmelddatum voor het mbo ingevoerd: 1 april. In het hoger onderwijs zorgt zo'n vroege aanmelddatum voor minder uitval.

De nieuwe datum helpt ook om jongeren die zich nog niet hebben aangemeld, op tijd op te sporen en te begeleiden naar een vervolgopleiding. Jongeren die zich uiterlijk 1 april aanmelden, hebben recht op een studiekeuzeadvies. De mbo-instelling adviseert dan welke opleidingen goed passen. De jongere hoeft zich niet aan dit advies te houden.

Toelatingsrecht mbo

Jongeren hebben het recht om toegelaten te worden tot een mbo-opleiding. Voorwaarde is wel dat zij de juiste vooropleiding hebben, zich op tijd (dus uiterlijk 1 april) hebben aangemeld en dat ze hebben deelgenomen aan eventuele verplichte intakeactiviteiten. Alleen in uitzonderlijke gevallen mogen mbo-instellingen een beperking voor toelating opleggen. Bijvoorbeeld als een school een beperkt aantal plekken heeft of als het een opleiding met aanvullende eisen betreft. Dit geldt bijvoorbeeld voor een sportopleiding.